Over de aap en de slang

In Diepenbeek woonde jaren geleden een volksfiguur. Iedereen noemde hem Fump. Hij was een ongeëvenaarde opschepper. Het was zo karikaturesk dat het echt grappig was. Geen wonder dat ze in Diepenbeek denken dat Fump naar Amerika verhuisd is en zijn naam heel lichtjes gewijzigd heeft.

Als fatsoenlijk mens –laat staan als gelovige – kan je moeilijk applaudisseren wanneer de – ondertussen officieel aangestelde – Amerikaanse president een van zijn opschepperige, boertige, schunnige, of kwetsende uitspraken doet. Dan zwijgen we nog van de simplistische oplossingen die hij voorstelt om terrorisme en misdaad te bestrijden. Hoe komt het dan toch dat zoveel Amerikaanse christenen – roomskatholieken zowel als evangelicals – Donald J. Trump de beste keuze vinden? De hele familie van Billy Graham heeft zowat campagne voor hem gevoerd.

De reden daarvoor is te zoeken bij het enige alternatief: Hillary Clinton. Immers, Trump zou nooit de keuze van de christenen geweest zijn als er niet gekozen moest worden “tussen de pest en de cholera” of beter “de aap of de slang”. Als ik moet kiezen welk dier ik een nacht in mijn slaapkamer zou toelaten, dan weet ik het wel. Die overtuiging heeft vele christenen naar het stembureau gezogen. Immers, de libertijnse overtuigingen en de corrupte levensstijl van de Clintons wekten hun weerzin op. Trump zou klein bier zijn in vergelijking met de Clintons, die voor miljoenen dollars fraudeerden via hun politieke stichting, die ook bedenkelijke buitenlandse regimes steunde. Clinton had plannen klaarliggen om vrije abortus nog uit te breiden en op te leggen aan alle deelstaten.  Obama, de vriendelijke, galante president met de minzame First Lady, had hiervoor al de nodige benoemingen doorgevoerd in het hoogste gerechtshof. Bovendien was hij het die het homohuwelijk propageerde en doorvoerde.

De nieuwe Amerikaanse president, die door onze media wordt voorgesteld als de baarlijke duivel, is zeker niet de beste ooit, al vindt hij dat van zichzelf, maar we moeten hem meegeven dat hij zegt wat hij doet en vooralsnog doet wat hij zegt. Dat is beter dan vele presidenten met twee gezichten, die hem voorgingen. De eerste dag na de inauguratie tekende hij al enkele documenten, waarin hij afstand nam van internationale engagementen. We kunnen dat betreuren, maar hij had het voor de verkiezingen aangekondigd: “Day one…”. In een van die documenten – en dat heb ik niet van de media kunnen vernemen - schrapte hij de subsidies aan International Planned Parenthood - met andere woorden de abortuslobby - die oppermachtig was onder Obama.

Als ik mij politiek mag positioneren, meen ik dat ik eerder democraat ben dan republikein. Ik ben immers tegen de huidige vrije wapenwet, in de meeste gevallen tegen de doodstraf en voor een degelijke sociale zekerheid, die de meest behoeftige burgers dient. Nochtans vind ik dat de democraten het echt te bruin gebakken hebben en bovendien slechte verliezers zijn, die niet ophouden de president te bashen en zijn reactie vervolgens afkeuren.  Ze brengen zoveel mogelijk volk in de media en op straat om hun president af te kraken en dan verwijten ze hem dat hij degene is die verdeeldheid zaait. Hetzelfde zien we overigens bij ons: wanneer links de verkiezingen verliest en in de oppositie belandt, zijn er een hele regeerperiode lang stakingen. Er is niets nieuws onder de zon.

Misschien – en dat zouden onze media beter ook doen – is het de meest wijze houding om nu af te wachten en de nieuwe president van Amerika binnen enkele jaren te beoordelen op zijn beslissingen en zijn daden. Laten we hem nu nog even het voordeel van de twijfel gunnen. Paulus was vast ook geen fan van keizer Nero toen hij schreef: “Iedereen moet zich aan de overheid onderwerpen, want er is geen autoriteit die niet door God is ingesteld. Alle gezag komt van God. Als iemand zich tegen het gezag verzet, verzet hij zich eigenlijk tegen God.”(Rom.13:1-2)

Kris Vleugels

Christen ouders verliezen hun kinderen omdat ze hen opvoeden

Teken de petitie tegen het verwijderen van kinderen vanwege 'christelijke indoctrinatie'
Christelijke ouders in Noorwegen moesten recent hun vijf kinderen afstaan vanwege 'christelijke indoctrinatie'. Een internationale petitie om deze daad aan te vechten is inmiddels ruim 35.000 keer ondertekend. Ook is er een Facebook-pagina geopend om het gezin te steunen, melden diverse media.
De kinderbescherming kwam half november naar het christelijke gezin. De actie heeft internationaal onder christenen grote verontwaardiging losgemaakt, omdat er volgens de officiële documenten geen sprake is van fysieke mishandelingen. Ook zouden de kinderen zonder waarschuwing zijn weggehaald. De ouders mogen hun baby wekelijks twee keer twee uur zien. Een ontmoeting met de twee zonen is één keer per week mogelijk. Contact met de overige twee dochters is verboden.
De directeur van de basisschool van de kinderen zou dit alles in gang hebben gezet. De kinderen zouden af en toe een 'corrigerende tik' krijgen en worden opgevoed met het idee dat 'God de zonde straft'. De directeur benadrukte dat hij niet het idee heeft dat er sprake is van fysieke mishandeling.
Om het met de woorden van Jezus te zeggen:

"Blinde leiders, die de mug uitzift en de kameel doorslikt!"

DRAAGMOEDERSCHAP IS GEEN POLITIEKE PRIORITEIT VOOR DE BEVOLKING

Actie voor het Gezin, 3 nov 2015

Zonder vraag vanuit de samenleving zelf en onder druk van zeer minoritaire lobby’s heeft de Senaat besloten om zich te buigen over de mogelijkheden om draagmoederschap in een wettelijk kader te gieten. In het licht van deze ontwikkeling heeft Actie Gezin een opiniepeiling over draagmoederschap besteld bij Dedicated Research, uitgevoerd tussen 1 en 5 oktober op een steekproef van 1605 Belgen.

Slechts 49% van de ondervraagde mensen beweert op de hoogte te zijn van de problematiek betreffende draagmoederschap. Dit toont aan dat er bij de bevolking een groot gebrek aan informatie heerst over een praktijk die net de meest kwetsbare vrouwen blootstelt aan grote risico’s, zonder te spreken van de kinderen zelf, wiens onderhandelde geboorte voor altijd getekend zal zijn door het verdwijnen van de vrouw die hen heeft gedragen.

1/ Er is in België geen meerderheid ten voordele van draagmoederschap.

Slechts een minderheid van al de ondervraagde personen ondersteunt in principe het gebruik van draagmoeders. 43% Antwoordt eerder positief of volledig positief te staan tegenover draagmoederschap, terwijl 57% eerder negatief of  volledig negatief staat, of geen mening heeft. Er is dus geen meerderheid voor het toestaan van draagmoederschap in België. Het is betekenisvol dat 16% van de ondervraagden volledig en uit principe tegen draagmoederschap is, ofwel het dubbel van de 8% die er volledig voorstander van zijn. Deze resultaten variëren weinig van streek tot streek.

Het is ook interessant om op te merken dat bij mensen die geen kinderen hebben het percentage van antwoorden in het voordeel van draagmoederschap zakt tot 39%.

2/ Voor de meerderheid van de mensen is draagmoederschap geen politieke prioriteit

Een belangrijk resultaat is daarnaast dat de meerderheid van de ondervraagde personen, namelijk 52%, vindt dat een wetgeving over draagmoederschap GEEN prioriteit voor onze politiek is, tegenover de 27% die meent dat het wel zo is.

Gezien de resultaten van deze peiling  vraagt Actie gezin dat de samenleving op een objectieve manier geïnformeerd wordt over de reële risico’s van draagmoederschap, zowel voor de draagmoeders zelf als voor de kinderen die zo geboren worden. Daarbij moet verder worden gekeken dan de emoties en het terechte medeleven die worden opgewekt door de problemen van koppels die geconfronteerd worden met biologische steriliteit. Wat betreft de debatten in de Senaat en de Kamer is het belangrijk dat er meer hoorzittingen worden gehouden, vooral van vertegenwoordigers van vrouwenverenigingen. Het is ook belangrijk dat de getuigenis wordt gehoord van de draaagmoeders zelf die, zelfs met psychologische begeleiding, het soms erg moeilijk hebben om een zwangerschap voor kindsafstand tot het einde toe te volbrengen. De geloofwaardigheid van onze democratie staat hier op het spel.  

Bovendien is er geen enkele haast nodig om wetgeving te vormen in deze materie, want draagmoederschap is geen prioriteit in de ogen van de meerderheid van de Belgen. De actualiteit, zowel nationaal als internationaal, vereist dringende maatregelen die een groot aantal burgers rechtstreeks betreffen.

3/ Draagmoederschap is altijd commercieel

Het is een illusie om te geloven dat een wettelijke toelating van het zogenaamde “altruïstische” draagmoederschap enerzijds, samen met een verbod op iedere verloning anderzijds, in staat zal zijn om kinderhandel en uitbuiting van vrouwen te vermijden. Het toelaten van draagmoederschap zal zonder twijfel de vraag naar kinderen doen toenemen zonder dat het aanbod van vrouwen die bereid zijn om hun lichaam “gratis” ter beschikking te stellen zal volgen. Daaruit zal onvermijdelijk wèl volgen dat bepaalde mensen geld zullen aanbieden aan vrouwen, en dan waarschijnlijk aan vrouwen die al in de meest fragiele omstandigheden leven, om akkoord te gaan met een zwangerschap met voorgeprogrammeerd afstaan van het kind. En dat is dan nog zonder te spreken over de business die zal ontstaan rond draagmoederschap: dokters, apothekers, advocaten, psychologen, tussenpersonen en andere betaalde professionals. Bovendien zullen sommige mensen niet aarzelen, als de toelatingsvoorwaarden voor draagmoederschap te streng worden gehouden, om gebruik te maken van draagmoeders uit Indië of elders. Dat gebeurt nu al in landen waar draagmoederschap is gelegaliseerd, zoals Groot-Brittannië.  

 Hoe we het ook organiseren, draagmoederschap is onvermijdelijk commercieel. Het kan ook niet anders. Draagmoederschap komt er op neer dat vrouwen en kinderen beschouwd worden als produkten die kunnen worden gekocht en verkocht. Een “altruïstisch” of “ethisch” draagmoederschap bestaat gewoonweg niet. Actie gezin is van oordeel dat de enige werkelijk menselijke oplossing bestaat uit een wettelijke verbod op internationaal niveau van iedere vorm van draagmoederschap, zoals ook de socialistische Franse eerste minister Emmanuel Valls, de filosofen Michel Onfray en Sylviane Agacinsky, en de psychologe Catherine Dolto voorstellen. Enkel een dergelijk internationaal verbod kan een halt toeroepen aan de vrouwen- en kinderhandel.

Actie gezin is lid van de internationale organisatie No Maternity Traffic  die strijdt voor een internatinaal verbod op draagmoederschap.

Talrijke schenkers blijven ruimhartig onze acties ondersteunen. We danken ze hierbij van harte ! 

Actie gezin blijft regelmatig politieke mandatarissen uit verschillende partijen ontmoeten over onderwerpen als draagmoederschap en andere prangende vragen die het gezin betreffen.

Volg ons ook op onze Facebook-pagina
https://www.facebook.com/agafasbl

Bange christenen...

Kris Vleugels, 17 augustus 2015 

 

 

 

 

Is het u ook opgevallen?  Hoewel christenen zouden moeten weten dat ze een zekere toekomst tegemoet gaan, vallen ze ten prooi aan een groeiende ongerustheid. Ik zou het zelfs angst noemen. Misschien hebben ze goede redenen om bang te zijn. Angst heeft namelijk een functie. Het beschermt je tegen roekeloos gedrag. Het weerhoudt je ervan om het levensgevaar in de armen te lopen. Bomma zei  vroeger al: “Wie niet bang is krijgt ook slaag.” En ze had gelijk. Aan de andere kant weten we dat angst ook kan verlammen. Het is vaak een slechte raadgever.

Er zijn twee soorten bange christenen. De angst van de ene groep zou wel eens de oorzaak kunnen zijn  dat ze de andere groep in de steek laat.

De eerste groep kennen we het best. Dat zijn de westerse christenen die – zoals hun cultuurgenoten – angst hebben om hun welvaart te verliezen omdat ze die moeten delen met migranten, die onze streken overspoelen. Ze hebben schrik dat die goedkope werkkrachten hun job afpakken en de straten onveilig maken. Je wil  ’s avonds laat toch geen donker getinte kerels tegenkomen? Of stel dat je dochter het in haar hoofd haalt om iets te beginnen met een van die… neen, daar wil je niet aan denken. Bovendien zijn er steeds meer extremistische moslims die op elke straathoek een bom kunnen doen ontploffen. Je kan ze beter niet binnenlaten in ons Westerse paradijs. Al wat uit moslimgebieden hier naartoe komt, is verdacht en kunnen we maar best buiten houden.

De tweede groep zijn de christenen die al generaties lang in landen wonen waar ze een minderheid vormen tussen moslims. In de meeste gevallen is dat eeuwenlang goed gegaan. Ze werden met rust gelaten. Maar de laatste tijd vindt er een radicalisering plaats in zowat alle moslimgebieden. Christenen worden bedreigd en vermoord of onder valse voorwendsels opgesloten of uit hun huizen gedreven en kerken worden afgebrand. Er zijn er die kunnen ontsnappen door have en goed achter te laten in de hoop een land te bereiken waar ze liefdevol worden opgevangen door geloofsgenoten. Immers, dat zouden ze zelf ook doen als ze broeders en zusters in nood zouden zien. Ze zijn banger om daar te blijven dan om - met gevaar voor hun eigen leven en dat van hun gezin – te beginnen aan een hachelijke tocht. Ze moeten vaak fiks betalen aan mensen die beloven hen daar te brengen waar een goede job op hen wacht, ergens waar ze geholpen zullen worden, waar ze veilig kunnen wonen en hun kinderen zullen zien opgroeien tot liefdevolle christenen, die op hun beurt anderen in hun nood zullen helpen.

Mooi niet. De bange westerse christenen zetten hun regeringen onder druk om geen nieuwe vluchtelingen meer binnen te laten. De vluchtende christenen sterven op zee of in een verstikkende vrachtwagen. Of van de kou in het landingsgestel van een vliegtuig of op een bergpas in de sneeuw.

De angst wint het veel te vaak van de liefde. Gruwelijk gemiste kansen.

De liefde laat geen ruimte voor angst; volmaakte liefde sluit angst uit, want angst veronderstelt straf. In iemand die angst kent, is de liefde geen werkelijkheid geworden. 1 Johannes 4:18

Ward Kennes indiener van de resolutie over de Armeense genocide

Tussenkomst in het Vlaams Parlement bij resolutie Armeense genocide

 

Voorzitter

Collega’s

 

Gedurende vier jaren staan we intensief stil bij historische gebeurtenissen die verband houden met de Eerste Wereldoorlog. Ook deze week zijn er twee momenten waarvan de 100e verjaardag niet onopgemerkt voorbij kan gaan. Enerzijds het eerste gebruik van gifgas als wapen voor oorlogsvoering. En anderzijds het begin van de genocide op de Armeense bevolking in de nadagen van het Ottomaanse Rijk. Deze week wordt in Turkije ook de 100e verjaardag herdacht van de strijd om Gallipoli waar de geallieerden waren binnengevallen. En er zijn ongetwijfeld nog herinneringsmomenten die aan onze aandacht ontsnappen.

 

Maar de dramatische gebeurtenissen die in Klein-Azië het leven hebben gekost aan anderhalf miljoen Armeniërs maar waarbij ook Assyrische christenen, Pontische Grieken zijn van een bijzonder orde. Daarbij wil ik uiteraard ook respect opbrengen voor het leed van de  islamitische Turken die in de troebele oorlogsjaren het leven verloren, en in het bijzonder voor de Turkse Ottomanen zelf vervolgd zijn omdat ze weigerden mee te werken aan de vervolging van hun landgenoten.

 

Het Europees Parlement, de Belgische Senaat in 1998, en vele parlementen  hebben deze feiten gecatalogeerd als genocide. Een aantal Europese staten hebben het ontkennen van deze genocide zelfs strafbaar gesteld. Wat internationaalrechtelijk onder dit begrip wordt verstaan is omschreven in artikel 2 van het Verdrag inzake de voorkoming en de bestraffing van genocide van 1948. Ook de Europese Volkspartij heeft op 3 maart van dit jaar een resolutie goedgekeurd over ‘de Armeense genocide en Europese waarden’. Momenteel wordt hiervoor in de Duitse Bundestag een initiatief genomen en ook paus Franciscus heeft eerder deze maand reeds de slachtoffers herdacht en sprak daarbij over de eerste grote genocide van de 20e eeuw.

 

Helaas zijn er in de loop van de 20e eeuw op meerdere continenten gruweldaden gepleegd die onder deze definitie vallen.  Zij zijn zo ernstig dat het gepast is om er zeker naar aanleiding van een 100e verjaardag wereldwijd bij stil te staan.

 

Gelukkig is er de voorbije jaren ook in Turkije een positieve trend waar te nemen om de gebeurtenissen die zich afspeelden in 1915 en de daarop volgende jaren met meer openheid te benaderen en bespreekbaar te maken. Turkije heeft in 2005 voorgesteld dat een internationale commissie zich zou buigen over alle beschikbare bronnen om tot een gemeenschappelijke conclusie te komen. En in een verklaring deze week heeft de Turkse premier een belangwekkende verklaring afgelegd waarvan ik vooral de volgende elementen onthoudt, en ik citeer:

 

  • “Het herdenken van de onschuldige Ottomaanse Armeniërs die het leven verloren en het betuigen van medeleven aan hun afstammelingen

  • Het opnemen van de historische en humane plicht van Turkije om de herinnering aan de Ottomaanse Armeniërs en hun cultureel erfgoed te bewaren

  • Een religieuze dienst op 24 april in het Armeense patriarchaat waar ‘Ottoman Armenians will be remembered in Turkey, just as they will be across the world.”

 

Ik vind het belangrijk om naar deze verklaring te verwijzen omdat het erkennen en herdenken van de Armeense genocide niet mag worden geduid als een actie, laat staan een samenzwering, gericht tegen de moderne Turkse staat die in 1923 na de feiten is tot stand gekomen, noch tegen de Turkse regering, noch tegen het Turkse volk. Turkije is een bevriende natie. De Turken en in het bijzonder de Vlamingen van Turkse afkomt zijn onze vrienden! Net zoals de Armeniërs en de Vlamingen van Armeense afkomst onze vrienden zijn. Het herdenken van tragische gebeurtenissen mag niet worden misbruikt om naties, volkeren of mensen tegen elkaar op te zetten. Maar zoals de resolutie stelt: “het is van cruciaal belang om de herinnering aan het verleden levend te houden, aangezien er geen verzoening kan zijn zonder waarheid en herdenking”.

 

 

Voorzitter, ik betreur dat de uitgestoken hand om een dergelijk initiatief net zoals in het Europees Parlement met een zeer ruim draagvlak in te dienen, niet is aangenomen. Ik nodig de betrokken collega’s uit om vanavond voor het slapen gaan toch eens in de spiegel te kijken.

 

Het herdenken van een genocide is niet gericht tegen een volk maar wil recht doen aan de slachtoffers en de historische feiten, en wil vooral uit de zwaarste fouten die binnen de mensheid zijn begaan lessen trekken voor de toekomst. Opdat een gedeeltelijke of gehele vernietiging van zoals het verdrag het verwoordt “een nationale, etnologische, godsdienstige of rassengroep” niet meer zal gebeuren.

 

Het komt Europese parlementen niet toe om wereldwijd betweterig goede en slechte punten uit te delen. Ook ons continent is het toneel geweest van oorlog, gruwel en genocide. Maar het Europese project is de vrucht van een succesvolle verzoening tussen naties die mekaar hebben uitgemoord. Anderen uitnodigen om zich te laten inspireren door dit proces is precies wel een van de lessen die we zelf uit het verleden hebben getrokken en die we met  bevriende volkeren willen delen.

 

Ward Kennes

Vlaams volksvertegenwoordiger

Na 25 jaar abortuswet...

Naar aanleiding van dit bedenkelijk jubileum, willen de abortuscentra - die maar mooi geld verdienen aan vrouwen in nood - de abortuswet aanpassen. Ze willen de bedenktijd eruit (vrouwen zouden zich eens kunnen bedenken - stel je voor - en geld gaat dan aan hun neus voorbij).

De leeftijd waarop een het kind in de moederschoot gedood mag worden, moet ook verhoogd. Daar schijnen ze een goede reden voor te hebben: het abortustoerisme naar Nederland. Weer kostbare centen die de abortuscentra tussen de vingers zien glippen...

 

Jaren geleden klaagde men in Nederland over de groeiende overlast van Belgische drugstoeristen. De ultraliberale drugswet werd in vraag gesteld. Dus reageerde men in België dat hier de wet moest worden aangepast: meer drugs.
Vandaag klaagt Nederland over teveel abortustoeristen. Nederlandse Politici vragen zich openlijk af of hun wetgeving rond abortus niet te verregaand is. Reactie in België: “Onze abortuswet is achterhaald en moet versoepeld worden!”
Wat gaat er gebeuren wanneer Nederland de vrije wapenverkoop toelaat en er steeds meer Belgen in Nederland een wapen aanschaffen?

Zijn onze politici zo achterlijk dat ze hierop ingaan? We zijn benieuwd...

Kris Vleugels

KAMERDEBATTEN KINDEREUTHANASIE: MORELE VERANTWOORDELIJKHEID CD&V EN CDH

Brussel, januari 2014. De Kamerdebatten over kindereuthanasie en de voorziene stemmingen zijn al van start gegaan in de Kamercommissie op 16 januari ll. De alternatieve meerderheid laat er geen gras over groeien. Het ‘symbool’ dossier dat geen deel uitmaakt van het regeerakkoord lijkt in een ijltempo te worden doorgedrukt. Een grote lange termijn verantwoordelijkheid rust op de schouders van de omzeilde regeringspartners CD&V en CDH. Zijn dergelijke thema’s nog een regeringscrisis waard? ‘Juist wel’, aldus Kris Vleugels voorzitter van C’axent, de beweging voor meer christelijke waarden in de politiek. ‘Lange termijn sociaal engagement is geworteld in diepe morele overtuigingen. De onverschillige ik-gerichte maakbaarheidscultuur neemt een loopje met beide.’

 

Wisselmeerderheid

Na afloop van de langste regeringsvorming ooit, tot stand gekomen met de meest precaire evenwichten, is het blijkbaar plots tijd om voor een levensvraagstuk van partner te wisselen. In het jaar van de verkiezingen een dergelijk vraagstuk te willen doordrukken, vlak na de afronding van de zesde staatshervorming, is op zijn zachts gezegd onbehoorlijk. Het is ook de vraag welke invloed dit kan hebben op de regeringssamenstelling na die moeder aller verkiezingen. CD§V voorzitter Wouter Beke voelde zich samen met zijn partij dus niet voor niets geprikkeld. De oplossing ligt niet in nieuwe wisselmeerderheden mèt de CD&V over andere onderwerpen. Maar in de solidariteit tussen de regeringspartners. Vlaams Minister-President Kris Peeters merkt dat terecht op. De logica van deze excellentie impliceert terecht dat CD&V - samen met CDH- de steun aan de regering Di Ruppo moet terug trekken.

 

N-VA

Voorzitter Bart De Wever van de NV-A, die de wisselmeerderheid doorslaggevend versterkt ten gunste van kindereuthanasie rekent ‘de Joods-Christelijke waarden tot de onterecht weggehakte tradities die de basis zouden moeten vormen van een 'Europese spirituele herbronning'. (Bron DS: Essay BdW, 8 okt. ’11). Dat klinkt een bepaald keizerspubliek als muziek in de oren. Het is C’axent een raadsel hoe N-VA deze uitspraak rijmt met haar steun aan dit wetsvoorstel.

 

Morele bezwaren

Alle christelijke kerkgemeenschappen in België, gesteund door de Moslims, geven aan dat “Euthanasie van kwetsbare mensen, kinderen of mensen met dementie, radicaal in strijd is met hun menselijke waardigheid”. Mgr. Renzo Pegoraro, de kanselier van de pauselijke Academie voor het Leven, hoopt dat er meer publiek debat komt over deze zaak van leven en dood. ‘Kinderen worden sterk beïnvloed door de psychologische en fysieke effecten van een ziekte. Kindereuthanasie is een perversie van de barmhartigheid,’ aldus Pegoraro.

 

Survival of the fittest wetgeving

Het ontwerp van de meest liberale euthanasie wetgeving veronachtzaamt het lange termijn denken.

‘Het 'doodsrecht' in een nog verder uitgebreide wet gieten kan en zal o.i. leiden tot bv. eigen kinderen die wachten op de erfeniscenten van hun dementerende moeder, die dan 'vrijwillig' kiest of gekozen heeft voor het spuitje; 85 plussers die straks geen gesubsidieerde medische operaties meer kunnen ondergaan -mening 40% van de Vlamingen/Onderzoek Socialistische Mutualiteiten- en 'vrijwillig' voor het spuitje kiezen; depressieve tieners die standvastigheid missen en zichzelf in wanhoop tot het onomkeerbare richten, eenzamen voor wie niemand meer zorgt, die 'vrijwillig', enz... Het is voor ons het ultieme bewijs dat de survival of the fittest maatschappij zich uiteindelijk meedogenloos uiten zal’, aldus C’axent.

 

Alternatieven

Terwijl de medische wetenschap de meest gesofisticeerde pijnbestrijdings- en comamiddelen ontwikkelt, de Vlaamse en Belgische zorg tot de allerbeste van de wereld behoort en de palliatieve zorgen hier al een lange geschiedenis hebben, wordt het leven steeds meer actief afgesneden.

Juist door de ‘levenswaardigheid’ van ieder mens kan actieve levensbeëindiging voor C’axent voorkomen worden door ‘totaalzorg vanuit een holistisch kader’, inclusief de fysische en de psychisch/ geestelijke pijnbestrijding en het verhogen van het welbevinden in die uiterst moeilijke periode voor ieder mens. Dat doet bovendien recht aan het begrip ‘geneeskunde’, dat wereldwijd nog steeds geworteld is in het beter maken, niet in het doden van een mens.

VERWERPELIJKE DUIDING VRT JOURNAAL BOSTONBOMMEN

In oude tijden bestonden journaals en nieuwsuitzendingen uit het weergeven van feiten. Er werd zeer omzichtig omgesprongen met conclusies, zeker zolang het niet duidelijk was wie waarom wat gedaan had. In onze moderne tijden wordt de duiding, die m.i. fundamenteel thuishoort in duidingsprogramma’s, het journaal binnengehaald. Met alle schadelijke gevolgen
die daarmee verband houden.

Zo ook het VRT avondjournaal van afgelopen maandag, 15 april (19u), waar Amerikakenner, specialist of hoe je de man ook wil noemen, de heer Bjorn Soenens duiding gaf bij de mogelijke daders van de gruwelijke aanslagen bij de finish van de Boston marathon afgelopen week.

De heer Soenens gaf aan nog weinig te kunnen zeggen over de uitkomst. Maar hij wist wel dat er potentiële daders zouden kunnen rondlopen in kringen van ‘rechts’, het ‘Amerikaanse platteland’, waar veel ‘onvrede’ heerst. In de kringen van mensen die ‘tegen abortus zijn en tegen het homohuwelijk’,… ‘Rechtse haatradio’s’ zouden dit voeden… Inmiddels werden de
beide – overigens vermoedelijke- daders dood en levend gevat. Het gaat om geradicaliseerde Moslim Tsjetsjenen, die al lang in de VS verbleven… Wat me erg stoort aan dit alles is het gegeven dat ‘objectief verslag’ totaal overschaduwd wordt door feitelijk niet waar te maken duiding binnen een ‘neutraal’ door ons belastinggeld gefinancierd journaal. 

Het gaat mij hierom niet zo zeer over ‘links’ of ‘rechts’. Maar over de onheuse beïnvloeding van honderdduizenden kijkers in een bepaalde richting.

Wanneer in een duidingsrubriek na het nieuws alle mogelijke scenario’s besproken zouden worden, inclusief die van Soenens en die van mensen die menen dat het om Moslimterrorisme’ of om een ‘onterecht ontslagen Amerikaan’ zou kunnen gaan, dan zou mij dat niet storen. Nu wel!

Potentieel is deze manier van berichtgeving – als je het maar vaak genoeg herhaalt - funest voor een integer berichtgevingsproces.

De meer dan 55 miljoen abortussen in de VS, sinds de legalisering ervan in diverse staten, worden – naar ik meen – door niemand betwist. 

Er lopen dus 55 miljoen mensen rond in de VS, die hun ongeboren kind hebben laten doden. Degenen die daar tegen zijn, zouden volgens dhr. Soenens potentiële bommenleggers zijn. Ik snap de redenering niet. Ik ben tegen abortus, dus een mogelijk gevaar voor de samenleving. Hoe lang mag ik die mening nog uiten in het openbaar?

De vervolging van de van gruweldaden verdachte abortusarts Kermit B. Gosnell, MD is zeer groot nieuws in de VS, zowel bij voor- als tegenstanders van abortus. Hier hoor of lees je er haast niets over…   (Bron Wiki English) “Kermit B. Gosnell  (born February 9, 1941) is an American physician who practiced as an abortion provider in Philadelphia and nearby states between 1972 and 2011; and as of April 2013 is on trial for first and third degree murder, illegal prescribing of drugs, conspiracy related to corruption, and illegal abortions and related
medical malpractice offenses, at his abortion practice.   “

Merkwaardig toch? Waarom zou het VRT Journaal iemand uit een dergelijk (‘links’?) milieu, waar er klare aanwijzingen zijn om over te gaan tot veroordeling voor moord, niet als potentiële verdachte voor de Boston aanklachten kunnen zien?            Luc Borkes, C’axent

Altijd koopzondag bedreigt menselijke waardigheid

Deken Mathieu Hanneman: “Altijd koopzondag bedreigt menselijke waardigheid

19 January 2013 


Deken Mathieu Hanneman

De komende raadsvergadering – dinsdag 22 januari – staat het onderwerp ‘koopzondag’ hoog op de agenda.  De grootste oppositiepartij, CDA,  is absoluut tegen het voornemen van het college dat de koopzondagen het gehele jaar door plaats gaan vinden.  De christendemocraten vinden dat zowel uit economische als immateriële motieven niet goed voor stad en mens.  Zondagsrust staat voor het CDA nog altijd hoog in het vaandel geschreven.  De waarschijnlijkheid is groot dat dinsdag een meerderheid van de gemeenteraad kiest voor het openbreken van de winkeltijden.  De fractie van het CDA probeert dit weekend nog een keer de collega gemeenteraadsleden op andere gedachte te brengen.  Maandag aanstaande staat in het parochieblad van de Sint Servaas een artikel van deken Mathieu Hanneman.  Daarin stelt hij vast dat het hele jaar door koopzondagen de mens alleen nog maar door het leven gaat als producent en consument.   “Ik denk dat zo’n mensbeeld op den duur ’s mensen waardigheid bedreigt,” zegt de deken over de door hem en het CDA gevreesde ontwikkeling. 

De volledige tekst van deken Mathieu Hanneman treft u onderstaand aan.

Maastricht debatteert over of we de winkels op alle zondagen moeten open houden. Ik ben voor sluiten. Als we op zondag de winkels open houden is de zondag een dag als alle andere dagen. Dan wordt de ene mens gereduceerd tot zijn arbeidende dimensie en de andere mens tot een consumerend wezen. In een materialistische maatschappij is dit natuurlijk normaal. De mens moet presteren en consumeren. Winst is waarvoor wij gaan! Behoeften moeten bevredigd worden!

Bovendien: het is crisis! Als we de winkels niet open houden, hebben we het nakijken. Hasselt en Aken en Luik moeten we voor zijn…

Zo’n redenering reduceert, naar mijn overtuiging, de mens in feite tot een wezen dat enkel geïnteresseerd is in zijn materiële behoeften en dus voor alles consument is. Ik denk dat zo’n mensbeeld op den duur ’s mensen waardigheid bedreigt.

De mens leeft niet van brood alleen! Hij is meer dan een arbeider, een producent of consument.

Alle culturen worden gekenmerkt door een bepaalde ordening van de tijd. Wil de mens zich ontwikkelen en realiseren in het kader van de tijd, zal hij de tijd moeten indelen of ordenen. Door deze ordening getuigt de mens van zijn waardigheid en uniciteit. Hij is heer en meester over de tijd en niet andersom. De opdeling van de tijd in dagen, weken, maanden en jaren is gedeeltelijk op de natuur gebaseerd, maar evenzo schept de mens in die tijd de ruimte voor zijn economische, sociale en religieuze leven.

De zondag heeft in het Westen een bijzondere betekenis gekregen. Na het ritme van diverse werkdagen is de zondag een rustdag geworden. Die rustdag waarborgt dat de mens niet leeft om te werken. De zondag signaleert dat een mens niet gereduceerd mag worden tot een louter materialistisch wezen. Naast arbeider, producent en consument is de mens ook een sociaal wezen: gericht op samenspraak en ontmoeting, in gezins- en familieverband, in sport en vereniging. Voor christenen is  de zondag bovendien gereserveerd voor het zich bewust blijven van een hogere bestemming.

De louter economische benadering van het menselijke leven zoals die zich in onze dagen doorzet, vind ik getuigen van een verkeerd mensbeeld.  Een dergelijk mensbeeld vernietigt op den duur de menselijke waardigheid. 

Soms voelen we het nog met z’n allen aan, dat je als gemeenschap op bepaalde tijden niet moet werken en produceren, winkelen en consumeren: bij de dodenherdenking op 4 mei en op Kerstavond en –morgen.

In een wereld op zoek naar verdieping, zingeving en hoop, zou de arbeidsvrije en winkeldichte zondag een signaal afgeven aan de huidige mens zich bewust te worden/blijven van zijn waardigheid.

Maar waarschijnlijk ben ik een roepende in de woestijn en voor velen geen gesprekspartner. Desondanks, gun ik allen het beste…

Pastoor-Deken Mathieu Hanneman

Di Rupo en de islamofobie

• Bron : De Standaard, maandag 01 oktober 2012

• Column Mia Doornaert

‘La Belgique condamne l'islamophobie'. Dixit vorige week Elio di Rupo in zijn toespraak tot de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties. Wat in godsnaam bezielde de premier die obscurantistische uitdrukking op te nemen in een toespraak die voor de rest sterk door de Verlichting versie 21ste eeuw geïnspireerd was? Om te beginnen strookt die term al niet met de lijn van zijn eigen partij. De PS is hevig antiklerikaal. Ze heeft dan ook nooit een probleem gehad met spot en hoon, met blasfemische tekeningen of films tegen de Kerk van Rome, tegen het christendom. Ze heeft het nooit nodig gevonden te waarschuwen voor ‘christianofobie', ook niet ten aanzien van een moslimwereld waar het grootste deel van het rijke christelijke erfgoed ongenadig is vernield. En waar religieuze minderheden vandaag een zeer kwetsbaar en gediscrimineerd bestaan leiden, voor zover ze niet uitgemoord werden. Op basis van welk principe zou dan kritiek op of spot met de islam wel verboden moeten zijn? Op basis van welk principe mag je lachen met la calotte maar niet met les barbus in landen waar het snel groeiend aantal moskeeën toch niet van ‘islamofobie' getuigt? Het kan niet genoeg herhaald worden: de verderfelijke term islamofobie is uitgevonden door fundamentalistische regimes als het Iraanse, en is een wapen tegen gematigde moslims die de vrijheid opeisen de koran kritisch te lezen en te bevragen. De term dient om moderne moslims te vervolgen als vijanden van de islam. Dat is het perverse wanneer westerse leiders die term klakkeloos overnemen: ze steunen zo de meest reactionaire moslims. Dat het concept ‘islamofobie' bedoeld is om onze vrije meningsuiting aan banden te leggen, ook hier, blijkt telkens weer. Kijk maar naar de uitzinnige betogingen destijds in heel de moslimwereld, met honderd doden als gevolg, tegen twaalf cartoons in een Deense krant, cartoons die de betogers overigens nooit gezien hadden. Kijk afgelopen maand naar de moord op de Amerikaanse ambassadeur en drie andere Amerikanen in Libië, en de hevige betogingen in de rest van de moslimwereld, wegens één onnozel filmpje op Youtube, een filmpje dat al lang bestond en door fanatici gebruikt is om op te hitsen tot geweld. Dat het zo gemakkelijk is moslimbevolkingen in de naam van Allah tot haatbetogingen tegen Amerika, tegen het Westen, tegen vrijheid op te zwepen, zegt ook wel iets over de mentaliteit in de moslimlanden. En neen, armoede is niet de reden; dat cliché hebben we nu vaak genoeg gehoord. Er bestaan andere landen en regio's met zware armoede, maar die uit zich niet in fanatisme, en probeert niet een wereldwijde censuur af te dwingen. Zorgwekkend hoe sterk die censuur al aan het werk is. Cartoons en spot over de islam zijn geen vrije meningsuiting meer, maar ‘provocatie'. De schrik om islamofoob te lijken, leidde tot een verstikkend ‘progressief' conformisme in onze pers: over het Westen en Israël zijn ze ongenadig, over de moslimwereld vergoelijkend. Een paar jaar geleden was het nog onbehoorlijk op Belgische en Europese colloquia te zeggen dat Turkije, een land waar ‘Mein Kampf' een beststeller is en haatpropaganda tegen de joden verspreid wordt, niet bij de Europese Unie hoort. Ook al zijn dat feiten, je hoorde het niet te zeggen anders was je een islamofoob. Pas nu de Turkse media een week lang een reclamefilmpje toonden waarin Adolf Hitler shampoo voor ‘echte mannen' aanprijst, is er enig alarm. Net zo incorrect was het om te voorspellen dat de ‘Arabische lente' geen democratie en vrijheid zou voortbrengen in landen die daar geen of zeer weinig ervaring mee hebben. Of om te zeggen dat heel veel betogers op het Tahrirplein van Caïro niet voor een seculiere democratie demonstreerden maar voor invoering van de sharia en een islamitische maatschappij. Of om bezorgd te zijn over de overwinningen van ‘gematigde' moslimpartijen in Egypte en Tunesië. Ondertussen zijn de gevolgen al zichtbaar voor wie ze wil zien. Elio di Rupo had beter gezwegen over ‘islamofobie' en de echte democraten in de Arabische wereld gesteund. Want die seculiere democraten staan aan groeiende vervolging bloot, juist wegens hun vermeende ‘islamofobie'.

Tertio over Breivik

TERTIO: ‘BREIVIK IS GEEN CHRISTEN MAAR EEN BIZAR EN DOLGEDRAAID IDEOLOOG’

 

BRUSSEL (KerkNet/Tertio) - De Noor Anders Behring Breivik, de pleger van de verwoestende aanslagen in Oslo en Utoya, werd in een van de eerste politiebriefings een 'fundamentalistisch christen' genoemd. “Een christen? Een kwalijke fout, want de videoclip en het vuistdikke manifest dat de man vlak voor zijn onheilsdaden postte, maken duidelijk dat hij weinig of niets met authentieke religie te maken heeft, maar veeleer een bizar en dolgedraaid ideoloog is”, betoogt hoofdredacteur Peter Vande Vyvere in zijn column in Tertio.
Vande Vyvere noemt de uitschuiver van de Noorse politie niet geheel onbegrijpelijk, maar toch wel pijnlijk. De man is allereerst een onversneden islamhater, die zichzelf ziet als de voorman van een genootschap van tempelridders die de islam uit Europa wil verdrijven. In zijn wereldbeeld is er hoogstens plaats voor een soort verlicht christendom, waaruit duidelijk blijkt dat hij geen gelovige is, maar een ideoloog. “De verwarring van beide posities zorgt in het culturele debat van onze tijd wel vaker voor misverstanden. Als je het christendom reduceert tot een cultuur, ethiek of politiek systeem maak je er een gestold patroon van gebruiken, overtuigingen en denkbeelden van ten dienste van je identiteit. Dat is ideologie. En die kan worden ingezet in de strijd tegen de ander. Mutatis mutandis geldt dat ook voor het jodendom en voor de islam.”
Vande Vyvere besluit: “Geen enkel heilig geschrift, geen enkele authentieke religieuze gemeenschap of religieuze leider legitimeert een kille moordpartij op onschuldige jongeren om de heersende ideologie aan de kaak te stellen. Zoiets kan alleen voortspruiten uit het brein van een dolgedraaide en perverse geest. Met religie heeft het niets te maken en alvast zeker niet met het christelijke geloof.”

De integrale tekst van het ‘Standpunt’ van Peter Vande Vyvere in Tertio van woensdag 27 juli:

 

Europa in gevaar?

U hebt niets met Europa te maken?

 

Sinds een zestal jaar ben ik intensief betrokken bij het werk van de European Christian Political Movement, kortweg ECPM. Het gaat om christen politici uit bijna alle Europese staten, binnen en buiten de EU, die zich hebben verenigd om het tij te keren. Er is immers een regelrechte en volgehouden aanval bezig op alles wat christelijk is in dit continent. Ik hoor u al denken: “weer zo’n christelijke complottheorie...pff”. Misschien hebt u gelijk, maar het gaat dan wel om een aantoonbare theorie. ECPM zit – vooral sinds we ruim een jaar geleden door het Europees Parlement erkend werden - met haar neus op de feiten. We zien het dus
voor onze ogen gebeuren.

Iedereen die de Belgische politiek van de afgelopen 25 jaar heeft gevolgd, weet dat onze
wetgeving er op het vlak van christelijke normen en waarden niet bepaald op vooruitgegaan is. Wel, dezelfde krachten die achter de Belgische abortuswet, euthanasiewet, antidiscriminatiewet, embryowet, homohuwelijk- en homoadoptiewet hebben gezeten, en zo bezig zijn het natuurlijke gezin en het leven zelf te ontwrichten, zijn eveneens actief in de andere Europese landen. En nu richten ze zelfs hun aanvallen tegen landen die kandidaat zijn om lid te worden van de Europese Unie. Er zijn lobbyisten aan het werk in Europa, die zich voordoen als officials, maar ook Eurocraten en verkozenen die hun functie misbruiken om hun mening of die van hun partij of lobbygroep op te dringen. Hun methode om deze landen snel te doen overgaan tot een zeer libertaire wetgeving bestaat erin om de betrokken regeringen onder druk te zetten met het voorwendsel dat ze niet aanvaard zullen worden als lid van de EU als ze hun wetgeving niet aanpassen op de manier die zij hen voorhouden. In de “wachtkamer” van de de EU zitten zenuwachtige regeringen die alles zouden doen om aanvaard te worden en snel te kunnen aansluiten. Daarom zijn ze zo kwetsbaar.

Ondertussen gaan christenen in heel Europa over tot de orde van de dag, “... etende en drinkende, huwende en ten huwelijk gevende, tot op de dag, waarop Noach in de ark ging, en zij niets bemerkten, eer de zondvloed kwam en hen allen wegnam...” (Mat.24:38b-39a). Ze beseffen niet welk gevaar er op hen afkomt, omdat ze zich niet informeren en zich niet of nauwelijks wensen bezig te houden met politiek. Om voorbereid te zijn op de tijd – en die is dichterbij dan u denkt – dat christenen vervolgd worden omdat ze ‘onverdraagzaam zijn en de mensenrechten schenden’, kunnen we ons best informeren over de stand van zaken en – daar waar mogelijk – trachten het tij te keren. Dat is wat C’axent doet in Vlaanderen en met ECPM doen we dit in Europa. Maar onze inspanningen staan of vallen met de mate van steun van Gods volk. Als er geen gebedscordon rond deze inspanningen wordt getrokken, zijn ze waardeloos. Als we niet bewuster de geestelijke strijd aangaan, ook door onze jeugd aan te vuren om hun studies te richten op beïnvloedings- en beslissingsorganen van de samenleving (politiek, media, wetenschappelijk onderzoek, gerecht, onderwijs) en er zelf zo veel
mogelijk actief te zijn, verliezen we de strijd. Ik wil geen paniek uitlokken, maar we moeten dringend wakker geschud worden uit een diepe geestelijke slaap. “Neem geen deel aan de onvruchtbare praktijken van de duisternis, stel ze liever aan de kaak. Want wat deze mensen
in het geheim uitvoeren, is zo schandelijk dat men er maar beter niet over kan spreken. Alles wat door het licht aan de kaak wordt gesteld, wordt openbaar. En alles wat openbaar wordt, is licht. Daarom wordt gezegd: Ontwaak, slaper, sta op uit de doden, en Christus zal over u stralen.  Let dus nauwkeurig op, hoe u zich gedraagt: niet als dwazen maar als verstandige mensen. Benut de gunstige gelegenheid, want de tijden zijn slecht
. (Ef.5:11-16).

Omdat we de vrijheid willen behouden om te kunnen zeggen wat God zegt - ook in het openbaar - is het nodig dat we die vrijheid verdedigen. Ik roep u daarom op om u dringend te bezinnen over uw eigen betrokkenheid en verantwoordelijkheid in deze geestelijke strijd. Zou het niet jammer zijn als we binnen enkele jaren de christenen in Iran zouden moeten benijden om de vrijheid die ze hebben om hun geloof te beleven, terwijl we nu iets kunnen doen aan zowel onze als hun positie in de samenleving?

Kris Vleugels,

Voorzitter C’axent, vice-president ECPM

 

Democratie versus Relativisme: Waarom is radicaal secularisme een rode draad in onze samenleving?

Bron: Europe4Christ.net, 5 mei 2011

Onderstaande tekst is een samenvatting van een hoofdstuk onder de titel "Leven in de waarheid: christelijke missie in de nieuwe wereldorde" door aartsbisschop Charles Chaput uit het boek "Exiting a Dead End Road. A GPS for Christians in Public Discourse" uitgegeven bij Kairos Publications in Wenen.

In zijn bijdrage voor het boek legt de aartsbisschop van Denver uit waarom de
scheiding tussen Kerk en staat niet het radicaal seculariseren van het openbare
leven betekent.

Vind hieronder een samenvatting van zijn artikel en download het hele artikel hier.

 

Democratie versus Relativisme: Waarom is radicaal secularisme een rode draad in onze samenleving?

 

Twee van de grootste leugens in de wereld van vandaag zijn dat het
christendom van relatief ondergeschikt belang was voor de ontwikkeling van het
Westen en dat de westerse waarden en instellingen volgehouden kunnen worden
zonder dat ze op christelijke morele principes gefundeerd zijn.

 

De westerse beschaving kan niet worden begrepen zonder de 20 eeuwen van
christelijke omkadering waarin ze zich ontwikkelde. Een volk dat haar
geschiedenis niet kent, kent zichzelf niet. Mensen die vergeten wie ze zijn,
kunnen gemakkelijk gemanipuleerd worden. Onze samenlevingen zijn christelijk
door geboorte, en hun overleven hangt af van het uithoudingsvermogen van de
christelijke waarden. Onze basisbeginselen en politieke instellingen zijn, in
grote mate, gebaseerd op de moraal van het evangelie, de christelijke visie op
mens en overheid en de waardigheid van de menselijke persoon. Neem Christus weg
en u neemt de enige betrouwbare basis voor onze waarden, instituten en manier
van leven weg. Vandaag worden de geschiedenis van de Kerk en de erfenis van het
westerse christendom weggeduwd. Maar onverschillig zijn ten opzichte van ons
christelijke verleden draagt niet bij tot het verdedigen van onze waarden en
instellingen in het heden.

Relativisme is nu de burgerlijke religie en publieke filosofie van het
Westen
. Gezien het pluralisme van de moderne wereld willen samenlevingen
bevestigen dat niet één persoon of een groep een monopolie op de waarheid heeft
en dat alle culturen en religies als gelijkwaardig gerespecteerd moeten worden.
In de praktijk zien we echter dat onze politieke instellingen en taal zonder
een geloof in vaste morele principes en transcendente waarheden uitgroeien tot
instrumenten in dienst van een nieuwe barbarij. In naam van de tolerantie komen
we ertoe de wreedste intolerantie te tolereren. Respect voor andere culturen
komt eisen dat we onze eigen cultuur geringschatten. De leer van "leven en
laten leven" rechtvaardigt dat de sterken ten koste van de zwakken leven.
Abortus, kindermoord en euthanasie, embryonaal onderzoek en eugenetische
verleidingen zijn gericht op het elimineren van de zwakken, de gehandicapten en
de zieke ouderen. Zonder verankering in God of een hogere waarheid kunnen onze
democratische instellingen heel gemakkelijk wapens tegen de zwakken en tegen
onze eigen menselijke waardigheid worden. Mensenrechten komen van God en de
staat zou moeten bestaan ​​om de rechten van de
mens te verdedigen en te doen bloeien, maar ze kan nooit de bron van deze
rechten zijn. Als de staat zichzelf deze macht aanmatigt, kan zelfs een
democratie totalitair worden wanneer de wil van machtigen en sterken een wet
uitvaardigt om de zwakken te elimineren.

De christelijke overtuigingen die het de seculiere Westen ten diepste
ergeren zijn die met betrekking tot abortus, seksualiteit en het huwelijk van
man en vrouw
. Deze overtuigingen drukken de waarheid over de
menselijke vruchtbaarheid, betekenis en bestemming uit. Deze waarheden zijn
subversief in een wereld die ons wil doen geloven dat God niet noodzakelijk is
en dat het menselijke leven geen inherente aard of doel heeft. Dit is de
cultuur van de dood. Dus moet de Kerk aangevallen en gestraft worden omdat ze
het leven steunt en wordt ze gezien als de meest onweerstaanbare en gevaarlijke
ketter van de nieuwe wereldorde. De Kerk is geroepen om een ​​gelovige gemeenschap van weerstand te zijn. We moeten de dingen bij hun ware naam noemen. We moeten het kwaad dat we
zien bevechten. We moeten echt geloven wat we zeggen te geloven. Dan moeten we
dit bewijzen door het getuigenis van ons leven. Overtuigd van de waarheden van
het Credo, zouden we ‘in vuur en vlam’ moeten leven door deze waarheden, door
via deze waarheden lief te hebben en door deze waarheden te verdedigen, zelfs
tot het punt van ons eigen ongemak en lijden. De les van de 20ste eeuw is dat
er geen goedkope genade bestaat. Deze God in wie wij geloven, had de wereld zo
lief dat Hij zijn enige Zoon gezonden heeft om voor haar te lijden en te
sterven, en Hij eist dat we hetzelfde krachtige voorbeeld van offer dat Jezus
Christus ons gaf beleven.

Vrije mensen, zoals christenen inderdaad zijn, kunnen niet vrij blijven
zonder religieus geloof en de deugden die het bevordert
. Scheiding tussen Kerk en staat betekent niet het radicaal seculariseren
van het openbare leven. De zinsnede "vrijheid van godsdienst" is een
vrij restrictief idee dat tegenwoordig vaak wordt gebruikt. Maar onze
grondleggers hadden niet de intentie om de godsdienst uit het openbare leven te
bannen. Ze wilden de burgers de vrijheid garanderen om hun geloof publiekelijk
en krachtig te beleven, en hun religieuze overtuigingen te laten bijdragen aan
de opbouw van een rechtvaardige samenleving. Godsdienstvrijheid omvat ook het
recht om te prediken, te onderwijzen, bijeen te brengen, te organiseren en zich
publiekelijk met de samenleving en haar problemen in te laten, zowel als
individuen als samen in geloofsgemeenschappen. Dit is "vrije
beleving" van religie.

Mannenrechten

04-03-2011 - Mariska Orbán - katholiek nieuwsblad 

 

Als binnen een huwelijk een man vader wordt, krijgt het automatisch zijn achternaam. Na de bevalling krijgt de vader twee vrije dagen en mag hij wettelijk ouderschapsverlof opnemen om voor zijn kind te zorgen. Hij is, net als de moeder, zelfs verplicht om het kind te verzorgen en op te voeden. Als zijn minderjarig kind schulden maakt, zijn allebei de ouders verantwoordelijk. Als een vader zijn gezin verlaat, betaalt hij kinderalimentatie tot zijn kinderen 18 jaar geworden zijn. Daarna is hij verplicht om mee te betalen aan de studiekosten tot zijn kroost 21 jaar oud is. Een kind heeft twee ouders: een vader en een moeder. Zij dragen in Nederland, gelukkig, allebei evenveel verantwoordelijkheid voor hun kind. Is het in dat licht niet vreemd dat fractieleider Jolande Sap van GroenLinks in haar opinieartikel van dinsdag 22 februari in Trouw stelt dat abortus “een beslissing van de vrouw en de arts” is? Tenzij de abortusarts toevalligerwijze de biologische vader is, mist Sap een belangrijke hoofdrolspeler in deze miserabele tragedie.

GroenLinks staat – helaas – niet alleen in deze vreemde opvatting. Abortus is een ingreep opgeëist door feministische vrouwen die het zien als een ‘vrouwenrecht’. In dit recht zijn we compleet doorgeslagen. De vader in wording heeft onterecht geen rechten als het over de beslissing tussen leven en dood van zijn eigen kind gaat.

Dat is onrechtvaardig, vinden ook vaders zelf. Regelmatig ontvangt de redactie van Katholiek Nieuwsblad brieven van mannen van wie hun partner zonder hun mening te vragen een abortus heeft ondergaan. Zelfs jaren later blijken deze mannen hieronder zwaar te lijden. Ze hebben depressieve klachten en veel verdriet. Ook uit wetenschappelijke onderzoeken blijkt dat voor mannen een abortus bijna net zo’n psychologische belasting is als voor vrouwen. Niet vreemd: ook hij verliest zijn kind.

Als een vrouw ongewenst zwanger raakt, gevallen door seksueel geweld buiten beschouwing latend, en de vader geeft aan dat hij voor zijn kind wil zorgen, zou het dan niet wettelijk verboden moeten worden de abortus nog uit te mogen voeren? Het kind is namelijk ook van hem. Dat klinkt misschien vreemd, maar andersom is het nu ook al het geval: als een vrouw zwanger is van een man die liever (nog) geen kind wil, mag een vrouw ook gewoon het kind geboren laten worden en het eventueel alleen opvoeden. Waarom zouden mannen hierin achtergesteld moeten worden ten opzichte van vrouwen? Vinden wij dat mannen minder goed voor kinderen kunnen zorgen? Of vinden we dat kinderen meer van vrouwen zijn? Als dat laatste het geval is, zouden mannen dan niet ook minder verantwoordelijkheden moeten dragen voor hun kroost?

Natuurlijk ‘dragen’ vrouwen het kind. Maar deze negen maanden draagtijd staat in schril contrast met de levensverwachting die het ongeboren kind heeft. En daarbij: het ongeboren kind is ook in de buik al echt leven. Menselijk leven. Menswaardig leven. Het is een groot compliment waard hoe GroenLinks zich sterk maakt voor het leven van dieren en planten. Maar waarom vergeet de partij op te komen voor het prachtige leven dat in de buik van een vrouw groeit? Vanwege de rechten van de vrouw? Dikke kans dat het leven dat in de buik groeit ook vrouwelijk is. Wat zijn de rechten van dat kind? Onze huidige omgang met abortus doet mij erg denken aan de Animal Farm van George Orwell: All animals are equal, buts some animals are more equal than others. Het wordt eindelijk tijd dat het kind in de buik én zijn vader net zoveel rechten krijgen als de zwangere vrouw.

OMGAAN MET POLITIEKE CORRECTHEID

De auteur van het artikel met de titel "Omgaan met politieke correctheid", Marguerite Peeters, is de directeur van het in Brussel gevestigde Institute for Intercultural Dialogue Dynamics, dat de wereldwijde culturele, politieke en ethische veranderingen bestudeert.

In haar bijdrage aan de publicatie „Exiting a Dead End Road. A GPS for Christians in Public Discourse“ beschrijft ze de uitdagingen waarvoor christenen zich gesteld zien tegenover de nieuwe mondiale ethiek die uitmondt in een wereldwijde politiek correcte nieuwe taal. Hieronder volgt een samenvatting van haar paper en hier kunt u de hele tekst downloaden (LINK).

Dank u voor het opkomen voor een christelijk Europa en voor uw gebed!

Uw Europa voor Christus! – Team

 

Samenvatting van het artikel: "Omgaan met politieke correctheid"

Voortkomend van de postmoderne intellectuelen die het proces van culturele revolutie in het Westen geleid hebben sinds de jaren 1960, werd een politiek correcte ethiek systematisch in de Westerse wereld. En hierdoor ook wereldwijd normgevend in de jaren 1990. In zijn radicale aspecten is het in wezen secularistisch en onverenigbaar met een ethiek die open staat voor transcendentie. Dit nieuwe ethos deconstrueert wat universeel menselijk is door de taal te veranderen:

Woorden die "politiek incorrect" werden, zijn vervangen door politiek correcte termen:

• echtgenoten door de partners,

• gezin door gezin onder al zijn vormen,

• vertegenwoordiging door deelname,

• onderwijs door bewustmaking,

• recht door non-discriminatie,

• soevereiniteit door global governance,

• complementariteit van de seksen door gendergelijkheid,

• schepping door Moeder Aarde of de Aarde.

 
Daarom vraagt de auteur: "Hoelang zullen de mensen in staat zijn om hun ogen gesloten te houden voor de realiteit van de bittere antropologische, culturele, politieke en economische gevolgen van deze revolutie - om te zwijgen, bijvoorbeeld, van het lijden van het post-abortus syndroom, de sociale kosten van een echtscheiding, de ingrijpende sociaal-economische gevolgen van de demografische winter in Europa?"

 
Politieke correctheid is een gevolg van de passiviteit van de "meerderheid", zegt Peeters. Het kan alleen overwonnen worden door:

• het overwinnen van onwetendheid in plaats van op afstand te kijken naar de culturele processen,

• het onderscheiden van welke concepten en termen nuttig zijn en welke niet,

• christenen losmaken van de nieuwe ethiek door hen te doen realiseren hoe sterk we het ons al hebben eigen gemaakt,

• door de scheuren in het systeem te identificeren, namelijk begrippen en termen die onlogisch zijn,

• door niet bang te zijn om in het openbaar op te komen voor wat waar en goed is.

 

Lees hier de volledige tekst van Marguerite Peeters in het Engels

Torfs' biechtstoel is ook niet alles. Pleidooi voor de vranke ontmoeting als preventie tegen geestelijke on-gezondheid

Op 10 februari heb ik met de gewone grote belangstelling de column van Rik Torfs gelezen, deze keer getiteld “Beroepsgeheim”. Naar gewoonte maakt hij zijn punt bijzonder goed. Hij zal ongetwijfeld vele mensen verrassen met zijn inkijkje op het belang van geheime kamers, bij dokters of priesters, misschien zal zelfs Renaat Landuyt even opkijken.

 

En toch geloof ik Rik niet.

 

Hij is namelijk zelf het grote tegenvoorbeeld van wat hij schrijft: hij doet elke donderdag een nieuwe, publieke biecht. Het is ongelofelijk hoeveel wij van het persoonlijke leven, van oude misstapjes en diepe gevoelens vernemen in columns, romans, interviews in kranten en tijdschriften en in tv-interviews. Want laten wij wel wezen, Torfs is niet de enige die heeft weten te overleven zonder ooit de biechtstoel binnen te gaan; het bulkt, gelukkig, van de openhartige, moedige, transparante schrijvers, toneelmakers, journalisten, politici. En trouwens… huismoeders, imkers, boeren, koks, cafégangers en noem maar op, het volstaat Man bijt Hond te bekijken. Een sterk voorbeeld is de ongelofelijk openhartige ontmoeting met Oscar van den Boogaard in de krant van twee weken geleden (22 januari), getiteld “Eeerlijkheid is het gemakkelijkste dat er is” waarin die schrijver zelfs durft vertellen dat zijn “moeder haar seksuele gevoelens projecteerde op haar kinderen”. Lees: dat zij hen misbruikte. Het contrast met de complete volksstammen die stom en doof bij de halte staan of bij (?) elkaar zitten op trein, tram en bus kon niet groter zijn. In bussen in exotische continenten, van de bergen van Peru tot de woestijnen van Nigeria, gaat het er heel wat vrolijker aan toe. Gewoon menselijker dus.

 

Als wij onze blik richten op andere samenlevingen dan de onze, wellicht nog minder decadente culturen volgens de definitie van de heer Torfs: samenlevingen die er nog minder voor kiezen zichzelf te bedriegen, zien wij inderdaad een heel ander beeld dan wat Torfs voorstaat. Tijdens een televisie-interview op het einde van vorig jaar merkte de voormalige Vlaamse politicus Johan Van Hecke die nu een hotel uitbaat in Kampala, Uganda, het op: “Ik ben hier graag omwille van de ontmoetingen: de mensen zijn hier spontaan, de gesprekken intens”. In de gesprekken met mijn vrienden en vriendinnen uit Kameroen, Congo, Uganda, Nigeria en Zuid-Afrika, gaat her er nooit saai aan toe. Linda, een jonge moeder uit Kameroen stelde het onlangs zo: “Door uit te drukken wat er werkelijk in je hart en geest leeft, “you stay the boss of your life””. Of dat nu gaat over je huwelijksplannen, je armoede, of de nakende dood van je oom. “De gesprekken met etnische blanke Belgen zijn vaak zo saai”.

 

Nog een derde perspectief wijst in dezelfde richting: dat wij veel dapperder moeten worden in het spreken, in het ontmoeten, wij de Belgen. De menswetenschappen, de humanistische psychologie, heeft voor haar therapeutische methodiek één grote kerngedachte die wij lapidair zouden kunnen samenvatten als: “Expressie is het beste middel tegen depressie”. De kern van alle therapie, of het nu gesprekstherapie betreft, of knutselen, of sporten, of dansen: het gaat er steeds om dat je iets van wat in je leeft of gewrongen zit in je binnenste, naar buiten brengt. De grote psycholoog, seksuoloog en filosoof Piet Nijs benadrukt al dertig jaar dat daarom “de ont  -moeting” zo wezenlijk is in het leven van een mens: daar vind op dagdagelijks, basaal niveau “therapie” plaats. Tijdens de ont-moeting moet er niets, er wordt dan ook geen economische meerwaarde geschapen, maar de mensen geven in het aanwezig zijn en het spreken en luisteren, elkaar koninklijke kansen om meer mens te worden. Om als persoon te groeien, rijper te worden. Om gezond te blijven. Om geen “hettefretter” te worden, om “zijn kas niet op te vreten”.

 

Wij hebben niet zozeer biechtstoelen met gordijntjes in een donkere hoek van een kille kerk nodig, maar de herontdekking van de moed om te spreken tegen elkaar. Gedaan met al dat infotainment, laten wij het gewone kletsmajoorsniveau wat vaker overstijgen. Laten wij terug goede gesprekken leren voeren over wat er echt leeft, ook over de vragen die er in ons binnenste knagen. Het grootste geschenk van God is niet de biechtvader, de advocaat of de geneesheer, maar de medemens. En de tong, de stem, de ogen, die spiegels van de ziel. En het recht op vrije meningsuiting, net wat u zegt. De grootste vijanden zijn niet zij die transparantie eisen over seksuele misdaden, zoals Renaat Landuyt in de betreffende commissie, maar onze eigen verslaving aan televisie en aan de auto.  Dat zijn op de historische schaal van de menswording nieuwerwetse tuigen die ons op sluipende wijze onze ontmoetings-bekwaamheid aan het ontstelen zijn, nu al een halve eeuw lang. Of is het gewoon de volksaard, timide en gesloten na eeuwenlang de ene golf overheersers na de andere over ons heen te krijgen?

 

Stefaan Hublou Solfrian, historicus, gewezen Tele-Onthaal-hulpverlener, Leuven

 

Ingezonden aan De Standaard op 10 februari ’11

 

Bijdrage Torfs:

"Moet binnenkort iedereen die van seksueel misbruik op de hoogte is daar aangifte van doen? Ja, als het van de nieuwe moraalridders afhangt. De hogepriesters van het heidendom die zich als kerkvorsten gedragen. Beleven we het einde van het biecht- en het beroepsgeheim? Zou kunnen. Leiden meer aangiftes tot minder tuig op straat, tot een veiliger samenleving? Daar geloof ik niets van.

Laten we beginnen met het biechtgeheim, met canon 983 §1 van het kerkelijk wetboek: 'Het biechtgeheim is onschendbaar, daarom is het de biechtvader ten strengste verboden met woorden of op welke andere wijze en om welke reden ook over de boeteling ook maar iets bekend te maken.' De straf voor de overtreder is niet mals: excommunicatie van rechtswege (canon 1388 §1). Binnenkort moet de priester misschien kiezen tussen een burgerlijke straf als hij zwijgt en een kerkelijke als hij spreekt.

Het biechtgeheim hangt samen met de sacramentele biecht. Gewoon een praatje met een priester, op café of in de pastorie, volstaat dus niet. Vandaag wordt er erg weinig gebiecht, en dan nog vooral door oudere dames van wie de zondigheid niet meteen afspat. Al weet je maar nooit. Moordenaressen vermommen zich subtieler dan moordenaars.

Zelf ben ik niet zo'n fan van de biecht. Ik herinner mij een pijnlijk moment in 1971, toen wij in de klas werden uitgenodigd om individueel onze zonden te belijden. Er stonden vier biechtstoelen. We konden kiezen tussen de prefect, de directeur, onze klasleraar en de zogenaamde vreemde biechtvader. Die moesten we hebben. Hij liep godzijdank niet dagelijks op de speelplaats rond. Helaas, hij daagde niet op. De andere drie waren er wel. Toch sloeg ik de biecht over, wat ik ben blijven doen. In plaats van veel te biechten kan ik proberen om weinig te zondigen, dacht ik toen. Ook dat mislukte.

Biechten is zelden het favoriete tijdverdrijf van de grootste criminelen. In Vlaanderen toch. Want over de Siciliaanse maffia spreek ik mij niet uit. En Silvio Berlusconi zie ik ook wel in een biechtstoel verdwijnen, al was het maar om zijn macht te vergroten. Boetvaardigheid kan een uitgekiende strategie zijn. Waarom zouden politieke leiders zich anders uitsloven om voor allerlei fouten uit een ver verleden hun excuses aan te bieden?

En toch. Al komt de biecht in de praktijk weinig voor, ze blijft een fantastische uitvinding. Wie biecht, heeft recht op mentaal asiel. Hoe groot de geleden pijn ook was, hoe goor het verleden, wat iemand biecht gaat nooit naar buiten. Niet soms. Nooit. Tegenover het grote zwijgen staat de opluchting van de bekentenis. En ja, misschien is de biechteling wel een moordenaar. Dan is het aan de priester om hem ervan te overtuigen zichzelf aan te geven. Een kans die niemand krijgt wanneer de biecht niet plaatsvindt. Want laten we niet onnozel doen. Wie zou er in de biechtstoel een misdrijf bekennen als hij niet heel zeker was van geheimhouding? Zonder biechtgeheim geen biecht.

Het beroepsgeheim van artsen, advocaten, therapeuten, priesters of kerkjuristen is minder absoluut dan het biechtgeheim. Maar het is ook ongelooflijk waardevol. Het verdient eerder meer bescherming dan minder. Een slachtoffer kan een vertrouwensarts uitdrukkelijk vragen om met de feiten niet naar de politie te stappen. Een dader probeert vaak om zichzelf via een therapeutische relatie weer op het juiste spoor te krijgen. Zouden al die mensen artsen of psychiaters opzoeken zonder de bescherming van het beroepsgeheim? Welnee. Dan kunnen ze beter meteen oom agent onder de arm nemen. Of naar het parket gaan. Wat ze niet willen.

Wie vandaag pleit voor een ruime aangifteplicht, doet dat onder het mom van bestrijding van seksueel misbruik. Soms met goede bedoelingen. Maar tegelijk maakt hij een keuze voor een maatschappij waarin bestraffing van het misdrijf primeert op de gevoelens van het slachtoffer en de bescherming van de samenleving. Als er geen plaatsen meer zijn waar mentaal asiel wordt verleend, in de biechtstoel of in de consultatiekamer, rest ons slechts de cultuur van het grote zwijgen. Waarin daders in stilte broeden op nieuwe misdrijven. Waarin slachtoffers met niemand kunnen delen wat hun leven heeft getekend. Waarin de oorverdovende stilte niet op rust wijst, maar op verborgen spanningen die plotseling kunnen en zullen ontploffen.

Kiezen wij voor een samenleving die zichzelf bedriegt, het kenmerk bij uitstek van decadentie?"

Rik Torfs is professor kerkelijk recht en CD&V'er. Zijn column verschijnt elke donderdag.

Big brother is watching you

Bron: Europe4Christ

Is het toepassen van het gelijkheidsbeginsel altijd terecht?

Sinds ongeveer 30 jaar is het zogenaamde “gelijkheidsbeginsel” in de betekenis van een “verbod op discriminatie” stap voor stap in de wetgeving van bijna alle Europese landen binnengeslopen, recent ook op het niveau van de Europese Unie.

"Gelijkheidsbeginsel” en “verbod op discriminatie” klinken goed, zelfs wenselijk. Toch hebben zich in de huidige wetgeving tendensen gevormd die verontrustend zijn. Zoals het gelijkheidsbeginsel nu in wetten gegoten wordt, creëert het onrecht. In het bijzonder schept het verbod op discriminatie als neveneffect nieuwe vormen van discriminatie.

Op grond van artikel 19 van het VWEU (Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie), kan de EU-Ministerraad met eenparigheid van stemmen en met de steun van het Europees Parlement optreden tegen discriminaties in de nationale wetgevingen. Discriminatie zoals op grond van geslacht, ras, etnische afstamming, godsdienst of overtuiging, handicap, op basis van leeftijd of seksuele geaardheid. - Wat betekent "discriminatie" specifiek echter?

In het algemeen bedoelen we met discriminatie het benadelen van een persoon ten opzichte van een ander, waarbij de situatie op zichzelf een subjectieve beoordeling is. Maar zelfs indien een dergelijke situatie omwille van morele of sociale redenen zou te veroordelen zijn, is het niet altijd onwettig. In de recente traditie van het recht had het verbod op discriminatie altijd betrekking op de verticale relatie tussen staat en burgers met het doel de zwakste schakel, de burgers dus, te beschermen.

Het criterium voor een oneerlijke of onrechtvaardige behandeling voldoet aan het wettelijke principe dat het gelijke op dezelfde wijze, maar het ongelijke op een andere wijze moet behandeld worden. Daardoor kan een andere behandeling volgens de huidige wetgeving slechts te rechtvaardigen zijn door een redelijke rechtvaardiging.

Nu heeft de wetgeving in de afgelopen 30 jaar in Europa van wat te verbieden is een radicaal ander begrip ontwikkeld. Het meest radicale voorbeeld hiervan wordt momenteel besproken op Europees niveau in de EU-Ministerraad. Het gaat om een ontwerp van een richtlijn van de Raad betreffende de toepassing van het beginsel van gelijke behandeling onder / tussen personen ongeacht godsdienst of overtuiging, handicap, leeftijd of seksuele geaardheid. Het gaat dus om de rechtsregels voor de verhouding van persoon tot persoon.

Als deze richtlijn er komt, zou ze in de privésfeer van de mensen ingrijpen. Want de relaties van mensen onder elkaar zullen in de toekomst gereguleerd, gecontroleerd en door publieke instellingen gesanctioneerd worden. Daarmee verlegt zich de verticale rechtsbescherming van de burger tegenover de staat (gelijke behandeling voor de wet die kan worden

gehandhaafd) naar een horizontale tussen burger en burgers ten koste van de afschaffing van de persoonlijke levenssfeer.

Om welke redenen is een dergelijke ontwikkeling van ons rechtsstelsel gevaarlijk? Bijvoorbeeld het huurrecht: Een verhuurder kan een woning in plaats van aan een homoseksueel koppel niet aan een gezin met kinderen verkopen zonder dat hij zich schuldig maakt aan discriminatie.

Bijvoorbeeld in de handel: Tot nu toe kon een handelaar zijn handelspartners vrij kiezen zonder zich daarvoor te moeten verrechtvaardigen. Dat zal veranderen.

Bijvoorbeeld in de catechese: Als de beginselen van het christelijk huwelijks –en gezinsleven worden aangeleerd, zouden andersdenkenden daartegen kunnen ingaan met het discriminatieargument.

De voorgestelde richtlijn bedreigt met het gelijkheidsbeginsel de fundamentele vrijheden van de burger, net als het principe van rechtvaardigheid in het juridische systeem, omdat het het concept van rechtvaardigheid verandert: in de toekomst moet iedereen gelijk worden behandeld, ongeacht de objectieve verschillen.

Ten koste van ongekende ingrepen in de persoonlijke vrijheid van de burger wordt het rechtvaardigheidsprincipe in het huidige recht vervangen door het beginsel van gelijkheid.

Krijg een objectief beeld van de situatie door het ontwerp van de EU-richtlijn zelf te lezen. Klik hier... (Link:

http://www.europeandignitywatch.org/de/europareport/detail/article/neue-gleichbehandlungsrichtlinie-droht-buergerliche-grundfreiheiten-ausser-kraft-zu-setzen.html

Is er nog plaats voor gelovigen in onze samenleving?

"Immanente gerechtigheid."                                                                       

                                                      Door Kris Vleugels, 29.10.2010

Mgr. Léonard Kris Vleugels

Je hebt het kunnen horen op radio en TV en gelezen in de krant. Mgr. Léonard gebruikte de term in zijn boek 'Mgr. Léonard Gesprekken'. Waarom gebruiken kerkelijke gezagsdragers zo’n moeilijke woorden? In feite wordt met ‘imanente gerechtigheid’ enkel bedoeld wat wij in de volksmond heel vaak gebruiken: “Boontje komt om zijn loontje” of: “Wie zijn achterste verbrandt, moet op de blaren zitten.” Ik begrijp dat Mgr. Léonard het ietsjes anders uitdrukt, maar goed… Ik ben het helemaal met hem eens wat betreft zijn uitspraak over het AIDS-probleem. Hij beschuldigt daar niemand mee en heeft zeker niet gezegd - wat de pers ervan gemaakt heeft – dat AIDS een straf van God is. Dat zou ‘transcendente gerechtigheid’ zijn, een bovennatuurlijk oordeel. Wat hij hiermee heeft gezegd is dat er nu eenmaal gevolgen zijn aan ons handelen. Het is meer dan bewezen dat AIDS de wereld is rondgegaan door het losbandig seksueel gedrag van – in de eerste periode – homo’s en later ook van hetero’s. Dat is geen veroordelende uitspraak. Dat is een vaststelling. De vernietigende gevolgen waren er echter niet enkel voor degenen die de epidemie veroorzaakten, maar ook voor de meest onschuldigen onder ons: baby’s. God straft geen onschuldigen, maar ze dragen wel de gevolgen van de fouten van anderen.

Maar er is meer aan de hand. Mgr. Léonard is te duidelijk. Hij zegt wat hij denkt. Hij bezigt niet de glibberige diplomatie die men hier bij ons verwacht van een roomskatholiek gezagsdrager. Hij is blijkbaar open en eerlijk. En zo iemand moet ‘vrijmetselend’ België niet. Dus moet alle voetvolk - of dat nu in de politiek of in de redactie van de schrijvende, sprekende of beeldende pers zit – aan de slag: die Léonard moet weg. Niet alleen Léonard trouwens. Iedereen die er nog joods-christelijke waarden en overtuigingen op nahoudt, moet zwijgen of oprotten. Dit land is enkel aan de ‘politiek correcten’, hetgeen in dit geval wil zeggen: aan de ongelovigen en de gelovigen die de waarden en normen van ongelovigen hebben overgenomen.

In mijn krant stonden deze week, naast de soap over Léonard, enkele artikelen die in dit plaatje passen. Woensdag kopte ze: “Antwerpse school trekt evolutieleer in twijfel” en donderdag: “Joodse scholen censureren blote benen.” In beide gevallen ging het om een poging om vrije religieuze scholen in discrediet te brengen bij de publieke opinie én bij de overheid. Want de journalist ging telkens naar de betrokken minister/inspectie om te horen of wat die school deed, wel kón. Weg vrijheid van meningsuiting? Weg vrijheid van onderwijs? Blijkbaar is dit de wens van zulke persmensen.

Dat een niet bewezen ontstaanstheorie het alleenrecht krijgt om aan onze kindertjes op school onderwezen te worden zonder dat er enige kritiek of wederwoord wordt geduld, hoort thuis in sovjetperiodes of naziregimes, maar niet in een land waar vrijheid van onderzoek en onderwijs hoog in het vaandel staat. Men heeft niet de moed om wetenschappers aan het woord te laten, die – zoals het genoemde schooltje – de evolutieleer in twijfel trekken. Neen, ze worden zelfs geweerd uit onze universiteiten.

Dat een schooltje er een - ons vreemde - preutsheid op nahoudt, wordt belachelijk gemaakt. Maar terzelfdertijd zorgen onze media dat er door overdreven aandacht aan erotiek heel wat mensen rondlopen met een seksverslaving en dat er hier en daar zelfs seksuele misdaden voorkomen, die erdoor zijn uitgelokt. Wie is dan goed bezig?

Het Léonard-bashen gaat ondertussen gewoon door. Dezelfde donderdagkrant:  “ ‘Geen straf voor bejaarde pedopriesters.’ Léonard veroorzaakt alwéér controverse.” De aartsbisschop heeft dit echter helemaal niet gezegd. Geïnsinueerd wordt dat hij het heeft bedoeld. En dan wordt het geblokletterd op de voorpagina van de krant. Het lijkt me duidelijk dat elke pedofiel, die zich heeft vergrepen aan kinderen, of hij nu priester is of voetbaltrainer, gepensioneerd of niet, de gevolgen moet dragen, ook de schande, zelfs na jaren. Dat hoort ook bij immanente gerechtigheid. 

Eigenlijk is het duidelijk wat Mgr. Léonard wil: eerst wereldlijk recht en vervolgens kerkelijk recht laten geschieden en hij vindt dat er dan tenslotte ook nog plaats moet zijn voor barmhartigheid. Iedereen die hem kent, weet dat. Hij doet een nieuwe wind waaien in de katholieke kerk in België en pakt de dingen eindelijk aan: zowel de verloedering in de praktijken als de verloederde geestelijke toestand van vele priesters. Hij respecteert de scheiding tussen kerk en staat, hetgeen van vele politici en persmensen niet gezegd kan worden. Zij bemoeien zich constant met wat de kerk wel en niet mag zeggen. Het lijkt wel een complot. Maar dat mag ook weer niet gezegd worden. Ik hoop dan maar dat er vroeg of laat een vorm van ‘imanente gerechtigheid’ komt en dat de media dan de juiste conclusies trekken.

DE 'K' van KU LEUVEN (2)

Marcel Gielis, 13 oktober 2010

 

Op de website van C'axent publiceerde Vincent Kemme vorige week een bijdrage over  'De K van de KU Leuven'. In de laatste alinea van deze bijdrage stelt hij de vraag "of het op een ontnemen van de katholieke identiteit uitloopt zoals in Nijmegen gebeurd is". Vincent gaat hier waarschijnlijk voort op berichten in de pers daarover. Nu stond er gisteren in De Standaard een rectificatie van een dergelijk bericht: "K. De universiteit van Nijmegen werd haar ‘K' niet ontnomen, ze koos in 2004 zelf voor de naam Radboud Universiteit Nijmegen. In 2006 ontnam Vaticaan haar wel de canonieke erkenning (DS 7 oktober)." Ik wou hier even ingaan op die rectificatie omdat ook die niet helemaal juist is en omdat een goed zicht op wat zich in Nederland heeft afgespeeld van belang kan zijn voor de toekomst van de KU Leuven.

 

Het klopt dat de universiteit van Nijmegen zelf haar naam veranderde zodat de 'K' wegviel. Hetzelfde gebeurde in de Katholieke Universiteit van Brabant (Tilburg): die koos er in 2001 voor zich voortaan Universiteit van Tilburg te noemen. Aanvankelijk gaf ze in een ondertitel aan te zijn "geïnspireerd vanuit de katholieke traditie", maar thans bepaalt ze haar identiteit met de bijstelling "understanding society", hoewel in het mission statement nog steeds staat: "De Universiteit van Tilburg is geworteld in de christelijke en humanistische tradities van de Europese cultuur". Dat de 'K' wegvalt in haar naam betekent dus niet dat een universiteit niet langer katholiek zou zijn.

 

Het was juist als katholieke universiteit dat de Radboud Universiteit Nijmegen en de Universiteit van Tilburg gezamenlijk de nieuwe Faculteit van Katholieke Theologie, die de bisschoppen te Utrecht in het leven wilden roepen en die van de paus een canonieke erkenning zou krijgen, zouden oprichten. In de loop van het proces haakte de Radboud Universiteit echter af, zodat alleen de Universiteit van Tilburg begin 2007 de Faculteit van Katholieke Theologie van Utrecht oprichtte. In deze nieuwe faculteit zijn de Katholieke Theologische Universiteit te Utrecht en de Theologische Faculteit Tilburg, maar niet de Faculteit der Theologie van de Radboud Universiteit van Nijmegen opgegaan, omdat deze laatste problemen maakte t.a.v. de kerkelijke eisen van orthodoxie van de docenten. Dit is de reden waarom op het eind van 2006 aan de Nijmeegse Faculteit der Theologie haar canonieke erkenning ontnomen werd. Deze canonieke erkenning betekent dat een faculteit voldoet aan de vereisten van de apostolische constitutie Sapientia Christiana (1979) van Johannes Paulus II en bijgevolg het recht heeft om kerkelijke graden te verlenen. De rectificatie van DS gisteren is dus onnauwkeurig in die zin dat de canonieke erkenning - en het ontnemen ervan - niet de Nijmeegse universiteit, maar de Nijmeegse Faculteit der Theologie betrof.


Wat betekent dit alles voor de problematiek van de 'K' in KU Leuven? Wanneer de universiteit van Leuven beslist om de 'K' te laten wegvallen, wil dat nog niet zeggen dat die universiteit niet meer katholiek zou zijn of zich als zodanig kan beschouwen. Of er al dan niet een 'K' in de naam van de universiteit staat, is dus niet van zo groot belang. Wat mij wel van belang lijkt te zijn is de canonieke erkenning van de Faculteit Godgeleerdheid, omdat de toestroom van buitenlandse studenten afhangt van het recht om kerkelijke graden te verlenen. Maar alles laat voorzien dat de Leuvense Faculteit Godgeleerdheid er in tegenstelling tot de Nijmeegse Faculteit der Theologie (althans in de kritieke jaren 2004-2006) over zal waken te blijven voldoen aan de vereisten van Sapientia Christiana.

 

Ten slotte nog dit: de H. Stoel heeft te allen tijde het recht een oordeel uit te spreken t.a.v. instellingen die zich katholiek noemen of als katholiek beschouwen en t.a.v. de opvattingen die er verkondigd worden. Het is dus zoals Vincent zegt in zijn voorlaatste alinea: het uiteindelijk oordeel over wat katholiek is of niet, wordt niet aan de universiteiten van Leuven, Nijmegen of Tilburg geveld, maar wel in het Vaticaan (zie daarover bv. de conciliedocumenten Dei Verbum, nr. 12 en Lumen Gentium, nr. 25; zie M. Gielis, 'The Magisterium and Catholic truths. Ad Tuendam Fidem (1998) in historical-theological perspective', in: D. Nauer, R. Nauta, en H.P.J. Witte, eds., Religious Leadership and Christian Identity, Münster: LIT, 2004, p. 39-54; Nederlandse vertaling: http://www.leerhuislelie.be/2.%20Kerk%20en%20geloof/leergezag.htm).

 

 

Marcel Gielis is lid van het Algemeen Bestuur van C'axent en docent aan de Faculteit van Katholieke Theologie van de Universiteit van Tilburg

De K van de KU Leuven

                                                                                    Vincent Kemme, 7 oktober 2010

 

Ophef alom rond de ‘K’ van de KU Leuven. Dit keer roeren de academici zichzelf, onder leiding van rector Mark Waer. Met de kritiek van het Vaticaan op de toekenning van de Nobelprijs aan de pionier van de In Vitro Fertilisatie, reageerbuisbevruchting in de volksmond, heeft het Vaticaan het te bond gemaakt. Ook de seksschandalen doen geen goed. De rector maakt zich zorgen om de reputatie van zijn universiteit. Zij wil verder met hun ambities in biomedisch onderzoek en de ‘rigide roomse moraal’ staat dat in de weg. ‘Elk nieuw wetenschappelijk inzicht’ zou volgens de rector bij het Vaticaan op weerstand botsen. En de lijst verboden kent geen einde: anticonceptie, proefbuisbevruchting, embryonaal stamcelonderzoek. Laten we de zaken eens op een rijtje zetten.

 

Op de eerste plaats is een menselijk embryo biologische gezien vanaf de bevruchting van de eicel door de zaadcel een menselijk wezen. Het DNA codeert voor niets anders dan een menselijk wezen en als de zygote de kans krijgt zal hij of zij zich ontwikkelen tot een volwaardige mens, of het nu een bouwvakker of een rector van een universiteit is. Blijkbaar kunnen er redenen zijn bij de KU Leuven om sommigen van deze embryo’s die kans te ontnemen. Daarmee loopt de KU Leuven perfect in de pas van het hedendaagse denken en inderdaad niet in de pas met het Vaticaan, dat de menselijke waardigheid van elk individu, vanaf de conceptie tot aan de natuurlijke dood, wenst te beschermen.

De embryonale ontwikkeling is volgens alle handboeken embryologie een geleidelijk proces waar geen duidelijke grenzen in aan te geven zijn, zodat elke grens die gesteld wordt arbitrair is en onwetenschappelijk. Het is dus irrationeel  om diegenen die tegen abortus of de manipulatie met embryo’s in laboratoria zijn, om welk goed doel ook, ‘rigide’ te noemen. Veeleer zou je academici die dat wél toelaatbaar achten, ook al hebben ze nog zulke edele doelen, onmenselijk kunnen noemen. Zij offeren menselijk leven voor andere menselijke doelen. Dat is altijd en door vele levensbeschouwelijke stromingen en religies als ontoelaatbaar geacht, niet alleen het Vaticaan. Het doel heiligt niet alle middelen.

De rector getuigt van voorspelbare en uiterst modieuze opvattingen, die daarom nog geen hout snijden. Hij ziet de KU Leuven als een ‘kritisch denkcentrum’ en stelt vervolgens dat ‘elk nieuw wetenschappelijk inzicht botst op weerstand van het Vaticaan’. Blijkbaar is hij al zijn vakgroepen en professoren afgegaan en heeft hij rijen dossiers staan van klachten over de weerstand van het Vaticaan tegen ‘elke’ wetenschappelijke vondst. Net als al zijn collega’s aan andere universiteiten. De waarheid is, dat het Vaticaan in beginsel zeer positief staat tegenover wetenschappelijke vooruitgang, op voorwaarde dat de integrale mens ermee gediend wordt en wetenschap dus nooit ten koste van menselijk leven mag geschieden. Stamcelonderzoek wordt feitelijk door het Vaticaan aangemoedigd, op voorwaarde dat die stamcellen niet gewonnen worden uit embryo’s die daaraan ten gronde gaan. Want voor de biologische wetenschap én voor de Kerk zijn het wel degelijk mensen die daar geofferd worden. De Kerk stelt dus alleen wat morele grenzen aan het wetenschappelijk vooruitgangsstreven, opdat het wel humaan blijft. Het zou dus fijn zijn als de KU Leuven onder leiding van deze rector kritisch zou worden, met name ten aanzien van de eigen inzichten en uitlatingen.

In vitro fertilisatie heeft enkel grote nadelen. De bevruchting vindt plaats  op een manier die het Leids Universitair Medisch Centrum in Nederland ertoe doen besluiten de ouders te laten tekenen voor de niet-aansprakelijkheid van dit academisch ziekenhuis voor eventuele kwalen op latere leeftijd. Het starre Vaticaan staat op het standpunt dat het tegen de menselijke waardigheid in gaat om op zo’n manier verwekt te worden. Bovendien gaan er overtollige embryo’s bij deze behandeling verloren.  Om de slaagkans te vergroten worden er namelijk meer embryo’s gevormd dan nodig. Enkele van de embryo’s worden in de baarmoeder geplaatst en de andere worden ingevroren, gebruikt voor onderzoek of uiteindelijk gewoon gedood. De waardigheid van deze mensjes wordt in alle gevallen verkracht. Bij meerlingen die het gevolg kunnen zijn kan men overgaan tot ‘embryo-reductie’. Er worden er gewoon één of twee verwijderd. Ordinaire abortus provocatus, maar dat mag tegenwoordig van de meeste westerse wetgevers.

Drie jaar geleden zijn er in Rome gesprekken geweest tussen de KU Leuven en het Vaticaan in aanwezigeheid van Kardinaal Danneels. De Standaard meldt dat het volgens rector Waer ‘een interessant onderhoud’ was, waar men ‘nadien niets meer van gehoord’ zou hebben. Daaruit concludeert de rector dat het Vaticaan ‘sterk op zichzelf teruggeplooid is’. Zou het niet zo kunnen zijn dat het Vaticaan er voor gekozen heeft te wachten op de pensioendatum van kardinaal Danneels? Met zijn opvolger, Mgr. Léonard, zal het Vaticaan gemakkelijker tot zaken kunnen komen.

Tenslotte valt op dat de rector van de KU Leuven klaarblijkelijk vindt dat in Leuven en niet in Rome bepaald wordt wat ‘katholieke waarden’ zijn. Het doden van embryonaal menselijk leven voor nobele medische doelen acht hij blijkbaar compatibel met die katholieke waarden. Enige studie van de Vaticaanse teksten dien aangaande zou hem kunnen leren dat dat niet het geval is. Waarschijnlijk wil hij bepaalde katholieke waarden behouden, die waarden die goed in de markt liggen en hem studenten, sponsoren en internationale waardering opleveren. Andere katholieke waarden zoals de beschermwaardigheid van het embryo vanaf de conceptie passen niet in zijn kraam. Bovendien heeft de KU Leuven heeft geen enkel mandaat om zich over de katholiciteit van bepaalde waarden bindend uit te spreken. Ze kan haar mening geven en bijdragen aan de wereldwijde academische discussie, maar dat mandaat ligt toch echt in het door hem zo verguisde Vaticaan. Als hij dat wil veranderen, moet hij daar misschien solliciteren. Maar hij kan dichter bij huis beginnen: bij de nieuwe grootkanselier en opvolger van kardinaal Danneels.

Of het op een ontnemen van de katholieke identiteit uitloopt zoals in Nijmegen gebeurd is valt te bezien. Nijmegen toont in elk geval aan dat je dat scenario niet langer kan uitsluiten. En misschien is dat ook maar het beste. Die oplossing past immers het beste bij het moderne levensgevoel van de meeste professoren en studenten en tegelijk bij datgene waar de Kerk voor staat. Dan is er tenminste duidelijkheid over ieders identiteit.

.

Vincent Kemme is vicevoorzitter van C’axent.

Euthanasie vanaf 15

Een van onze parlementairen, dhr. Defraigne (MR) heeft een wetsvoorstel ingediend om de euthanasieleeftijd terug te brengen tot 15. Uiteraard is dit weer een voorstel uit de cultuur van de dood. Waardig afscheid nemen is iets helemaal anders dan een doodsprik wanneer het moeilijk wordt. Er moet nog veel gebeuren aan de uitbreiding van de palliatieve zorg en de zingeving bij lijden. Een warm afscheid is zinvoller dan een pijnloze vlucht uit het leven. Dat geldt ook voor volwassenen. Maar wat als de volle verantwoordelijkheid op de schouders van een 15-jarige terechtkomt? Zo iemand wordt niet in staat geacht om met een bromfiets te rijden, maar wel om de stekker uit het leven te trekken.

De voorstellen daarover zijn niet nieuw in ons land. Er zijn er al eerder ingediend. Mogelijk wil Defraigne nu gebruik maken van een gewijzigd politiek landschap aan Vlaamse kant, waarbij de christendemocraten er behoorlijk van langs kregen bij de laatste federale verkiezingen in juni. Mogelijk hoopt hij meer kans te maken door de nieuwe samenstelling van de Kamer van Volksvertegenwoordigers. CD&V verloor zetels, maar N-VA is grotendeels matig conservatief en zal in meerderheid tegen een dergelijk voorstel stemmen. Als je aan Vlaamse kant de parlementaire zitjes van CD&V, N-VA en VB bij elkaar optelt, samen met CDh, kom je aan 56 zetels. De partijen, die bijna voltallig voor zullen stemmen, PS, SP.A, Groen!, Ecolo en Open VLD, vertegenwoordigen 65 zetels. Maar de eigen partij van Defraigne is waarschijnlijk behoorlijk verdeeld. Ik vermoed daar een meerderheid tegen zijn voorstel. Het wordt dus een dubbeltje op zijn kant.

C'axent laat er in ieder geval geen twijfel over bestaan: "Slecht idee, mijnheer Defraigne!"

Kris Vleugels.

"Het is doodzonde dat de formatie met PVV is mislukt"

Bron: Trouw, 04-09-2010 - Peter van der Heiden, politiek analist en politicoloog aan de Radboud Universiteit Nijmegen

 

Een minderheidskabinet met gedoogsteun had alle politieke partijen tot duidelijke keuzes kunnen dwingen.

Hoe lang denk ik al met weemoed terug aan de tijden van Den Uyl en Wiegel, de tijden dat politiek nog iets te maken had met de essentie: het maken van keuzes? Je was links of je was rechts, en dat liet je merken ook. In discussies, in partijlidmaatschap, in stemgedrag.

Partijen polariseerden, de samenleving polariseerde mee. Niet iedereen: je had ook nog christen-democraten, en die bogen noch naar links, noch naar rechts, om Van Agt te citeren. Hoewel: binnen het CDA polariseerde het ook, met een linker- en een rechtervleugel. Politiek ging ergens over, politiek leefde.

Met de komst van de no-nonsense-kabinetten van Lubbers en de val van de Berlijnse Muur verdween die polarisatie als sneeuw voor de zon. De PvdA schudde onder Kok haar ideologische veren af, wat resulteerde in een samengaan van de twee erfvijanden PvdA en VVD in de paarse kabinetten.

Vanaf midden jaren tachtig verdwenen de ideologische tegenstellingen. Vrijwel iedere partij die ertoe deed, omarmde in mindere of meerdere mate het neoliberalisme. De markt had gewonnen – met de politiek als grootste verliezer.

Die ontideologisering en het opschuiven naar het midden hebben eigenlijk alleen maar ellende gebracht. Toegegeven, het maakt meer regeringscombinaties mogelijk, maar tegen welke prijs? Partijen zijn meer op elkaar gaan lijken, omdat de onderscheidende ideologische basis ontbreekt.

Nu timmert iedere politieke partij als een volleerd D66 per verkiezing een nieuw pragmatisch programma in elkaar, waarin je de verschillen met een vergrootglas moet zoeken maar waarin je struikelt over de overeenkomsten. Hoe kies je tussen een beetje meer of een beetje minder? Dat is een stuk lastiger dan stemmen op een wereldbeeld, op een idee van een toekomstige samenleving. De toename van het aantal zwevende (en thuisblijvende) kiezers laat zien dat het bindende effect van ideologische tegenstellingen wordt gemist.

Het geweeklaag over de formatie van een kabinet van VVD en CDA, met een beslissende rol daarin van de PVV, kon ik inhoudelijk goed begrijpen. Er waren nogal wat kanttekeningen te plaatsen bij regeringsdeelname door de beweging van Wilders. De gemaakte opmerking dat een kabinet met PVV-steun geen kabinet van alle burgers is, is een terechte. Maar was het erg?

Dat dit kabinet, als he er was gekomen, niet de belangen van alle Nederlanders vertegenwoordigde, had ook een positief effect kunnen hebben. Het had gezorgd voor een politieke herschikking, waarbij weer sprake is van links en rechts, met duidelijke verschillen. Een kabinet dat polariseert, blaast de politiek nieuw leven in. Dat zagen we bij de kortstondige poging tot een kabinet met de LPF, maar dat kwam niet veel verder dan een slapstick. Eigenlijk hebben we dat na het kabinet-Den Uyl niet meer meegemaakt in Nederland.

Moet een kabinet echt van alle Nederlanders of van alle ingezetenen zijn? Deze vooronderstelling gaat in tegen het diepste wezen van de politiek. Politiek gaat immers om het nastreven van belangen, om het maken van keuzes.

Niet iedereen heeft hetzelfde belang – daarom hebben we politieke partijen. Die partijen vormen in meerderheid een kabinet, dat probeert het programma van die samenstellende partijen uit te voeren. De verkiezingsprogramma’s van de oppositiepartijen verdwijnen daarbij in de prullenmand. Geen enkel kabinet is dus van alle Nederlanders. Dat moet het ook helemaal niet willen zijn. Een kabinet moet politieke keuzes maken, waar mensen vóór zullen zijn, maar ook mensen tegen. Dan hebben mensen wat te kiezen, dan lééft de politiek.

De alternatieven voor deze coalitie zijn uit het oogpunt van revitalisering van de politiek een stuk minder aantrekkelijk. Het eerder uitgeprobeerde en vastgelopen Paars-plus, waarin de tegenstelling tussen links en rechts – voor zover nog bestaand – weer overbrugd moest worden, zou tot net zo’n gedepolitiseerd poldermodel als onder Kok I en II leiden. Het middenkabinet – VVD, CDA, PvdA en D66 en/of GroenLinks – zou dat in nog veel heviger mate doen, omdat de oppositie dan beperkt zou blijven tot de populistische extremen. Beide coalities zouden een vernietigend effect op het politiek bewustzijn hebben. De dood in de pot.

In dit licht bezien is het doodzonde dat het kabinet van VVD en CDA, gedoogd door de PVV, er niet gaat komen. Natuurlijk kan polarisatie ook plaatsvinden op gronden die minder langs de randen van de rechtsstaat schuren dan bij dit kabinet het geval kan zijn, maar het dwingt iedere politieke partij tot scherpere stellingname en hopelijk zelfs tot re-ideologisering. En wat maakt politiek nou spannender dan een polariserend minderheidskabinet, dat zich voortdurend in zijn voortbestaan bedreigd weet? In de woorden van Pim Fortuyn: „Ik heb er zin an!”

De kerk is broodnodig

Bron: Trouw, 16-08-2010 - Stijn Postema

 

Nu de kerken leeglopen, is de vraag wat de achterblijvers verbindt. Heeft hun samenkomen nog toekomst? In een serie gesprekken zoekt Trouw het antwoord. Vandaag James Kennedy: ’Ik verwacht geen herkerstening’.

’De kerk is gemarginaliseerd”, zegt de Amerikaans-Nederlandse historicus, auteur en hoogleraar James Kennedy. „Grotere volkskerken hebben altijd hun maatschappelijke positie en gezag willen benadrukken. Maar dat werkt niet meer. Kerken moeten goed beseffen dat hun kansen vooral op lokaal niveau liggen. Daarvoor is een andere manier van denken nodig. De kerk is er niet om goede burgers te leveren voor de maatschappij.”

Aan het verlies van invloed op de samenleving hebben volgens Kennedy vooral protestanten een sterke geldingsdrang overgehouden „Ik heb gemerkt dat orthodoxe gereformeerden die een stuk weten te plaatsen in NRC Handelsblad, dat ervaren als een bewijs van hun relevantie. Maar de kerk moet juist een alternatieve samenleving zijn.”

Het aantal gelovigen in Nederland wordt steeds kleiner, weet Kennedy. „Maar ik verwacht daarom in de toekomst juist een intensivering van de christelijke beleving. Christenen blijven samenkomen in erediensten en houden bepaalde tradities in stand, zoals het aanleren van een gedisciplineerd leven. De vorm verandert wel: ik denk dat het netwerken worden van zorgende mensen die zich inzetten voor omwonenden.”

In zijn boek ’Bezielende Verbanden’ beschrijft Kennedy deze netwerken als contrasterende verbanden: „Het is broodnodig dat er organisaties zijn als de kerk, die mensen de kans geven te ontstijgen aan de materiële werkelijkheid en andere, alternatieve visies bieden. Het gaat om het bieden van een voorbeeld van een menselijke samenleving die beter en hoopvoller is dan de wereld waarin wij leven.”

De historicus noemt dat ’broodnodig’, want het toekomstscenario dat hij schetst is apocalyptisch: „Door rampen, klimaatverandering, het opraken van grondstoffen en door spirituele uitgeputheid komt er ooit een einde aan onze consumentistische kapitalistische samenleving. Hoe lang dat duurt? Dat weet ik niet. Maar we moeten niet denken dat onze manier van leven de permanente structuur van de mensheid is.”

Kennedy noemt zich christen-historicus, wat zoveel wil zeggen als: God heeft de geschiedenis in zijn hand. Misschien wordt het getolereerd omdat hij Amerikaan is – die noemen God nu eenmaal te pas en te onpas – maar aan de Universiteit van Amsterdam, waaraan hij verbonden is, merkt Kennedy dat het vooral nieuwsgierigheid wekt. „Nederland staat minder vijandig tegenover het christendom dan vroeger. De kerk is geen bedreiging meer en studenten vinden het wel interessant, die andere manier van leven, geloven en hopen. Maar dat is een selectieve interesse, dus ik verwacht geen herkerstening. Kerken in Nederland functioneren in de schaduw van een publiek dat religie beknellend vindt.”

De kerkelijke kaart van Nederland is ook een wonder van verdeeldheid: meer dan 150 geregistreerde denominaties en talloze huisgemeenten met allemaal andere theologische inzichten. Net als andere buitenlandse historici kijkt Kennedy er met verbazing naar. Toch denkt hij dat kerken naar elkaar toe groeien. „Op theologisch gebied zie je een zelfde soort vervlakking als in de samenleving en de politiek. Het gaat meer om de vorm en minder om de overtuiging. De trend is dat er minder getheologiseerd wordt. Het geloof is minder intellectueel, meer gevoelsmatig. Daardoor verdwijnt de leerstellige confrontatie. In de ogen van veel mensen is theologie abstract. Het blijft argumenteren over zaken waarvan je geen kennis kunt hebben. Dus verwacht ik dat je niet meer zo vaak een theologisch gevecht zult zien. Geloven gaat nu meer over zingeving, gevoelens van vertrouwen, verbondenheid en liefde. Verder beseffen christenen dat ze het zich niet meer kunnen permitteren om veel te vechten.! Ze zitten in de overlevingsmodus. Ze moeten energie steken in dat wat behouden kan blijven en niet in een theologisch geschil met medegelovigen.”

Het beeld dat ontstaat van de kerk van de toekomst is dat van een klein netwerk van radicale gelovigen die onderling toch behoorlijk verdeeld blijven. Toch is Kennedy over dat laatste gegeven niet somber. „Een verdeelde kerk is geen probleem voor de maatschappelijke relevantie. Bovendien, de slechtste manier om eenheid te bereiken is om dat als doel te stellen. Eenheid moet geen project zijn, het ontstaat door gemeenschappelijke inzet. Eerst gemeenschappelijke daden, vertrouwen winnen en wennen aan elkaar, en dan is er ruimte voor eenwording.”

Politiek van het Geluk

 

Vrije Tribune bij Knack.be 9 augustus ’10

 

De voorbije week kwamen er twee van elkaar losstaande feiten in het nieuws die bij nader inzien misschien toch wel naast elkaar horen te staan.

Ten eerste was er het opmerkelijke nieuws dat Tele-Onthaal tijdens de periode van 5 tot 20 juli dit jaar 18 procent meer hulpvragen kreeg dan tijdens diezelfde periode vorig jaar.

Er werden verschillende verklaringen geopperd: het uitzonderlijk warme weer dat mensen binnenshuis hield, de afwezigheid van vrienden en kennissen tijdens de vakantie, slechte nachtrust die het piekeren deed toenemen… De constante factor in al deze verklaringen is eenzaamheid.

De dagelijkse babbel met de buren, het telefoontje naar moeder, vader, broer of zus, de wekelijkse bijeenkomst op de sportclub… het lijken verwaarloosbare momenten maar ze zijn eigenlijk levensnoodzakelijk.

Sociale contacten zijn een essentieel ingrediënt van subjectief welbevinden, naast de vervulling van meer fysieke noden zoals eten, drinken en huisvesting. Psychologen en andere hulpverleners weten dit natuurlijk al lang. Vraag is of deze wetenschap ook door politici ten volle naar waarde wordt geschat.

Filosofen, psychologen en sociologen discussiëren reeds een paar decennia over de mogelijkheid en wenselijkheid van een zogenaamde politiek van het geluk. Zouden politici niet actiever moeten nadenken over en maatregelen treffen die bijdragen tot het welzijn, en niet enkel de welvaart, van de burger?

Tot op zekere hoogte doen ze dit al. Een goed werkend systeem van sociale zekerheid bijvoorbeeld is onmiskenbaar gestut door een politieke bekommernis om het geluk van mensen. Sommige ‘geluk-onderzoekers’ zoals de Nederlander Ruut Veenhoven vinden echter dat de staat verder moet durven gaan.

Als uit onderzoek bijvoorbeeld zou blijken dat gehuwde mensen gelukkiger zijn dan alleenstaanden, dan zou een regering maatregelen moeten treffen die het huwelijk promoten. Velen vinden deze staatsinmenging paternalistisch en in strijd met de individuele vrijheid. Bovendien valt het te betwisten of geluk wel een meetbaar, laat staan maximaliseerbaar product is. Maar een staat kan zich beperken tot maatregelen die stimuleren in plaats van opleggen, en dus de individuele vrijheid respecteren.

En een maatregel kan zich richten op die algemene goederen waarvan het belang door wetenschappers unaniem beaamd wordt. Een van die basale, fundamentele geluksfactoren is sociaal contact.

En dit gegeven roept vragen op over een tweede nieuwsfeit van deze week, namelijk de beslissing van minister Muyters om het systeem van de opleidingscheques te beperken. Het valt te begrijpen dat een Minister van Werk weigert om yoga-opleidingen en bloemschikcursussen nog langer te subsidiëren. Heel verstaanbaar is ook de angst vanuit de amateurkunstensector dat er inschrijvingen, uren en dus banen zullen sneuvelen ten gevolge hiervan.

Maar minstens even gerechtvaardigd zou een reactie vanuit de welzijnssector zijn geweest. Zonder de feitelijke gevolgen van de beslissing van minister Muyters reeds te kennen, lijkt het voorspelbaar dat de hogere kostprijs van sociaal-culturele vormingen en opleidingen mensen zal afschrikken. En dat zou gevolgen kunnen hebben voor hun subjectief welbevinden. Dat er een nefast effect is van sociaal isolement op psychisch welzijn staat immers vast. Mocht de regering erin slagen om (financiële of andere) maatregelen te treffen die het sociaal engagement verhogen in onze sterk geïndividualiseerde samenleving, dan valt een positief effect te verwachten op het algemeen welzijn.

Dergelijke maatregelen zijn het overdenken en het betalen waard. Of het Ministerie van Werk de (financiële) verantwoordelijkheid ervoor moet dragen, staat terecht ter discussie. En uiteraard zijn hier empirische veronderstellingen in het geding die ik als filosoof niet hard kan maken.

Maar als Vlaanderen het verschrikkelijke cijfer van 3 zelfdodingen per dag, of 16 per 100 000 inwoners (één van de hoogste cijfers ter wereld) wil terugdringen, is het belangrijk dat men het welzijn van de Vlaming, dat deels maar niet uitsluitend door zijn welvaart bepaald wordt, serieus neemt als voorwerp van wetenschappelijk onderzoek en als doeleinde van het politiek beleid. De beslissing van minister Muyters nodigt hiertoe uit.

Katrien Schaubroeck
Postdoctoraal onderzoeker FWO Vlaanderen
Hoger Instituut voor Wijsbegeerte, K.U.Leuven

 

 

Stef Hublou | 9 augustus 2010

Wel. Katrien, ik ben blij te merken dat en in Leuven weer frisse denkers opstaan met een hart voor de mensen. Uw analyse is juist. Dat zeg ik ook als ervaren voormalige medewerker van Tele Onthaal, als auteur van verscheidene opiniestukken die het thema van de zelfdoding en de vereenzaming ("social poverty") al midden jaren negentig onder de aandacht van de lezers van onze kwaliteitskranten heb gebracht. (Tussen haakjes: uw cijfer over het aantal zelfdodingen is schromelijk lager dan de realiteit: elke dag doden gemiddeld met zekerheid acht Belgen zichzelf, en ongeveer 110 doen daartoe een poging!). Het is een vreselijk taboe vandaag. Onze intellectuelen slagen er al jaren maar niet in de ernst van deze cijfers, van het vreselijke signaal van zoveel Zelfdodingen, op te nemen in hun denken, en aan weerwerk te beginnen. En politici dus ook niet, inderdaad. Uw pleidooi voor een politiek die op geluk is gericht, heeft mijn sympathie. En het lijkt me zinvol te beginnen met maatregelen die de grootste rampen helpen voorkomen, juist. Laat me nog verwijzen naar de studie over "Kleine ontmoetingen", die een jaar of vier geleden is gemaakt en gepubliceerd door een sociologe, Ruth Soenen. En laat me de politici nog eens aansporen door erop te wijzen dat ik als lezer van De Standaard een decennium geleden aan Patrick Dewael in zijn ambtswoning wel een vraag mocht stellen over de vreselijke Zelfdodingscijfers in het land waar hij Minister van Binnenlandse Zaken van was, maar dat hij als toenmalig politicus niet adequaat wist te reageren: hij viel stil, dacht na, en gaf toe dat hij onder dat nieuws vooral bezorgdheid voelde voor zijn eigen kinderen. Hij is vaak een afwezige vader geweest... Wij hebben misschien behoefte, in de volgende regering, aan politici die kunnen werken van uit een gezond "vaderschaps" en "moederschaps" standpunt naar de mensen toe. Als het in Chicago en DC kan sinds kort, waarom niet ook in dit land aan de Noordzee? Zelfdoding, uiterste wanhoop bij de mensen, DAT is pas een veiligheidskwestie waar kiezers dankbaar zullen op reageren, als politici de trend keren!

Fundamentalisten...

Christenen worden in de Vlaamse en Europese media afgeschilderd als dom, onverdraagzaam, enggeestig en ouderwets. Echte gelovigen welteverstaan. Zogenaamd breeddenkende christenen zijn populair. Als je maar alle geloofsinhoud overboord gooit en zegt dat je op je eigen manier gelooft: dat het "allemaal niet zoveel uitmaakt in wat, als je er maar naar leeft", dan wordt je aanvaard. Maar kom niet af met datgene waar de christelijke kerk al 2000 jaar voor staat: de boodschap van het sterven van Jezus en Zijn (echte) verrijzenis en het Evangelie, dat mensenlevens verandert en dat fundamenteel verschilt van alle andere religies omdat God zelf mens werd en de mensen de hand reikt, zelfs eeuwig leven aanbiedt. Die veranderde mensen hebben dus ook goed nieuws voor hun generatiegenoten, maar het wordt steeds minder aanvaard dat ze hun overtuiging verkondigen als de waarheid. "Een waarheid misschien. Jouw waarheid..." We zijn in een soort relativisme beland, dat mensen toelaat om over kleuren te discussiëren. Niet over de schoonheid ervan, maar of iets wel echt rood of blauw is, “en waarom niet groen of geel? Als ik iets geel vind, is dat voor mij toch geel?" Conventies worden steeds minder vanzelfsprekend, dus met het aannemen van een objectieve waarheid is het nog erger gesteld. Hoe onzekerder mensen worden, hoe heftiger ze zich uitspreken tegenover degenen die wel hoop en zekerheid vonden in hun leven: “Die kunnen toch niet anders dan naïef zijn?” En zo worden gelovigen steeds vaker over de hekel gehaald in onze media, vooral wanneer ze zich mengen in het publieke debat. Ze worden nog met rust gelaten wanneer ze hun mond houden en zich in de hoek laten duwen waar ze volgens hun tegenstanders thuishoren. Maar wanneer ze hun mening geven over een of ander actueel maatschappelijk thema, worden ze hard aangepakt. Niet met argumenten, maar met scheldtirades (cfr. grove scheldpartij in De Standaard “Tuig van de Richel” over de Mars voor het Gezin van 10 september 2005, waar geen behoorlijk recht van antwoord voor werd toegestaan) of met gevoelsargumenten en ridiculisering (cfr. “Beste Kris Vleugels” in Knack n.a.v. opmerkingen over de “F*ck hetero’s en holebi’s” campagne van Minister Van Brempt in 2008). Net zoals in de eerste helft van de 20ste eeuw de jodenhaters de vrije hand kregen in Duitsland, om de latere vervolgingen publiek acceptabel te maken, zo wordt dezer dagen het gelovige volksdeel aangepakt zodra het zijn mening zegt. Dat belooft dus niet veel goeds. Christenen die nog echt geloven, worden fundamentalisten genoemd. En dan wordt met deze term eigenlijk extremisme verweten. De Vlaamse burger denkt dan meteen aan terrorisme en voelt zich onveilig. Dus die fundamentalisten moeten hard aangepakt worden. In de eerste eeuwen waren de christenen – net zoals vandaag – vredelievende, behulpzame, sociaal bevlogen mensen, allerminst een gevaar voor de samenleving. Ook toen werd collectieve haat georkestreerd en eindigden velen van hen in de Romeinse arena’s. Vandaag zijn er zogenaamde “humanistische vrijzinnigen”- die noch menslievend, noch vrij in hun denken zijn - die blijkbaar de uitroeiing van de christelijke overtuiging (en de daarbij horende manier van leven) hoog op hun agenda hebben staan. Wie zijn eigenlijk de echte fundamentalisten, die geen tegenspraak dulden wanneer zij zeggen hoe de Vlaamse burger moet denken? En wie niet denkt zoals zij, is onverdraagzaam en verdient het om met alle middelen afgemaakt te worden. O.K., wij zijn klaar voor de arena’s. Onze toekomst strekt zich uit ver over de grenzen van de dood. En wij wensen iedereen deze zekerheid toe.

Kris Vleugels, namens alle toekomstige Europese martelaren.

DE SENAATSLIJST VAN CD&V: VOOR C'AXENT EEN SLAG IN HET GEZICHT

Mei 2010

 

Het bestuur van C’axent is bijzonder teleurgesteld in de manier waarop de kandidatenlijst van CD&V tot stand is gekomen en trekt daaruit conclusies: C’axent zal CD&V senaatslijst niet steunen.

 

Redenen.

1. De persoon van Rik Torfs. Dat CD&V zich verlaagt door in haar stemmenjacht iemand op haar lijst te zetten die zich in de media in de kijker heeft gewerkt heeft door het christelijk gedachtegoed in het openbaar belachelijk te maken, is een afstraffing waard. En dan geven ze die man nog een van hun weinige verkiesbare plaatsen...

2. C'axent heeft CD&V de afgelopen 3 senaatsverkiezingen (1999, 2003 en 2007) gesteund door een hoog aantal "netto" stemmen bij te brengen. Dat zijn stemmen, die anders naar andere partijen zouden gegaan zijn. (Er zijn nogal wat partijkandidaten die heel veel stemmen halen, maar dat zijn vaak stemmen die anders ook naar dezelfde partij zouden gaan. Dat was hier veel minder het geval.) Kris Vleugels haalde in 2007 meer dan 41.000 voorkeurstemmen op de senaatslijst van CD&V, van de effectieve kandidaten was dat de hoogste score van de niet-verkozenen. Kris stond op de senaatslijst als vertegenwoordiger van C'axent. In de campagne, ervoor en erna heeft CD&V C'axent (en Kris Vleugels) doodgezwegen. Zowat geen campagnemiddelen kwamen van CD&V (in tegenstelling tot wat een aantal andere kandidaten kregen). Toch scoorde Kris bijzonder goed. Maar toen CD&V de kans had iets terug te doen, door hem te coöpteren (opnemen in de Senaat, aangeduid door de partij) werd hij genegeerd. Er waren echter nog een aantal goede redenen waarom de partij hem had moeten coöpteren. Maar door desinformatie aan de leden van de Algemene Vergadering is dat niet gebeurd. In zijn plaats coöpteerden ze in 2007 Dirk Claes, die anders Carl De Vlies was opgevolgd in de Kamer!

Nu, in 2010, had CD&V de kans om de fout van 2007 recht te zetten, door Kris een verkiesbare plaats of een eerste opvolgersplaats te geven. Hij heeft zelfs geen telefoontje gehad, geen sms-je, geen e-mailtje, niets, zelfs niet achteraf ter verontschuldiging. CD&V zet haar campagne van "C'axent doodzwijgen" gewoon verder. Er worden anderen met christelijk profiel op de lijst gezet om ‘excuustruus’ te spelen, het verlies op te vangen en daarmee is de kous af. Wel, voor C'axent ook.

Traditioneel scoort CD&V met haar senaatslijst beter dan met de Kamerlijsten. Indien alle C’axentleden de hierboven geschetste praktijk aan de kaak stellen en hun omgeving oproepen om niet voor CD&V te stemmen op de senaatslijst, zal deze partij misschien voor het eerst minder goed scoren voor de senaat dan voor de Kamer. Mogelijk komt het signaal dan aan en negeren ze C’axent niet langer.

 

Provincie Antwerpen.

Nog een plaats waar C'axent geweerd wordt door CD&V, is de Kamerlijst in de kieskring Antwerpen. Mark Verhagen, tot voor kort nog Kamerlid (maar ook lid van C'axent) krijgt  niet langer een verkiesbare plaats en wordt dus afgevoerd. Mia De Schamphelaere, met een actieve dienst van 15 jaar in het parlement, zal op eigen kracht verkozen moeten worden, want ze kreeg de strijdplaats toebedeeld. U raadt het goed (of u wist het al): zij is lid van C'axent. Op de opvolgerslijst is Ward Kennes (Vlaams parlementair en eveneens lid van C’axent) terug te vinden, die van daaruit Mia ondersteunt.

De reactie van C'axent is hier daarom anders dan bij de senaatslijst: we willen dat Mia verkozen wordt, zodat niet het laatste C'axentlid uit het federale parlement verdwijnt!

 

Een oproep dus aan alle Antwerpse leden van C'axent: stem voor MIA DE SCHAMPHELAERE (5de plaats) en WARD KENNES (11de opvolger) op de Kamerlijst van CD&V.

 

Wij zullen ons bezinnen over onze relatie met CD&V, maar voor wie twijfelde aan onze onafhankelijkheid van die partij: dat is nu wel duidelijk, lijkt ons.

 

Het Bestuur van C’axent.

Onverdraagzaam bij wet

 

Bron: Katholiek Nieuwsblad 02-06-2010 - Henk Rijkers

 

De homolobby is boos. Boos op Reformatorisch Dagblad. Dat heeft maandag een hoofdcommentaar gepubliceerd dat de onafhankelijkheid van de Afrikaanse rechter verdedigt en het recht van Afrikaanse volken hun eigen wetten te maken. Secretaris-generaal Ban Ki Moon van de Verenigde Naties is namelijk vorige week naar Malawi gevlogen om daar het parlement bestraffend toe te spreken. De VN bekritiseert de strenge antihomowetten van het land, die ertoe geleid hebben dat een homostel, dat zich wilde ‘verloven', daar veroordeeld is tot veertien jaar cel.

Het commentaar van RD zet kort een vraagteken bij de straf, maar betreurt het vooral dat het land zo snel voor de VN en de internationale homolobby (die niet samenvallen, maar wel de nodige gemeenschappelijke agendapunten hebben) door de knieën is gegaan. Waar dat toe leidt, aldus het commentaar, kan Malawi in Nederland zien. D66 wil immers een kansrijke initiatiefwet indienen die scholen verbiedt docenten uit te sluiten die een actief homoseksueel bestaan leiden. Dat is inderdaad nogal wat. Dat is verkrachting van het persoonlijk geweten met staatsdwang, uitholling van de vrijheid van onderwijs en een serieuze aanslag op de vrijheid in het algemeen. Komt Ban Ki Moon in dat geval ook ons parlement bestraffend toespreken, zo vraagt het commentaar sarcastisch.

Al hoeft men het met het uitgangspunt niet eens te zijn, het commentaar zit goed in elkaar en is niet respectloos tegenover homo's. Het roept wel die schijn op doordat het zo snel over die draconische veertien jaar (en dan ook nog in een Afrikaanse gevangenis) heen stapt. Het weblog Catholica stelt voor mannen die zich met elkaar willen verloven veertien jaar uit te lachen. Die spot zet de zaken weer in een juiste verhouding. Want het gaat er niet om mensen te dwarsbomen in wat ze kennelijk niet laten kunnen, het punt is dat je het bonum commune, het gemeenschappelijk goed, ondermijnt door toe te staan dat een fenomeen als homoseksualiteit een juist begrip van seksualiteit ontregelt en daarmee de gehele maatschappelijke orde. Dat gebeurt wanneer het bij wet als een alternatief huwelijk wordt doorgedrukt én men de kritiek daarop verbiedt.

Steeds weer zien we dat antidiscriminatiewetgeving zich blijkt te ontwikkelen tot een stok waarmee de abnormaliteit de normaliteit slaat, intimideert, inperkt of onderdrukt. Alles wat zielig, ziek, zwak of misselijk is, kan zich wreken op wat dat niet is. De underdog wordt een valse upperdog. Hoe nobel het vertrekpunt ook geweest moge zijn, in de praktijk blijkt antidiscriminatie het geliefkoosde wapen van minderheden die bezield zijn door ressentiment en Wille zur Macht. De ironie wil alleen dat die minderheden vaak diametraal tegenovergestelde doelen nastreven. Net als de homo's bedienen zich immers ook islamieten graag van het door de wet aangereikte antidiscriminatiehandvat. En zo leidt dat ons naar een steeds onvrijere chaos, in plaats van tot een betere maatschappelijke orde, waarin zoveel mogelijk partijen hun deel kunnen krijgen.

Politici weten niet meer wat ze willen

We beleven een politieke crisis. Een open deur intrappen, zegt u? Ik bedoel niet de communautaire crisis in ons land. Er is al een tijdlang een inhoudelijke politieke crisis aan de gang. De huidige generatie politici heeft zoveel geschipperd dat ze niet meer weet wat ze eigenlijk wil. Er moet een nieuwe lichting aantreden die weer weet waarvoor ze staat. Wees nu eerlijk: ziet u ze nog in de Wetstraat, de echte socialisten, liberalen of christendemocraten? Hier en daar een uitzondering, ja, maar de regel is het al lang niet meer. Vroeger was het parlement een intellectueel slagveld van ideeën. Visies op de samenleving clashten in het pluchen strijdtoneel en vanaf het spreekgestoelte werden ideologische speeches ten gehore gebracht. Als iemand dat vandaag zou doen, wordt ie uitgelachen, weggehoond, versleten voor moraalridder. "U vraagt, wij draaien" is het motto van de politiek. "Wat wil de kiezer horen? Dat zullen we zeggen." Maar die plaat is ondertussen grijsgedraaid. De kiezer wil leiderschap zien, mensen die durven voorop te gaan, leiders met ideeën, met oplossingen en een richting waar we naartoe moeten. Dat ontbreekt jammerlijk in de Belgische politiek. Een van de oorzaken is de onweerstaanbare drang van partijleiders om - onder druk van de kiescijfers - populaire namen op hun kieslijsten te laten prijken. Maar een leider wordt iemand niet omdat ie de clown kan uithangen op TV of kritische vragen kan stellen (zonder zelf oplossingen aan te moeten dragen). Degenen die jarenlang - en wél met een overtuiging – in die partij hebben gewerkt en geploeterd, zien plots een populair Tv-gezicht bovenaan “hun” kieslijst prijken, van wie tot de dag ervoor niet geweten was welke politieke ideeën hij aanhing. De echte overtuigde partijmensen krijgen geen kans in de partij die ze zelf hebben gemaakt omdat er teveel koekoeken verwelkomd worden door bange partijleiders die hun overtuiging inruilen voor populariteit. Arme politiek. Arm België.

Kris Vleugels, voorzitter C'axent.

Christenen moeten meer van zich laten horen.

Column van Amanda Kluveld in de Volkskrant, 30.04.2010
 
Christenen moeten meer van zich laten horen. De Bijbel en christelijke waarden moeten niet worden weggemoffeld, Ze zijn essentieel voor onze cultuur.

De Engelse dichter en prozaschrijver Andrew Motion is van mening dat schoolkinderen meer over de Bijbel moeten leren omdat Bijbelkennis een essentieel onderdeel van de culturele bagage vormt. Ieder jaar, zo constateert Motion, beginnen er studenten aan bijvoorbeeld de studie Engelse literatuur zonder dat zij ook maar iets van de Bijbel weten. Hij neemt het die studenten niet kwalijk maar zij zijn volgens hem door dit gebrek aan culturele bagage simpelweg niet in staat om de diepe Bijbelse wortels van de literatuur te herkennen en te begrijpen.

Culturele waarde
Morton is een atheïst die de culturele waarde van Bijbel en christendom erkent. En dit soort mensen zullen we nodig hebben in de vele debatten over de rol van religie in het publieke domein die nu gevoerd worden en die in de nabije toekomst naar ik voorspel nog veel vaker en heviger gevoerd gaan worden. En het ziet er naar uit dat in die debatten de culturele en historische waarde van het christendom maar weinig aan bod zal komen en zeker niet zal worden ingebracht door niet-gelovigen. Ook christenen zullen aarzelen om al te veel naar dit belang van hun geloof en praxis voor de samenleving te verwijzen.

Oppervlakkig

Als zij dat wel doen, zullen zij daar niet de stelling aan vast durven knopen dat het christendom, het christelijke onderwijs en de christelijke organisaties in onze samenleving dus een bijzondere en bevoorrechte positie in zouden moeten nemen. Zij nemen over het algemeen genoegen met de oppervlakkige en luie wijze waarop hun geloof door politiek en samenleving qua positie en rechten gelijkgesteld wordt aan andere geloven, waaronder de islam. Zij zijn veel te bang dat, als zij zich anders opstellen, de godsdienstvrijheid zal worden ingeperkt. Dus nemen ze het op voor de vrijheden van de islam ook al weten ze heel goed dat die islam niet dezelfde culturele en historische waarde voor onze samenleving heeft en ook nooit zal hebben.

Verliezen

Omdat christenen over het algemeen terughoudend zijn om zich als culturele en maatschappelijke factor van belang te profileren en al helemaal niet durven zeggen dat zij essentiële schatbewaarders van onze beschaving zijn, zal het christelijk erfgoed in al zijn breedte eerst voor lief worden genomen en vervolgens vergeten. En wat dan? Dan zal de positie van christenen, christendom en christelijke organisaties steeds van incident naar incident worden geproblematiseerd. En steeds vaker zullen christenen een deel van hun positie verliezen. Maar dat zullen maar weinigen in de bredere samenleving opmerken. Het gaat immers maar om incidenten die soms wel, maar steeds vaker niet een onderwerp van serieuze publieke discussie zullen worden.

Toen Andrew Motion zei dat kinderen op school meer over de Bijbel moesten leren, circuleerde er in het Verenigd Koninkrijk een door de regering geïnstigeerde richtlijn voor bibliothecarissen. Daarin stond dat de Bijbel en andere religieuze teksten naar de bovenste plank van de bibliotheken moestem worden verplaatst, dit om te voorkomen dat moslims zich beledigd zouden voelen.

Moslims geloven namelijk dat de Koran niet in de buurt van ‘gewone zaken’ zou moeten worden bewaard, aldus de richtlijn. En wat deden de christenen hiertegen? Niet zoveel. Een beetje morren. Maar ondertussen werd de Bijbel mooi gelijkgesteld aan de Koran, werd de Bijbel verbannen naar een ontoegankelijke plek en werden de richtlijnen voor het bewaren van de Bijbel in openbare bibliotheken aangepast aan de eisen van moslims.

 

Islam
Maar niet alleen door de komst van de islam zal de positie van het christendom in onze samenleving steeds verder worden teruggedrongen.

Ook de steeds vaker in het voordeel van het gelijkheidsbeginsel uitvallende afweging van grondrechten draagt daar aan bij. In de toekomst zal het steeds moeilijker worden voor christelijke organisaties om hun eigen identiteit te behouden, zeker als zij in meer of mindere mate afhankelijk zijn van overheidsgeld. Zij zullen gedwongen worden om mensen in dienst te nemen die met de christelijke uitgangspunten niet veel hebben.

 

Zondig
Een voorbeeld daarvan kwam deze maand in het nieuws in de Verenigde Staten. Een christelijke studentenvereniging werd verboden, omdat deze van mening is dat homoseksualiteit en uitbundig seksueel gedrag zondig zijn. Om lid te worden, moet je die uitgangspunten onderschrijven. Dat mocht niet van het universiteitsbestuur omdat dit discriminerend was. Als doekje voor het bloeden werd bepaald dat ook de vereniging van homoseksuele studenten moest toestaan dat studenten die homoseksualiteit zondig vinden en dus afkeuren, lid mogen worden. Wie hier nu precies iets aan heeft, is onduidelijk maar aan het gelijkheidsbeginsel wordt recht gedaan en dat is kennelijk voldoende.

Non-actief
In het Verenigd Koninkrijk zijn er christenen die van mening zijn dat hun het leven als christen, bijvoorbeeld op het werk, steeds moeilijker wordt gemaakt. Een verpleegster die aanbood voor een patiënte te bidden, werd op non-actief gesteld, een schoolreceptioniste, die het opnam voor haar dochtertje die op de school een reprimande kreeg omdat ze met klasgenootjes over haar christelijk geloof sprak, raakte ook in conflict met haar werkgever.

Volgens sommige christenen is er sprake van vervolging van christenen in het Verenigd Koninkrijk. Dat is volgens de aartsbisschop van Canterbury zwaar overdreven. Oppositie is nog geen vervolging, stelt hij. Denk maar eens aan de positie van christenen in andere landen. Daar heeft deze Rowan Williams een punt. Want de berichten over vervolging van en moord op christenen in de wereld nemen alleen maar toe. Alleen al in de  afgelopen maand april werden overal ter wereld kerken in brand gestoken, christelijke gemeenschappen bestormd en christenen vermoord of onterecht gevangen gezet. Vaak door moslims, vaak in islamitische landen.

Weigerambtenaar

De aartsbisschop heeft gelijk als hij zegt dat problemen op je werk, bijvoorbeeld als weigerambtenaar, daar niet mee te vergelijken zijn. En hij heeft ook gelijk dat we de vervolgde christenen overal te wereld niet moeten vergeten. Een manier om dat te doen, is om zelf wat flinker te zijn in onze eigen samenleving. Om als christen uitgesprokener en zelfverzekerder durven te staan voor je geloof en je erfgoed. En daarbij zouden ze in gedachten kunnen houden dat er overal te wereld christenen worden vervolgd om het simpele feit dat zij christen zijn. Als je dat beseft, laat je als christen toch meer van je horen, laat je niet de Bijbel naar de bovenste plank in de bibliotheek verbannen en laat je niet het christendom gelijkstellen aan iedere andere godsdienst.

Dan ga je zelfs met atheïsten als Motion samen staan voor het behoud van de eigen cultuur en gebruiken. Soms gebeurt dat al. Op de website zijmaakthetverschil.nu nemen mensen van verschillende politieke en levensbeschouwelijke gezindte het op voor de SGP. De website verzamelde in korte tijd al meer dan 30.000 handtekeningen. De volgende keer graag zeven maal zoveel voor het behoud van onze christelijke cultuur en waarden. En veertig maal zoveel voor alle vervolgde christenen in de wereld. Wie de Bijbel kent, weet waarom ik die getallen noem. Wie dat niet begrijpt, zou die Bijbel misschien toch eens moeten gaan lezen.

De politieke crisis rond BHV

Wat de leden van C'axent bindt, is het gezamenlijke christelijk-sociale project in de politiek en de te hanteren ethiek bij politieke beslissingen. 

Uiteraard zijn er ook wat betreft het samenleven van Vlamingen en Franstaligen - en de politieke debatten daarover - een aantal te hanteren waarden en normen.

C'axent vindt dat er meer politiek fatsoen moet zijn wanneer men echt tot een oplossing wil komen. Het is bijvoorbeeld onfatsoenlijk om te kiezen om in een landsdeel te gaan wonen tussen een bevolking wiens taal men niet kent en er dan niet alles aan te doen om die taal zo snel mogelijk te beheersen. Het is nog onfatsoenlijker om - wanneer men in die streek stilaan een meerderheid wordt, de gastvrijheid van het land waar men woont te beantwoorden met de eis dat de originele bevolking zich maar moet aanpassen. Het getuigt van weinig fatsoen wanneer men compensaties eist voor de uitvoering van een arrest van het Grondwettelijk Hof. Het is eveneens onfatsoenlijk om weg te lopen in volle onderhandeling wanneer een consensus nog tot de mogelijkheden behoort, enkel om er publiekelijk beter uit te komen. Anderzijds is het niet fatsoenlijk om maar niet tegemoet te willen komen aan een terechte eis van een bevolking, door wie men niet verkozen moet worden. Het is eervol om de dialoog niet uit de weg te gaan en te blijven werken aan een oplossing voor een politiek probleem, ondanks de onwil van de gesprekspartners en het onbegrip van de publieke opinie.

Kris Vleugels, 29-04-2010

 

Wat hebben onze politici geleerd na 20 jaar abortuswet?

Belgische politici willen protocollaire monarchie

 

 

Uit 'Vandaag', 20 maart: "Twintig jaar na de abortuskwestie komt de rol van de koning weer ter sprake. De meeste politieke partijen willen op termijn overschakelen naar een protocollaire koning naar Scandinavisch model. Koning Boudewijn weigerde eind maart 1990 de abortuswet te ondertekenen waarna toenmalig eerste minister Wilfried Martens liet weten dat de regering een structurele wijziging wilde voorstellen "om te vermijden dat in de toekomst gelijkaardige problemen zouden rijzen". Twintig jaar later is er echter nog niets gewijzigd aan de politieke rol van de koning."
.
Commentaar:
Wat hebben onze politici (en onze media) geleerd na 20 jaar legalisering van het doden van onschuldige kinderen, door een wet, die ervoor moest zorgen dat er minder (illegaal) geaborteerd werd. We weten ondertussen dat er een grote toename van het aantal abortussen is gerealiseerd - juist door deze liberale abortuswet. Indertijd was er één man, die zijn geweten liet primeren op zijn positie. Eén man in onze Belgische politiek die toonde dat hij een geweten had. Hij nam het risico en zette zijn eigen positie (en de instelling van de monarchie) op het spel.
Nu we ons aan een evaluatie zouden mogen verwachten, komt men droogjes met de mededeling dat DE les, die we zouden moeten trekken uit wat er 20 jaar geleden gebeurd is, de hervorming van de macht van het koningshuis is. Ik ben niet overtuigd, al sta ik op 21 juli niet voor het koninklijk paleis met de Belgische vlag te zwaaien ... 
Een evalutiecommissie, die gedurende jaren heeft gewerkt en waar we af en toe voorzichtige rapporten van hebben gekregen, heeft nooit naar behoren de moorddadige realiteit openbaar kunnen maken. Alles werd door de media afgevlakt en gerelativeerd.
En nu komt DE les. Niet dat de abortuswet contraproductief is gebleken, niet dat er de afgelopen twintig jaar duizenden en duizenden kinderen de dood vonden in ons land, niet dat de bevolking onvoldoende geïnformeerd werd over de weerzinwekkende realiteit van abortus, niet dat jonge vrouwen (moeders) in moeilijkheden in de praktijk niet de kans hadden om zich lang genoeg te bezinnen, niet dat vrouwen in ontelbare gevallen onder druk gezet werden door hun omgeving om hun kind 'weg te doen', niet dat er ontelbare vrouwen na een abortus in een depressie, in de psychiatrie en in zelfmoord eindigden. Neen: de conclusie van de politiek is: "we moeten toch eens gaan sleutelen aan de rol van de koning". Proficiat, politici.
Deelt u mijn mening, toon dat dan aanstaande zondag om 14:30u. op het Koningsplein in Brussel. We houden daar een stille tocht tot aan het Justitiepaleis om deze trieste verjaardag en de ontelbare slachtoffers (vooral kinderen en moeders) te herdenken. Laten we massaal aan onze politici laten weten hoe we erover denken. Want abortus stopt het ene hart en breekt het andere.
Kris Vleugels, voorzitter C'axent.

20 jaar abortuswet

Uit: "De Postilion", 01.04.10


20 jaar geleden plaatste koning Boudewijn zijn geweten boven de parlementaire besluitvorming en weigerde de goedgekeurde abortuswet te tekenen. België heeft vergeleken met andere landen een eerder laag abortuscijfer, maar toch worden jaarlijks meer dan 18.000 zwangerschappen afgebroken.  In haar derde rapport stelt de Nationale Evaluatiecommissie voor Zwangerschapsonderbreking dat dit vaak gebeurt om sociale of economische redenen. Er is dus nog werk aan onze welvaartstaat.

 

Ook de culturele druk is een factor. Zo blijken allochtone vrouwen en meisjes oververtegenwoordigd te zijn in de statistieken. Specifieke preventieprojecten richten zich dan ook op vrouwen van andere culturen, vrouwen met verslavingsproblemen, tieners, gehandicapten en vrouwen zonder papieren. Maar preventiecampagnes kennen ook hun beperktheden. Zo kunnen ze risicogedrag juist in de hand werken. Ze zijn vaak ook te technisch en te weinig gericht op relatievorming en –bekwaamheid.

 

De zes bestaande Centra voor Integrale Gezinszorg (CIG’s) in Vlaanderen kampen met wachtlijsten. Tienermoeders of zwangere vrouwen die thuis niet terechtkunnen krijgen er de kans om hun kindje te laten geboren worden. In een CIG kunnen ze ook de draad weer opnemen richting onderwijs of arbeidsmarkt. Hier ligt dus nog een taak voor de Vlaamse overheid om CIG’s verder uit te bouwen en een gebiedsdekkend aanbod te ondersteunen.

 

Ward Kennes

Burgemeester van Kasterlee

Vlaams volksvertegenwoordiger

Europa moet actiever optreden tegen christenvervolging in moslimlanden

ECPM (European Christian Political Movement, waar C'axent lid van is) vindt dat Europa actiever moet optreden (vooral in haar steunbeleid) tegen moslimlanden die de mensenrechten schenden. De moslims, afkomstig uit deze landen, genieten hier in Europa verregaande religieuze vrijheid. Wij verwachten dat de regeringen daar ook instaan voor elementaire veiligheid en conventionele vrijheden voor met name christenen.

Persbericht

Nederlands Dagblad hierover

Reformatorisch Dagblad hierover

Thou shalt not criticise homosexuals

 Source: Spiked, 31-03-2010 - Nathalie Rothschild

 

A born-again Baptist who travels from America to preach the word of God on the streets of Britain is bound to be a bit... shall we say ‘eccentric’? It should come as no surprise that such a person would be intolerant of homosexuality, which is regarded as a sin amongst Baptists. But should religious people who hold such views be punished for expressing them in public? That is what the arrest and fining of the American Christian, Shawn Holes, in Glasgow earlier this month suggests.

Holes, a 47-year-old from New York state, was on a Bible-bashing tour with some fellow Christians, preaching to passers-by on a busy shopping street in Glasgow, when cops arrested him and kept him in a cell overnight. He was subsequently fined a hefty £1,000 for breaching the peace by ‘uttering homophobic remarks’ that were ‘aggravated by religious prejudice’.

The case has received very little media attention. Yet according to reports in Scotland on Sunday and the Daily Mail, Holes discussed general Christian issues before stopping to field questions. When asked about his views on gay people, he responded that they deserve the ‘wrath of God’ and are bound for hell.

A couple of listeners alerted the police, but others apparently thought that a better strategy would be to challenge and heckle Holes. He was quoted in the Daily Mail as saying that: ‘There were homosexuals listening – around six or eight – who were kissing each other and cuddling, and asking: “What do you think of this?”’ However, after two sensitive souls complained, the police took it upon themselves to protect Glaswegians from Holes’ bigotry.

Once upon a time Scottish authorities burnt witches and persecuted those who took God’s name in vain. Today, criticising gays has, as Wendy Kaminer recently pointed out on spiked, been turned into a secular form of blasphemy. Those who ‘utter homophobic remarks’ must be punished, so the thinking goes, for being intolerant and hurtful.

As gay human rights campaigner Peter Tatchell said in a sensible statement, Holes’ treatment represents ‘an attack on free speech and a heavy-handed, excessive response to homophobia’. Tatchell rightly pointed out that prosecuting Holes goes against the values of an open and democratic society, where anyone should be free to spout whatever nonsense they like and we should all be allowed to agree with, challenge or protest against their views. (If only Tatchell would take a similarly sensible position on the right of anti-gay Jamaican dance hall singers to perform in Britain, instead of campaigning for their deportation by the police.) While public institutions, like hospitals or schools, should be prevented from discriminating against gay people, it should not be illegal to disapprove of homosexuality and to express such disapproval.

The fact that, in Holes’ case, the police and courts acted against a politically incorrect – and wrong – statement, one which a majority of people would take issue with, can perhaps explain the lack of outrage over his arrest. But just imagine if protesters advocating gay rights, denouncing George W Bush and Tony Blair as baby killers, or opposing unequal pay for men and women were arrested for offending Christians, supporters of the war in Iraq or male CEOs. There would, of course, be uproar, because it is taken for granted that the public should tolerate listening to these views, which are today mainstream and generally agreed to be acceptable.

But what gets defined as ‘acceptable views’ changes over time. And if one supports the clampdown on views that one finds unpalatable, then that is also to accept that one’s own views might reasonably be deemed beyond the pale by someone else at some other point in time. Unless we have free speech for everyone, we do not have free speech.

Perhaps that should be a lesson to the Roman Catholic Church, which has backed tougher ‘hate crime’ penalties in the past but has said it was wrong for Holes to be charged for expressing a religious belief. The Church’s spokesman, Peter Kearney, agreed that Holes used strong language, ‘but’, he said, ‘it is obviously a religious conviction and not a form of discrimination’.

That is the crux of laws which penalise expression of views and convictions: you never know when they can be turned against you. That is why we should all oppose these efforts to wipe out intolerable views in the name of promoting tolerance.

Nathalie Rothschild is commissioning editor of spiked.

Wendy Kaminer asked if criticising gays is now a secular form of blasphemy. Nathalie Rothschild argued that a Baptist pastor who pickets AIDS victims’ funerals should not be banned from the UK. Brendan O’Neill called for us to reclaim Voltaire and his defence of freedom of speech. He also looked at the case of Dutch bigot Geert Wilders. Dolan Cummings argued that free speech is more than a slogan. Or read more at spiked issue Free speech.

The origins of the crisis

 

6 Apr 2010 | 

 

Rafael Navarro-VallsA Dutch judge decided in July 2006 that the pedophile party Party for Neighbourly Love, Freedom, and Diversity (Partij voor Naastenliefde, Vrijheid en Diversiteit, PVND) could not be banned: "The freedom of expression, the freedom of assembly and the freedom of association … should be seen as the foundations of the democratic rule of law and the PNVD is also entitled to these freedoms.” The objectives of this political party were: lowering the age of consent to 12 for sex, legalizing child pornography, supporting the hardcore porn broadcast on daytime television and allowing bestiality. The party has recently dissolved. Apparently, this was due to a tough campaign launched on all fronts, including the internet, by a Catholic priest, Fr Fortunato di Noto, who has been relentless in the fight against paedophilia.

This good news, whose hero is a Catholic priest, is matched by bad news, also featuring priests of this confession. I mean the media storm sparked by some priests who sexually abused children. These are the details: 3,000 cases of diocesan priests involved in crimes in the past 50 years, although not all were found guilty. According to Msgr Charles J. Sicluna  -- whose role is analogous to a Vatican District Attorney for these crimes -- "60 percent of the cases chiefly involved sexual attraction towards adolescents of the same sex, another 30 percent involved heterosexual relations, and the remaining 10 percent were cases of paedophilia in the true sense of the term; that is, based on sexual attraction towards prepubescent children. The cases of priests accused of paedophilia in the true sense have been about 300 in nine years. Please don't misunderstand me, these are of course too many, but it must be recognised that the phenomenon is not as widespread as has been believed. "

Indeed, if one considers that today there are about 500,000 diocesan and religious priests, this data-without ceasing to be sad, puts the percentage at not more than 0.6%. The most solid scientific work that I know of is by a non-Catholic author, Philip Jenkins -- Pedophiles and Priest, Anatomy of a Contemporary Crisis (Oxford University Press). His thesis is that the proportion of clergy with sexual disorder problem is lower in the Catholic Church than in other confessions. And above all, it is much less than in other organisations. If the spotlight is on the Catholic Church, it is because of the centralization of the church in Rome, which collects enormous amounts of information and knows the problems far better than other institutions and organizations, religious or not.

There are two recent examples that confirm Jenkins’s analysis. Information recently released by Austrian authorities indicates that, in the same period, there were 17 cases of reported sexual abuse in church-related institutions, while in other settings there were 510. According to a report published by Luigi Accatoli, of the Italian newspaper Corriere della Sera, of the 210,000 registered cases of sexual abuse in Germany since 1995, only 94 are related to people or institutions of the Catholic Church. That represents 0.045 percent.

I get the impression that an artificial climate of "moral panic" is being generated… The campaign recalls the black legends about the topic in medieval Europe, the Tudor England, revolutionary France or the Nazi Germany. I agree with Jenkins when he observes: "the power of the continuing pedophile propaganda issue was one of the means of propaganda and harassment used by politicians, in their attempt to break the power of the German Catholic Church, especially in the field of education and social services. " This idea sheds light on a comment by Himmler: "Nobody knows what is happening behind the walls of the monasteries and in the ranks of the community of Rome."

… this issue has its roots in the 60s and 70s, but emerged early in the new millennium because of its economic impact and the reparation for the victims. These were the years of sexual revolution when people discovered, among other likes and dislikes, the "novelty" of pedophilia, and set about, inter alia, demolishing the "walls" erected to prevent sexual contact between adults and minors. Who does not remember -- around that time -- Mrs Robinson and Lolita ...? If one delves a bit, then one can see that some of the most rigorous "moralists" of today were most active apostles of the sexual liberation in the 60s and 70s.

This revolution also affected some clerical environments. Some Catholic universities in America and Europe developed a misconceived teaching about human sexuality and moral theology. Some of the seminarians of that generation were infected and then acted in an unworthy way. John Paul II strongly confronted this corruption, and even revoked permission to teach from some lecturers. Charles Curran, is a good example of that trend...

Faced with the problem, the Church is one of the few institutions that had not closed the windows and barricaded the doors until the storm passes… It has stood up to the problem, has toughened its laws, has apologized to the victims, has given compensation and has become ruthless with the aggressors…  

 

This is an edited version of an article in the Spanish newspaper El Mundo on March 21. Rafael Navarro-Valls is professor of law at the Complutense University in Madrid, and secretary-general of the Spanish Royal Academy of Jurisprudence and Legislation.

"Abortus na anticonceptie is onwettig"

Bron: ND, 19-03-2010  

 

Het gebruik van abortus als uitweg na het mislukken van anticonceptie, moet steviger worden aangepakt. Deze 'oplossing' is uitdrukkelijk niet de bedoeling van de Wet afbreking zwangerschap, vindt ChristenUnie-Kamerlid Esmé Wiegman.

Ze zei dat gistermiddag tijdens een lezing voor Leidse studenten, tijdens een themamiddag over geboortebeperking en abortus. ,,Het beeld dat de Abortuswet een verworven goed is, werkt nog altijd door en tast de morele sensitiviteit aan die nodig is voor een zorgvuldige omgang met seksualiteit, met zwangerschappen en het ongeboren leven in het algemeen'', stelde Wiegman.

Volgens het Tweede Kamerlid wijst de praktijk uit dat veel vrouwen de mogelijkheid tot een abortus aangrijpen als anticonceptiemiddelen hebben gefaald. ,,Deze praktijk strijdt wellicht niet met een bepaalde opvatting over 'autonomie', maar wel met de beschermwaardigheid van het leven en het principe van goede zorg.''

Wiegman zei dat ,,het verrassende'' van de afgelopen kabinetsperiode was dat rond de abortuspraktijk ,,beweging en discussie'' mogelijk was. Maar niet altijd van harte, moest de politica vaststellen toen ze kortgeleden het voorstel deed om de twintigwekenecho buiten de abortustermijn te plaatsen. ,,Opvallend is dat veel discussie omtrent de abortusgrens niet zozeer gaat over inhoudelijke argumenten. Veel vaker is er sprake van angst voor inperking van wetgeving en keuzevrijheid, waardoor inhoudelijke argumenten niet op de juiste waarde worden geschat. Het debat krijgt dan iets weg van een loopgravenoorlog'', is de ervaring van Wiegman.

Toch hoopt ze dat het inhoudelijk debat van de afgelopen jaren wordt voortgezet in de landelijke politiek. ,,Het zou een groot verlies zijn als een nieuw kabinet de discussie weer een paar decennia terugplaatst.''

De ChristenUnie-parlementariër betwijfelt of in zo'n ,,gepolariseerd klimaat'' tussen voor- en tegenstanders wel een goed zicht kan ontstaan op de abortuspraktijk zelf. ,,Politiek was er lange tijd sprake van een gesloten front, waardoor zelfs beginnende discussies over de toetsing of aanpassing van de wet in de kiem werden gesmoord.''

Autonomie

Voorstanders van abortus zouden zich juist ook moeten inspannen voor alternatieven, vindt Wiegman. ,,Pas als het uitdragen van de zwangerschap een even reële mogelijkheid is als het afbreken van de zwangerschap, kan de vrouw in vrijheid een weloverwogen keuze maken. Ook dat is recht doen aan de autonomie van de vrouw.''

Dat in de samenleving veel aandacht is voor breed aanvaarde mensenrechten - waaronder het recht op leven - maar tegelijk de omgang met ongeboren (en soms gehandicapte) kinderen daarmee verschilt, legt volgens Wiegman een moreel probleem bloot. ,,Wie de beschermwaardigheid van het leven tot uitgangspunt neemt, moet de inbreuk daarop door het toestaan van abortus provocatus als een misverstand, een inconsistentie en uiteindelijk, wanneer deze praktijk grootschalig wordt, een groot kwaad zien. Een samenleving die zich inspant ongeboren levens te redden, zal scherper doordrongen zijn van de waarde en de heiligheid van het menselijk leven in het algemeen.''

Bron: Nederlands Dagblad

Te weinig geld voor Ontwikkelingssamenwerking

Vele Europese lidstaten blijken er niet in te slagen om 0,7 % van hun Bruto Binnenlands Product (BBP) te besteden aan ontwikkelingssamenwerking. Nochtans hebben ze dat beloofd... Ook België was een slechte leerling in de Europese klas, tot voor kort, want dit jaar zou de federale begroting voldoende voorzien...

Toen ik vicepremier Vanackere enkele maanden gelden interpelleerde over de Belgische prestaties betreffende ontwikkelingssamenwerking, bevestigde deze dat de federale begroting voor 2010 inderdaad (voor de eerste keer in de geschiedenis) 0,7 % van het BBP voorziet. Maar hij meldde eerlijkheidshalve dat dit in de jaren die komen niet meer zal lukken....

Dat de Europese regeringen er maar niet in slagen om meer te doen voor ontwikkelingssamenwerking, terwijl de nood zo groot is, heeft te maken met het feit dat "de kiezer niet wakker ligt" van de ellende in de ontwikkelingslanden. Wij zijn met zijn allen teveel op onze eigen luxe gericht en te weinig op het levensnoodzakelijke van onze medemensen in landen die beheerst worden door honger en ziekte. Onze regeringen nemen beslissingen in die zin, want zij moeten herverkozen worden door Belgische burgers en niet door Ethiopische of Congolese.... Kris Vleugels

"Christen kan geen Wilders stemmen"

nvdr: Geert Wilders is de voorman van de Nederlandse PVV, een soort Vlaams Belang bij onze Noorderburen.

Bron: One Way / ND, 25-02-2010   

 

Een christen kan niet op de PVV van Geert Wilders stemmen. Dat vindt ruim driekwart van de predikanten en kerkelijk werkers in Nederland. Dat blijkt uit een enquête die het Nederlands Dagblad heeft gedaan onder ruim twaalfhonderd voorgangers.

Alle uitkomsten van het onderzoek worden vrijdag in het Nederlands Dagblad gepubliceerd.

Het gaat om predikanten uit de volle breedte van protestantse kerkgenootschappen in Nederland. Samen tellen die zo’n 2,3 miljoen leden.

,,Jezus komt op voor vreemdelingen, wezen en weduwen. Het gedachtegoed van Wilders en de PVV is tegenstrijdig aan het christendom’’, motiveert een predikant in de Protestantse Kerk.

Een derde van de voorgangers zegt dat er in hun gemeente mensen zijn die PVV stemmen of op z’n minst de ideeën van Geert Wilders steunen. Vijf procent geeft aan dat de PVV in hun gemeente ‘veel’ of ‘zeer veel’ aanhang heeft.

Per saldo is de PVV-aanhang niet groot: volgens negen van de tien voorgangers gaat het in hun gemeente om weinig mensen of hooguit enkelingen.

Alle resultaten van deze enquete kunt u lezen in het Nederlands Dagblad van vrijdag 26 februari 2010. 

Er bestaat geen recht op abortus

Er bestaat geen recht op abortus
door Gudrun Kugler, Europe4Christ
 
De Grote Kamer van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) behandelt momenteel een zaak die de Ierse grondwetsbepaling i.v.m. de bescherming van het ongeboren kind vanaf het ogenblik van de conceptie in gevaar brengt. Indien het Hof deze 25 jaar oude – door een volksreferendum bereikte – toevoeging aan de grondwet beoordeelt als niet verenigbaar met zijn opvatting van de mensenrechten, zou het daarmee een “recht op abortus” scheppen. Zo’n vonnis zou vergaande gevolgen hebben voor alle 47 leden van de Raad van Europa, vooral Polen, Malta en Ierland.

Laten we niet toegeven aan het dictaat van een kleine en radicale groep! Er bestaat geen recht op abortus:

Een “Recht op abortus” gaat in tegen de mensenrechten:
→ De mensenrechten zijn ondeelbaar en spreken elkaar niet tegen: geen mensenrecht kan tegen een ander mensenrecht ingaan. Het fundamenteelste van alle mensenrechten, het recht op leven, zou door een “recht op abortus” teniet gedaan worden.

Een “Recht op abortus” gaat in tegen de mens:
 Een zwangere vrouw spreekt over “haar kind”, een gezin treurt om het ongewilde verlies van een ongeboren kind, een foetus kan van rechtswege het slachtoffer zijn van een misdaad – foeticide – maar ook de begunstigde van een verzekering, erfenis of van een vermogen zijn. Wie zou een “recht” op het doden van dit jongste lid van een menselijk gezin toelaten?

Een “Recht op abortus” gaat in tegen de gelijkheid:
→ De mensenrechten gelden voor iedereen gelijkwaardig, een “recht op abortus” zou een – ook al is het negatief – “privilege” zijn: klaarblijkelijk zijn hierbij “sommigen gelijker dan anderen”, namelijk zij die de “minder gelijken” aborteren.

Een “Recht op abortus” vernietigt de vrede:
→ De Algemene Verklaring van de Rechten van de Mens uit 1948 verklaart dat de “erkenning van de inherente waardigheid en van de gelijke en onvervreemdbare rechten van alle leden van de mensengemeenschap grondslag is voor de vrijheid, gerechtigheid en vrede in de wereld”: “Alle leden van de mensengemeenschap” sluit noodzakelijkerwijze ook de ongeborenen in. Al het andere is ideologische blindheid. Daarom vernietigt een “Recht op abortus” de vrede.

Een “Recht op abortus” vernietigt de rechtsstaat:
→ De mensenrechten moeten door de wet beschermd worden. Als het recht op leven niet beschermd wordt of indien zelfs gewoonweg het tegendeel ervan als een soort “recht” verankerd wordt, hoe kan het individu dan nog de staat of de internationale gemeenschap vertrouwen? De rechtsstaat verwordt hiermee tot willekeur, de persoonlijke integriteit wordt ondergeordend aan de politieke pragmatiek.

Daarom: wie voor een “Recht op abortus” ijvert, toont zijn niet-aanvaarding van en verachting voor de mensenrechten!


Hier nog enkele denkpistes voor het debat: 

→ Hoe het in het politieke debat ook genoemd wordt: Abortus is het doden van een jonge mens met tenen, ellebogen, hartslag en een unieke vingerafdruk.

 Om het even hoe snel de abortus mag plaatsvinden:  Hij kwetst de zielen van diegenen die erbij betrokken zijn. Wij maken ons zorgen om die zielen, de beoordeling ligt maar in Gods hand.

 Het moet ons niet verwonderen, dat elke kritische bemerking over abortus op zoveel weerstand botste: We moeten bedenken, dat een steeds meer aangroeiend gedeelte van onze bevolking in de voorbije decennia op een of andere manier hierbij betrokken was. Het abortusdebat is een van de minst eerlijke debatten.

 Neen, het is niet “uncool” om voor het leven te kiezen: In tegendeel, het getuigt van moed. Het is de weg naar de toekomst die applaus verdient! 

Wij zoeken het geluk, als we eraan denken om het leven van een baby te beëindigen. Kiezen voor abortus is kiezen voor een schijnbaar goed, beter gezegd, voor het minste kwaad. Het leven van een kind beëindigen is een onomkeerbare beslissing. Als onze opvatting van wat “goed” is zou veranderen – wat in de loop van een leven ook vaak gebeurt – is er in dit geval geen weg terug. Het beste pro life-argument is dat van de betekenis van het leven: is alles maar een wedloop waarbij men de zakken van de anderen moet vullen? Waarom leven wij? Laat ons toch onze premissen in vraag stellen!


- - - 

*Details (met dank aan het European Life Network voor deze samenvatting): 
Internationale pro-abortusorganisaties doen een poging om abortus tot een algemeen mensenrecht te maken. Op dit ogenblik wordt een proces tegen Ierland gevoerd, waarvan de uitslag echter alle landen zal betreffen die het ongeboren kind beschermen.

De Ierse grondwet beschermt het recht op leven van de ongeborene en via dit proces bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens wilt men dit veranderen. Zou de klagende partij gelijk krijgen, zou dit gevolgen hebben voor meerdere Europese landen. De zaak, bekend onder de naam “A, B en C tegen Ierland” gaat uit van drie vrouwen, die door de Ierse Family Planning Association (IFPA) gepusht werden. Het IFPA maakt deel uit van International Planned Parenthood, de grootste abortusorganisatie ter wereld. Zo’n oordeel zou gelijkaardige gevolgen hebben als de Roe vs Wade case in de Verenigde Staten, de zaak die de nog restrictieve abortuswetten ondermijnde door een “Recht op Abortus” te postuleren.

De Ierse grondwet zegt “De staat erkent het recht op leven van de ongeborene en garandeert, rekening houdend met het recht op leven van de moeder, ook deze wettelijke bescherming en – in zoverre mogelijk – ook deze verdediging en omzetting.”

Tenslotte staat de Ierse grondwet zelf voor het gerecht en de principes van de democratie worden bedreigd. De beslissing van het EHRM zal alle leden van de Raad dwingen om hun wetten om te vormen, op de eerste plaats Polen en Malta, die beiden het recht op leven van de ongeborene erkennen.

Voor meer informatie: het ‘public hearing’ van 12 september  2009 (in het Engels): http://www.echr.coe.int/ECHR/EN/Header/Press/Multimedia/Webcasts+of+public+hearings/webcastEN_media?&p_url=20091209-1/en/<http://www.echr.coe.int/ECHR/EN/Header/Press/Multimedia/Webcasts+of+public+hearings/webcastEN_media?&amp;p_url=20091209-1/en/>  

Slechts een mening

Bron: Katholiek Nieuwsblad, Jan Peeters - 29-1-2010

 

De Britse regering heeft deze week forse nederlagen geleden in het Hogerhuis toen zij probeerde om het religieuze instellingen wettelijk nog moeilijker te maken personeel te weigeren of te ontslaan op seksuele gronden. Als het aan de wetsontwerpers had gelegen, zou de katholieke Kerk juridisch gedwongen moeten worden homo's, biseksuelen en vrouwen te accepteren voor het priesterschap of diaconaat. Zover ging de aanscherpingen van de wet nog niet, die slechts als ‘toelichting' werden gepresenteerd. Maar ondertussen werden de uitzonderingen op de Wet gelijke behandeling beperkt tot volstrekt willekeurige criteria zoals een minimumaantal uren catechese.

Terecht zeiden de katholieke bisschoppen, en de heel laat gealarmeerde anglicaanse collega's, dat er heel wat priesters zijn die deze quota gezien hun werkzaamheden niet halen. Bovendien is het een juridische truc om katholieke scholen open te breken. De tweede man van de anglicaanse Kerk, aartsbisschop John Sentamu van York, stelde dat “vele Kerken en andere religieuze organisaties fout zitten inzake seksuele ethiek. Maar wanneer godsdienstvrijheid iets betekent, dan is het aan de Kerken dat zelf uit te maken in overeenstemming met hun eigen overtuigingen”.

Hoewel de regering-Brown vooralsnog bakzeil heeft gehaald, is het uiterst zorgelijk dat op aanscherping was aangedrongen door de Europese Commissie. Volgens artikel 18 van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens heeft “een ieder recht op vrijheid van gedachte, geweten en godsdienst; dit recht omvat tevens de vrijheid om van godsdienst of overtuiging te veranderen, alsmede de vrijheid hetzij alleen, hetzij met anderen zowel in het openbaar als in zijn particuliere leven zijn godsdienst of overtuiging te belijden door het onderwijzen ervan, door de praktische toepassing, door eredienst en de inachtneming van de geboden en voorschriften”. Dus als de katholieke Kerk ervan overtuigd is dat vrouwen, en mannen met diepgewortelde homoseksuele neigingen, niet kunnen worden toegelaten tot het priesterschap en eenieder vrijlaat de Kerk te verlaten, dan moet zij daar conform artikel 18 volkomen vrij in zijn.
En net zoals eenieder katholieken mag beschouwen als achterlijk, mogen katholieken homoseksualiteit of buitenechtelijke seks moreel verwerpelijk noemen conform artikel 19, dat de vrijheid van meningsuiting garandeert. “Dit recht omvat de vrijheid om zonder inmenging een mening te koesteren en om door alle middelen en ongeacht grenzen inlichtingen en denkbeelden op te sporen, te ontvangen en door te geven.” (Bron: United Nations Department of Public Information, NY)

Het is zorgwekkend hoe tot op het hoogste Europese niveau blijkbaar de overtuiging heerst dat beide rechten dwingend ondergeschikt gemaakt mogen of zelfs moeten worden aan de huidige courante en dominante mening, die uiteindelijk niet meer dan slechts een mening is.

Léonard: "Franstaligen moeten af van superioriteitscomplex"

Vaak voelen de Franssprekende Belgen de Vlaamse eisen aan als agressie. Zonder me uit te spreken op politiek vlak, nodig ik hen echter uit nooit te vergeten dat Vlaanderen gedurende eeuwen heeft moeten vechten om zijn taal en cultuur gerespecteerd te krijgen. Lange tijd was Vlaanderen slachtoffer van Franstalige arrogantie. En de Belgische Staat, ontstaan in 1830-1831, droeg gedurende een eeuw bij tot de actieve verfransing van Vlaanderen. Nu het de welvarendste regio van het land geworden is, wil Vlaanderen duidelijk zijn culturele eigenheid en taalkundige autonomie bevestigen.

Als de Franstaligen, die spontaan meer aan de eenheid van België gehecht zijn dan de Vlamingen, willen dat België blijft bestaan, volstaat het niet Belgische vlaggen in de straten te hangen. Ze moeten afstand nemen van hun linguïstische superioriteitscomplex. Elk volgens eigen sociale rol moeten ze de taal en de cultuur van hun noorderburen leren kennen en ervan leren houden. Dat is de prijs die betaald moet worden wat persoonlijke verantwoordelijkheid betreft, als ze willen dat België een toekomst heeft. (...)

Mgr. André-Mutien Léonard, bisschop van Namen, in een opiniestuk in Katholiek Nieuwsblad, 18 juli 2008

"Islamdebat keert zich tegen christenen"

Bron: OneWay/ND, 14-01-2010   

 

De 'islamisering' van Nederland is schromelijk overdreven. De door Wilders aangeblazen angst voor de islam werkt ,,vergiftigend'' en tast het ,,zelfvertrouwen'' van de samenleving aan. Dat schrijven de CDA-Kamerleden Mirjam Sterk en Jan Schinkelshoek in een opiniebijdrage in het Nederlands Dagblad.

 

Sterk en Schinkelshoek merken op dat de islam het ,,mikpunt'' is in het religiedebat, maar vrezen dat in het voetspoor van de islamkritiek ook de verdraagzaamheid jegens het christendom als sneeuw voor de zon verdwijnt. In de angst voor de islam, aldus de beide Kamerleden, sluipt er een gif in het debat over religie in de publieke ruimte waarbij ,,door het christendom gelouterde waarden worden aangevreten''.

Commentaar C'axent 15-01-2010

 

Deze trend is ook waarneembaar in België. Misschien is de vrees van de twee Nederlandse parlementsleden hier zelfs al bezig concreet te worden. De angst voor het islamextremisme wordt door vrijzinnigen aangewend om ook de christelijke godsdienst totaal van het publieke forum te bannen, een droom die ze reeds lang koesterden, maar nu hebben ze een open doelkans... Het wetsvoorstel over de scheiding van Kerk en Staat is daarvan een bewijs. Het advies van de Raad van State zet echter weer op degelijke wijze de puntjes op de i. KV

Handen af van het beeld van God

Bron: ND, 08-01-2010 - Sam Janse

 

Geboorteregeling lijkt een typisch moderne problematiek. Een scala aan voorbehoedsmiddelen wordt mensen in deze tijd aangereikt en ook abortus is volgens velen een verantwoorde mogelijkheid. Een verkenning van de klassieke oudheid laat de overeenkomsten en de verschillen met onze tijd zien.

Bevolkingspolitiek was ook in het oude Rome niet ongewoon, alleen lag het probleem daar aan de andere kant. In 18 v.Chr. vaardigde keizer Augustus een wet uit, de Lex Julia , die het kindertal moest verhogen. Het patroon is niet onbekend: beschavingen met een rand van weelde en decadentie kennen vaker een slinkend geboortecijfer. De angst dat vreemdelingen met hun grote gezinnen Rome zouden overspoelen was reëel. Tacitus vermeldt dat de Romeinen, anders dan de Germanen, een laag geboortecijfer hadden. Elke weldenkende Romein moet de dreiging daarvan ervaren hebben. We herkennen de situatie.

In Rome werd weinig getrouwd. Veel mannen hadden genoeg aan het concubinaat, het samenleven met een vrouw zonder juridische garanties. Het is ongeveer de ons bekende vorm van samenwonen maar dan zonder contract. Hier zette de keizer in. Het huwelijk werd aangemoedigd en overspel verboden, want een gezond gezinsleven moest het kinderaantal bevorderen. Abortus bleef toegestaan, maar een groot gezin werd wel beloond. Een vroege vorm van kinderbijslag dus.

Waren Romeinse echtelieden in staat om aan geboorteregeling te doen? De lage geboortecijfers doen vermoeden van wel. Onthouding zal niet populair geweest zijn. Vaker werd de coitus interruptus beoefend, het onderbreken van de gemeenschap vlak voor de zaadlozing. De bronnen spreken ook over anale, manuele en orale seks.

En abortus was een mogelijkheid. Musonius Rufus, filosoof, tijdgenoot van Paulus, noemt dit als een van de middelen die het geboortecijfer drukten. Dat kon met een kruidendrank maar ook door operatief ingrijpen. Met de kennis en kunde van toen zal dat niet zelden verkeerd afgelopen zijn voor de moeder.

Zelfs daarmee waren de mogelijkheden niet uitgeput. Het kind was na de geboorte nog niet beschermwaardig. Pas als de vader het in een speciale ceremonie in zijn armen had genomen en als zijn kind had aanvaard, had het recht op leven. Al eerder hadden Plato en Aristoteles gesteld dat het doden van pasgeborenen in het belang van de staat acceptabel was, bijvoorbeeld bij een gehandicapt kind dat ten laste van de samenleving zou komen.

In het algemeen werd het doden van de ongeboren en zelfs van de geboren vrucht in de Romeinse samenleving aanvaard. Verzet kwam er voornamelijk van filosofen, onder anderen van de al genoemde Musonius Rufus: het is tegen de natuur, voor stoïsche wijsgeren een doorslaggevend argument.

Maar is het lage geboortecijfer zo afdoende verklaard? Recente studies maken aannemelijk dat men in de oudheid op grote schaal voorbehoedsmiddelen gebruikte. Met een zeker dédain zijn deze praktijken vaak afgedaan als magie. Sommige middelen zitten inderdaad in die hoek. Plinius spreekt in zijn Natuurlijke Historie over een harige spin met een enorme kop, die opengesneden twee kleine wormen toont. Worden deze vóór zonsopgang met een strip hertenleer op het vrouwenlichaam bevestigd, dan zal de vrouw een jaar lang niet zwanger worden. Moderne experimenten hebben het effect hiervan nog niet bevestigd.

Anders ligt het met aftreksels van planten als de ruit, de granaatappel en de polei, een muntachtige plant. Proeven op muizen hebben uitgewezen dat toediening ervan soms tot honderd procent afname van de vruchtbaarheid leidde en dus zonder meer betrouwbaar was.

In het jodendom lagen de kaarten fundamenteel anders. De zorg van Joden voor hun kroost viel ook niet-Joden op. De Griekse schrijver Hecateüs van Abdera, uit de tijd van Alexander de Grote, schrijft dat Mozes de Israëlieten opdroeg om voor hun kinderen te zorgen en dat zij daarom zo talrijk waren geworden. Joodse schrijvers noemen abortus onder de ernstige zonden, doorgaans in combinatie met het achterlaten of vermoorden van pasgeborenen. Zo zegt Pseudo-Phocylides: ,,Laat een vrouw niet een ongeboren baby in haar schoot vernietigen en het na de geboorte niet voor de honden en de gieren werpen als prooi''.

Het Oude Testament zwijgt over abortus: het zal niet nodig geweest zijn om hier expliciet tegen te waarschuwen. De beschermwaardigheid van de foetus blijkt wel uit Exodus 21 : 22: als een zwangere vrouw in een vechtpartij haar vrucht kwijtraakt moet de schuldige een vergoeding geven. De Septuaginta , de Griekse vertaling van het Oude Testament, geeft hiervan een interessante vertaling. Er wordt, zonder aanleiding in de brontekst, onderscheid gemaakt tussen het ongevormde embryo en de al meer mensvormige vrucht. De laatste heet exeikonismenon , letterlijk: 'uitgebeeld'. Het zal niet toevallig zijn dat daar het woord eikoon , beeld, in zit, het woord dat in Genesis 1:26 en 9:6 aangeeft dat de mens naar Gods beeld geschapen is.

Hier ligt het eigenlijke motief tegen abortus: het vernietigt het beeld van God. De filosoof Philo en de geschiedschrijver Flavius Josefus denken in deze lijn verder. Abortus is niet anders dan kindermoord, zegt de laatste, want deze handeling vernietigt een ziel en vermindert het menselijk geslacht.

De Misjna (derde eeuw) spreekt genuanceerder. Bij levensgevaar van de moeder moet de foetus worden gedood. Het leven van de moeder telt dan het zwaarst. Is het hoofdje al uit de baarmoeder, dan mag het kindje niet meer worden gedood, want het ene leven is niet meer waard dan het andere. Hier wordt abortus op medische indicatie tot op zekere hoogte aanvaard.

Volgens het jodendom doet een mens de Schepper tekort als hij beginnend leven in de kiem smoort. De rabbijnen gingen zelfs een stap verder door ook anticonceptie te verwerpen. Is het eerste gebod van de Tora niet: ,,Wees vruchtbaar, word talrijk, vervul de aarde en onderwerp haar'' (Gen. 1 : 28)? Wie zich niet voortplant, staat gelijk aan iemand die bloed vergiet. Of: hij is als iemand die het beeld van God vermindert. De mens is immers het beeld van God. De dood van Onan (Gen. 38 : 9-10) werd algemeen geïnterpreteerd als een verbod op coitus interruptus , het verspillen van het zaad.

Toch wordt ook het belang van de vrouw in het oog gehouden. De Babylonische Talmoed vertelt over Judit, de vrouw van rabbi Hiyya, die na een gevaarlijke bevalling aan haar man vroeg: ,,Is het ook aan de vrouw geboden het geslacht te vermenigvuldigen?'' ,,Nee'', zei de rabbi, ,,alleen aan de man''. Zij ging heen en dronk een steriliserende drank.

De christelijke predikers gaan inzake abortus in hetzelfde spoor. Ook in het Nieuwe Testament wordt dit niet expliciet veroordeeld. Mogelijk verwijst de pharmakeia - onder andere genoemd in Openbaring 9:21 en daar in de NBV vertaald met 'ontucht' - ernaar. In de vroegchristelijke geschriften de Didachè en de Brief van Barnabas worden het plegen van abortus en het doden van een pasgeborene zonder meer als moord beoordeeld en het valt ook nu weer op dat deze delicten naast elkaar staan.

In de Openbaring van Paulus (vierde eeuw) ziet de apostel in de krochten van de hel mensen in een rivier van vuur en vraagt wie het zijn. Het antwoord luidt: ,,Dat zijn vrouwen die de schepping van God bezoedelen door kinderen uit hun schoot te verwijderen, en dat zijn de mannen die met hen sliepen. Hun kinderen echter riepen tot de Heer God en tot de engelen die over de straffen gingen met de woorden: 'Verdedigt ons tegen onze ouders... zij hebben ons als voedsel gegeven voor honden en om vertrapt te worden door zwijnen. Anderen hebben ze in de rivier gegooid''. Ondanks hun misdaden heeft Paulus medelijden met hen en op zijn voorbede geeft God op zondag verlichting van straf.

Ook bij de meer officiële vertegenwoordigers van de vroege kerk vinden we een sterke afwijzing van abortus. Athenagoras, Clemens van Alexandrië en Tertullianus stellen dat abortus niet anders is dan moord. Een filosofisch motief is dat de ziel al direct met de verwekking ingeplant of overgedragen wordt. Een meer Bijbels argument is dat de Schriften herhaaldelijk spreken over Gods bemoeienis met de ongeboren vrucht, onder andere bij Jeremia (Jer. 1 : 5) en Johannes de Doper (Luc. 1 : 41).

De klassieke oudheid heeft een onvoorstelbare doorwerking gehad in christelijk Europa. Veel van de inrichting van het leven ging mee. Maar op een aantal punten zijn de naden zichtbaar en soms gaapt er een afgrond. Bijvoorbeeld tussen de Romeinse historicus Tacitus die het merkwaardig vindt dat Joden het doden van pasgeborenen als een misdaad beschouwen en de Joods-christelijke traditie die zelfs het doden van de foetus als moord ziet. Inzake abortus en kindermoord is in de oudheid één motief beslissend: het gemeenschappelijk belang, de res publica . Hetzelfde belang kan ook leiden tot een kritische houding ten aanzien van abortus zoals we bij de latere keizers zien.

Bij de Joodse en de christelijke schrijvers komt een totaal ander motief naar voren, namelijk van de beschermwaardigheid van het leven en wel van elk leven, ook en juist van het zwakke, gehandicapte en ongeboren leven. Modern gezegd: hier ligt een waarborg voor de rechten van de mens. De enkele mens moet tegen de samenleving en de staat beschermd worden. In het jodendom is daarbij beslissend dat de mens naar Gods beeld geschapen is, christelijke theologen grijpen naar het verwante motief van de mens als werk van Gods handen en voorwerp van Gods zorg.

De abortusproblematiek blijkt minder modern dan we soms denken. De kernvraag is: vanaf wanneer is het leven beschermwaardig? Het jodendom gaat daarin het verste door terug te gaan tot vóór de conceptie: de man heeft de plicht om nageslacht te verwekken. Onze overbevolkte aarde laat ons voorzichtig zijn met dit argument. De andere pool wordt bezet door de oudheid waarin zelfs pasgeboren leven niet zonder meer beschermwaardig is. Uitzonderingen daargelaten is er hier een schokkende consensus dat een pasgeborene mag worden gedood ter wille van het algemeen belang. Onze samenleving staat opnieuw voor de grote vraag vanaf welk moment het menselijk leven beschermwaardig is. We hanteren bij riskante ondernemingen het begrip veiligheidsmarges. Misschien moeten we deze ook in acht nemen als het om menselijk leven gaat. De bijdrage van de Joods-christelijke traditie is dat we met mensenrechten niet te laat moeten beginnen.

 

Dr. Sam Janse is parttime predikant van de Protestantse Gemeente in Driebergen, nieuwtestamenticus en docent Nieuwe Testament aan het Baptisten Seminarium te Barneveld.

10 argumenten tegen adoptie van kinderen door homoparen.

Bron: Europe4christ.com

 

Het recht van het kind op een moeder en een vader Tien argumenten tegen een adoptierecht voor homoseksueel levende koppels Christl R. Vonholdt

 

•     Elk kind heeft het recht op een moeder en een vader. In de structuur

van een homoseksueel „gezin“ wordt dit recht gepland en bewust het kind onthouden. Dat is een diepgaande schending van de kinderrechten.

 

•     Een kind dat in het bewustzijn opgroeit dat zijn beide ouders twee

vrouwen of twee mannen zijn, wordt gemanipuleerd in zijn kennis omtrent zijn tweegeslachtelijke oorsprong. Dit zal de ontwikkeling van zijn identiteit beïnvloeden.

 

•     Verscheidenheid is altijd een betere aanzet tot ontwikkeling dan

gelijkheid. Het onderzoek van de laatste 40 jaar toont unaniem aan dat afhankelijk van het geslacht moeder en vader diversiteit aanbrengen in de ontwikkeling van de kinderen. Een kind uit een homoseksueel „gezin“ is daarom van het begin af duidelijk benadeeld in zijn ontwikkelingsmogelijkheden.

 

•     De beste voorwaarden voor de ontwikkeling van een zekere en

evenwichtige geslachtsidentiteit heeft een kind wanneer het in de “geslachtelijke spanning” (Geschlechterspannung) van een moeder en een vader kan opgroeien. In een homoseksueel “gezin” wordt het kind dit ontwikkelingsvoordeel bewust onthouden.

 

•     In het geval een vader of een moeder tragisch genoeg zouden afwezig

zijn, zoals bijvoorbeeld bij alleenstaanden met kinderen, heeft het kind de mogelijkheid om dit verlies te betreuren en zo constructief te verwerken. Als het kind echter voorgehouden wordt dat een homoseksueel “gezin” een volledige, enkel maar alternatieve gezinsvorm is, verhindert dit dat het kind het reële gemis van een moeder of vader kan verwerken. Het blijft hierdoor afgescheiden en dit zal zich destructief uitwerken op de psychosociale ontwikkeling van het kind.

 

•     Er bestaan aanzienlijke verschillen qua levensstijl tussen homoseksuele

en heteroseksuele koppels. Statistisch gezien is de promiscuïteit bij homoseksueel levende mannen duidelijk hoger dan in een gebruikelijke vader-moeder-relatie. Dit werkt zich destructief uit op de nood aan binding bij kinderen.

 

•     Het overgrote deel van de studies die een zogenaamde gelijkheid tussen

homoseksueel en heteroseksueel ouderschap pretenderen, bevatten zwaarwegende methodische fouten. Uit geen enkele voorliggende studie kunnen zo’n verregaande besluiten getrokken worden.

 

•     Voor een lesbisch levende vrouw is het kenmerkend dat zij de man en het

mannelijke niet in haar onmiddellijke omgeving wil of kan hebben. Dit bemoeilijkt en werkt remmend op de mannelijke identiteitsontwikkeling van jongens.

 

•     Voor een meisje is de vader het belangrijkste rolmodel van wat zij zelf

ooit van een man kan verwachten. Studies tonen aan dat meisjes in de adolescentie die zonder vader opgegroeid zijn, grotere ‘borderline’- problemen hebben in vergelijking met leeftijdsgenoten en ook vaker ongewild zwanger worden.

 

•     Als bij een volledig adoptierecht in de geboorteakte van een kind twee

vrouwennamen of twee mannennamen zouden staan, wordt het kind ook daardoor in zijn kennis over zijn tweegeslachtelijke oorsprong bedrogen.

 

Christl Ruth Vonholdt is kinderarts en leidt het Duitse „Institut für Jugend und Gesellschaft“. Zij promoveerde aan de Geneeskundige Hogeschool Hannover.Duits Instituut voor Jeugd en Samenleving. Meer informatie op http://www.dijg.de/

12 stellingen voor het kruisbeeld in de pubieke ruimte

Bron: Martin Kugler, Europe4Christ

 

Gezien de actualiteit willen wij u enkele argumenten voorleggen omtrent het debat over het

kruisbeeld in openbare ruimtes. Graag moedigen wij u aan om van de gelegenheid gebruik te maken om met woord en daad voor een Europa op te komen dat zijn wortels niet verloochent. Slechts zo zal ons continent een plaats blijven waar godsdienstvrijheid en tolerantie geen retorische gemeenplaatsen, maar geleefde werkelijkheid zijn.

 

Samenvatting van mogelijke argumenten: 12 stellingen

 

Het recht op godsdienstvrijheid kan maar de uitoefening ervan betekenen – niet het „vrij zijn van confrontatie“. Het doel van godsdienstvrijheid is niet het scheppen van een samenleving zonder godsdienst.

 

Kruisbeelden weghalen is een belediging op net hetzelfde niveau als het aanbrengen van een kruisbeeld dat is voor atheïsten. De lege witte wand is ook een ideologisch statement – vooral indien de muur vroeger eeuwenlang niet leeg was. Een „waardeneutrale“ staat is een hersenspinsel, dat vaak propagandistisch gebruikt wordt.

 

Een zogenaamd recht om niet met religieuze zaken geconfronteerd te worden, kan dus geen voorrang hebben op het recht op een vrije beleving van godsdienst.

 

De staten die de Europese conventie van de mensenrechten ondertekend hebben, verstonden onder de term „recht op godsdienstvrijheid“ zeker en vast niet „vrij van godsdienst“.

 

Juristen hebben het over de „slippery slope“ (opgepast slipgevaar!):

Verdedig de poorten! Vandaag worden instellingen door de beeldenstorm bedreigd, morgen de halsketting die ik buitenshuis draag!

 

In plaats van religieuze intolerantie te bestrijden, wordt de godsdienst in haar symboliek bestreden.

 

Men kan geen politieke problemen bestrijden door de godsdienst te bestrijden.

 

Antireligieus fundamentalisme maakt zichzelf tot bondgenoot van het religieuze fundamentalisme omdat het dit door intolerantie uitlokt.

 

Het ligt in de natuur van het christendom om naar buiten te treden – het kan zichzelf nooit als een private aangelegenheid zien of zich in een getto laten opsluiten.

 

De getroffen bevolking zou merendeels de kruisbeelden willen behouden! Het is ook democratisch gezien problematisch om individuele belangen zo uitdrukkelijk voorrang te bieden.

 

Het kruisbeeld is het logo van Europa. Het is een religieus symbool, maar ook wezenlijk meer dan dat.

 

 

Het kruisbeeld is het logo van Europa

door Martin Kugler

 

Toen de Weense kardinaal König in 1960 na een zwaar auto-ongeval in het toenmalige Joegoslavië uit de coma ontwaakte, zag hij aan de muur van de ziekenkamer een portret van Tito. Voor de jonge aartsbisschop was deze belevenis het begin van een innerlijk proces dat hem tot een bijzondere solidariteit bracht met de christenen in de communistische landen. Voor ons kan de schets van deze situatie een hulp zijn om een misverstand uit de weg te ruimen waarmee vandaag in Europa politiek gevoerd wordt. Het gaat met name om het bijgeloof dat er pas echte godsdienstvrijheid is als een samenleving vrij van godsdienst is, of – wat diplomatischer

geformuleerd: laïcisme is de adequate manier waarmee een staat zijn neutraliteit uitdrukt. Dit misverstand, dat nu door een vonnis van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens gepropageerd wordt, berust op twee aannamen die in een rationeel, vrij van vooroordelen gevoerd discours gemakkelijk kunnen weerlegd worden.

 

Ten eerste: de zogenaamde waardeneutrale staat. Dit is eenvoudig naïef en het gevolg van een illusie.

Ten tweede: de aanname dat de openbare ruimte zonder enige aanwezigheid van religieus leven of religieuze symbolen “toleranter” zou zijn of beter zou zijn voor de gewetensvrijheid dan een “Public Square” die uitingen van religieus geloof toelaat of zelfs stimuleert.

 

Met de eerste van beide aannamen van ons misverstand kan men eigenlijk

lachen: waardeneutrale staat? Tegenover belastingsontduiking en corruptie?

Tegenover vreemdelingenhaat en discriminatie? Tegenover milieuzonden en seksuele intimidatie op het werk? Een staat die neonazi’s verbiedt, pornografie toelaat, bepaalde vormen van ontwikkelingshulp fiscaal aanmoedigt en andere niet… dit alles op grond van neutrale waarden?

Hier wil ons toch iemand voor de domme houden. Goethe foeterde reeds tegen de onzin om het over “liberale ideeën” te hebben. Ideeën moeten zomogelijk goed of juist zijn. Onze houding tegenover mensen met andere ideeën moet liberaal zijn. De term “waardeneutrale staat” kan ik als historicus maar zo interpreteren: het is een wat late overreactie van Europese intellectuelen tegen het verbond van troon en altaar in vroegere tijden.

 

De tweede aanname moet men daarentegen ernstiger nemen. De grote joodse rechtsgeleerde Joseph Weiler vond in verband met het debat over het vermelden van God in de Europese grondwet dat hij zich als lid van een religieuze minderheid beter beschermd voelt in een samenleving die haar religieuze symbolen respecteert dan in een laïcistische samenleving die zelfs missionair tegen elke geloofsuiting ten strijde trekt en bovendien haar wortels verloochent. We kunnen hier nog aan toe voegen: ook het weghalen van kruisbeelden in een publiek ziekenhuis en de achterblijvende witte wanden zijn een teken, houden een symboliek in en zenden signalen uit naar de stervende patiënten die er naar kijken.

 

Natuurlijk zou de atheïstische moeder van een schoolkind zich door het kruisbeeld in het klaslokaal ongemakkelijk kunnen voelen. Maar dit is onvermijdelijk. Ook ik voel mij ongemakkelijk als ik in elk Oostenrijks postkantoor een foto zie van de bondspresident waarvoor ik niet gestemd heb. Of terwijl ik met mijn dochter op weg naar de kleuterschool de door mij meebetaalde affiches van de stad Wenen moet bekijken. Beïnvloeding, ideologische signalen, visuele aanwezigheid, overigens ook seksuele, zal er altijd en overal zijn. De vraag draait enkel over in welke vorm en met welke inhoud. En op dit vlak moet de staat zich slechts zeer matig inmengen. En dan nog niet door verbodsbepalingen die de godsdienst in een getto duwen. Het kruisbeeld is vandaag minder dan ooit een teken van dwang, maar een teken van identiteit en Europese samenhang. En daarom mistte niet alleen kardinaal König het in zijn Joegoslavische ziekenkamer.

Ook ik en mijn niet-kerkelijke vrienden zullen het missen. Op de toppen van de Zwitserse Alpen, op de kerken in Bourgondië en op de ambulance van het Rode Kruis. Het kruisbeeld is voor christenen een oproep en een geheim. Maar voor Europa is het het meest succesvolle en beste logo aller tijden. Het moet zichtbaar blijven.

(Tageszeitung Die Presse, 6.11.09)

 

 

Dr. Martin Kugler studeerde geschiedenis, politicologie en communicatiewetenschap en leidt het agentschap Kairos Consulting in Wenen.

Hulp bij echtscheiding

C'axent - 28.10.09 - Kris Vleugels

 

Vanmorgen hoorde ik bij Peeters & Pichal een interview met een initiatiefneemster van de "scheidingsschool". Scheiden is moeilijk. Dat moet je dus leren. In een tijd dat het aantal echtscheidingen hand over hand toeneemt, zal hier zeker een 'markt' voor zijn... Hoewel ik de indruk heb dat ze het ondertussen al kunnen... Uitspraken zoals: "Je moet leren van je scheiding, zodat je de fouten uit het verleden niet meer opnieuw maakt" en "we leren beter te communiceren, zodat een nieuwe relatie mogelijk is" klinken goed en geven hoop. Want er zijn heel wat mensen in een echtscheidingssituatie, die hulp en steun - en vooral hoop - kunnen gebruiken. Alle betrokkenen zijn immers slachtoffers. Wat ik minder kan waarderen is dat echtscheiding zo vaak - en ook hier weer - te zeer als de oplossing voor het probleem wordt aangedragen. Het probleem is dan het slechte huwelijk, waar gehuwden en kinderen onder lijden. De oplossing is het probleem wegdoen. Dat is onze hedendaagse manier van denken: oplossen = wegdoen. Dat is bij een ongewenste zwangerschap zo, dat is bij lijden zo, dat is bij relaties zo. Zijn wij mensen dan echt niet creatiever? Jawel, er zijn gelukkig ook organisaties die in plaats van "hulp bij echtscheiding" te geven (en mensen helpen om de beslissing te nemen een eind aan hun huwelijk te maken), zich bezighouden met "hulp bij gehuwd zijn". Want problemen voorkomen is beter dan puin te ruimen. Immers, een huwelijk gaat nooit vanzelf. Er moet aan gewerkt worden. In elke relatie moet je investeren. En dat doe je best op tijd, voor er onherstelbare schade is aangebracht. Daarom vraagt C'axent al jaren aan de overheid om organisaties die aan huwelijksbegeleiding doen, (beter) te ondersteunen. Vorig jaar waren er een aantal federale parlementsleden uit verschillende partijen, die ons verzekerden een voorstel in die zin te zullen formuleren. We hebben nog niet veel 'beweging' waargenomen... Wie zegt dat zoiets onbetaalbaar is voor de overheid, moet eens nadenken over de kosten van de sociale gevolgen van echtscheiding in de zorgsector, in de huisvesting, in de jeugdcriminaliteit.

Seks op 14

7 oktober 2009 - Kris Vleugels

 

C’axent begrijpt het standpunt van CD&V-parlementslid Raf Terwingen die een zeer onlogische passage uit onze strafwet wil aanpassen. Jongeren kunnen immers al op hun veertiende volkomen legaal instemmen met penetratieseks. Wat echter niet legaal is, zijn alle andere vormen van seksueel contact met minderjarigen, jonger dan zestien. De aanranding van de eerbaarheid, zoals een intieme kus of een streling heeft dus een hogere minimumleeftijd dan de geslachtsdaad zelfs. Dat laatste is dus geen aanranding van de eerbaarheid? Begrijpe wie kan…

Terwingen wil deze discrepantie oplossen door een kind van veertien ook de wettelijke basis te geven om in te stemmen met seksuele handelingen zonder penetratie, zoals die streling. C’axent vindt dat de oplossing eerder te vinden is in het verhogen van de leeftijd voor geslachtsverkeer. Immers, in een tijd waarin relatievorming steeds meer wordt losgekoppeld van seksuele beleving, is het nodig dat er maatregelen komen om die koppeling opnieuw te maken. Jongeren hebben immers een minimum aan mentale maturiteit nodig om aan seks te kunnen beginnen. Daarvoor is namelijk meer nodig dan een erectie. Uiteraard is de leeftijdsgrens maar een van de middelen. Een verbeterde sensibilisering onder jongeren dringt zich op. Overheidscampagnes zijn in het verleden veel te vaak totaal losgekoppeld van waarden zoals liefde en trouw, als zou dat conservatief zijn. We moeten dringend af van dit soort half werk. Seksualiteit moet zijn plaats vinden in de veilige omgeving van een huwelijk. Al de rest is oneigenlijk gebruik van een prachtig instrument om mensen dichter bij elkaar te brengen.

C'axent staat niet alleen in kritiek op wetsvoorstel:

Grondwetspecialist: ‘CD&V-wetsvoorstel is vrijbrief voor verkrachters'

(Bron: NB, 10.10.2009) Als het CD&V-wetsvoorstel voor seks vanaf 14 er straks écht komt, is de kans groot dat een pak seksdelinquenten ongestraft vrijuit zullen gaan. Grondwetspecialist Paul Van Orshoven (KU Leuven) waarschuwt: ‘Zij die nog een proces boven het hoofd hebben hangen, zitten hierop te wachten.'

Maak alle seksuele contacten wettelijk mogelijk vanaf de leeftijd van 14 jaar, luidt het veelbesproken wetsvoorstel van CD&V-parlementslid Raf Terwingen. De christendemocraten stoomden het voorstel niet zomaar klaar. Eigenlijk deden ze het alleen maar om een rare kronkel in het seksueel strafrecht op te lossen. Maar wat begon met goede bedoelingen, blijkt nu behoorlijk kwalijke gevolgen te kunnen hebben. ‘Als het wetsvoorstel er komt, zullen heel wat seksueel delinquenten hun straf ontlopen', zegt professor grondwettelijk recht Paul Van Orshoven (KULeuven).

Laten we eerst terugspoelen naar datgene waarmee het allemaal begon: de bewuste tegenstrijdigheid in onze sekswetten. Tieners mogen vreemd genoeg wel al vanaf hun 14de instemmen met seks, maar ze moeten 16 zijn om te zoenen en te strelen. De juridische gevolgen zijn pijnlijk: een vijftiger die het met een meisje van 15 heeft gedaan, kan zeer moeilijk schuldig worden verklaard aan verkrachting. En dus moeten rechters altijd teruggrijpen naar het artikel over aanranding van de eerbaarheid. Een onlogisch gegeven, waar nu ook het Grondwettelijke Hof zich de komende weken over uitspreekt.

Als ook daar wordt gezegd dat het allemaal niet logisch is, verliezen de zogeheten sekswetten al hun waarde. ‘Op dat moment zal er een juridisch vacuüm ontstaan, waardoor er zo snel mogelijk nieuwe wetten moeten komen', zegt Van Orshoven. ‘Anders zullen al snel heel wat seksdelinquenten vrijgesproken móéten worden, simpelweg omdat de juiste wetten om hen te straffen er niet zijn.'

En dan komt het CD&V-voorstel alleen maar als geroepen. ‘Maar het grote probleem is, dat zij de huidige regel een pak minder streng maken door de leeftijdsgrens van 16 naar 14 te verlagen', zegt Van Orshoven. ‘Zo spelen ze natuurlijk in de kaarten van alle seksdelinquenten die nog een proces boven het hoofd hebben hangen. Die zullen allemaal gretig verwijzen naar die nieuwe, mildere wet en zo vrijgesproken worden. Iedereen die iets doet met een tiener ouder dan 14, heeft dan nog maar weinig te vrezen.'

Opmerkelijk: volgens de Gentse advocaat Kristiaan Vandenbussche liggen er intussen al meer dan dertig zedenzaken stil in afwachting van die wet.


Zijn hoofddoeken hoofdzaak?

11 september 2009, C'axent - Kris Vleugels

 

Op 11 september over moslimfundamentalisme schrijven is gewaagd, maar de actualiteit dringt...

Het hoofddoekendebat heeft zich naar de school en de straat verplaatst. De gemoederen zijn behoorlijk verhit. Hoe moeten christenen daar nu tegenaan kijken?

Er zijn nogal wat pro's en contra's te bedenken en dat heeft te maken met degenen die de agenda willen bepalen in dit land. Aan de ene kant zijn dat moslimfundamentalisten, die zo snel mogelijk het straatbeeld willen vullen met de moslimcultuur, zodat iedereen eraan gewend wordt (waar niets op tegen is). De volgende stap is dan dat andere islamitische regels gehanteerd worden en veralgemeend (waar we ons tegen verzetten). Aan de andere kant zijn er de vrijzinnigen, die er al jaren van dromen dat geen enkel religieus symbool nog in het openbare leven zichtbaar zou zijn. De volgende stap is het helemaal afschaffen van alle godsdienst, behalve de seculiere religie, die iedereen oplegt hoe men moet denken. "Imagine no religion" zingen ze van harte mee met John Lennon. Dat ieder mens echter een diepe religieuze behoefte heeft (die er door de Schepper is ingelegd), ontkennen ze.

Moeten we nu voor of tegen zijn wat betreft de vrijheid om een hoofddoek te dragen? VOOR: als we er belang aan hechten zelf vrij te zijn om christelijke symbolen te mogen dragen in het openbaar, zouden we inconsequent zijn als we de moslims hier niet verdedigen. Vrijheid van godsdienst is voor iedereen of voor niemand (behalve in een islamitische staat).

TEGEN: als er sprake is van onderdrukking van moslimvrouwen via het opleggen van het hoofddoek en het symbool niet uit vrije wil gedragen wordt, is het verwerpelijk.

 

 

We leven toch in een rare wereld. Jongeren mogen de meest vulgaire en satanische taferelen op hun T-shirts rondzeulen. Daar shockeren ze blijkbaar niemand mee op school. Maar een hoofddoek, dat gaat te ver...

"PALLIATIEVE ZORGEENHEID STIEFMOEDERLIJK BEHANDELD"

Bron: Hugo Maris

LEUVEN (KerkNet / KERK&leven) - „Ik erken, de Palliatieve Zorgeenheid van U.Z. Gasthuisberg wordt stiefmoederlijk behandeld”, dat zegt Mark Waer, rector van K.U.Leuven, bij de start van het academiejaar in KERK&leven van 23 september. De afdeling viert op 15 oktober haar tiende verjaardag in het bouwvallige Sint-Pietersziekenhuis dat grotendeels leegstaat en binnenkort wordt gesloopt. 

Zelf zegt de rector er voorstander van te zijn om de afdeling opnieuw te integreren in de campus Gasthuisberg zelf. Maar dat is niet zo makkelijk. „Sommigen menen dat palliatieve zorgen niet thuishoren in universitair onderzoek”, stelt hij. „Daar ben ik het niet mee eens. Denk maar aan onderzoek naar pijnbehandeling of naar de vraag hoe we omgaan met existentiële vragen aan het einde van het leven. Bovendien vind ik dat alle studenten geneeskunde en verpleegkunde er zouden moeten meedraaien, en dat is makkelijker wanneer die zich in het hoofdgebouw bevindt.” 

„Als voorstanders van een gedegen uitbouw van palliatieve zorgen moeten we ons niet laten wegpraten in het maatschappelijke debat met het verwijt dat dit alleen voor katholieken belangrijk zou zijn”, zegt de rector nog. „Wie een katholiek standpunt vertegenwoordigt, kiest er vaak voor om niet te veel op te vallen. Zo zit ik echter niet in elkaar. Op gevaar af verkeerd begrepen te worden of voor spectaculaire titels te zorgen in de krant, vind ik dat je moet uitkomen voor je mening. De bedoeling moet zijn om de twee tegengestelde visies op een serene en zorgvuldige manier met elkaar te verzoenen.” 

Red het Joods-christelijk erfgoed uit de handen van extreem rechts.

11-09-2009 - Katholiek Nieuwsblad - Bert Brouwer

 

De PVV schermt in haar strijd tegen de islam graag tegen met het joods-christelijke erfgoed, maar dat erfgoed is bij Wilders en consorten helemaal niet in goede handen. Dat biedt kansen aan CDA, CU en SGP. Mits zij het goed aanpakken.

Steeds minder vers in het politieke geheugen ligt de periode ‘Groep Wilders’. Geert Wilders als het rechtse buitenbeentje van de VVD, op ramkoers met zijn voormalige partij over het Turkije-standpunt van de liberalen. Het terechte nee van Wilders inzake aansluiting van Turkije bij de EU (verder weg dan ooit trouwens), was en is nog altijd het ‘ja, tenzij blablabla’ van de VVD. Dit, en nog wat interne strubbelingen, deed Wilders verder isoleren binnen zijn partij en maakte zijn uiteindelijke sologang tot een feit. Van meet af aan linkte Wilders zijn aversie tegen Turkije aan zijn anti-islamopvattingen.

De partij, die sinds november 2006 als Partij voor de Vrijheid door het leven gaat, wekt inmiddels echter de indruk meer te zijn dan een partij met een standpunt. Ze lijkt de breedte en ook de politieke diepte in te gaan en is anno 2009 een politieke factor van betekenis geworden. Een nog belangrijker en gevaarlijker trend is dat de partij langzaam maar zeker zowel over links als over rechts haar politieke program in elkaar timmert. In zijn ‘beginjaren’ kleefden Wilders vooral nog de liberale VVD-standpunten aan. Heden ten dage zijn zijn voorheen kapitalistische standpunten rekkelijker dan ooit. Het minimumloon wil Wilders terecht intact laten. Van doorwerken tot na het 65e levensjaar wil hij onder geen beding weten. En zie hier een zekere volkspartij in wording. Kaapte de PVV in het begin vooral stemmen weg bij de VVD en Verdonk, nu bestrijkt zijn electorale winst ook stemmen van partijen zoals de PvdA en de SP.

Opvallend is dat de CU en de SGP minder last hebben van overstappende kiezers naar de PVV. In de kiezerspolls staan de partijen op matige winst of men stabiliseert het huidige zetelaantal. Ook het CDA, ondanks fors verlies ten opzichte van de laatste Tweede-Kamerverkiezingen in de peilingen, lijkt minder kwetsbaar voor de opmars van de PVV. Schijn kan bedriegen, maar toch schuilt in voorgaande voor de drie christelijke partijen een kans Wilders een belangrijke slag toe te brengen. Want ondanks de verbreding van standpunten door de PVV, is het nog altijd zo dat het wapengekletter van Wilders tegen de oprukkende islam bestaat uit het schermen met het joods-christelijke erfgoed.

Op sociaal-economisch terrein neemt de partij weliswaar onderhandelbare standpunten in, maar als het gaat om het verdedigen van het joods-christelijke erfgoed van dit land valt de kliek van Wilders al snel door de mand. Deze traditie vraagt namelijk meer dan alleen woorden, maar ook daden, en hier blijkt het onchristelijke karakter van de PVV. Voorbeelden nodig? De PVV is overminderd voorstander van de 24-uurseconomie en ook het homohuwelijk kan op warme steun van de partij rekenen. Laat het dan ook helder zijn, de joods-christelijke traditie is ononderhandelbaar en in verkeerde handen bij de PVV. Dit gegeven zal de kip met de gouden eieren blijken te zijn voor de christelijke partijen. Mits ze het goed aanpakken.

Beseffen CDA, SGP en CU wel dat zij de unieke kans hebben Wilders te beroven van zijn belangrijkste bestaansrecht? De bestrijding van de islam is namelijk een geestelijke strijd en de ware hoeders hiervan zijn de confessionele partijen. Het wordt tijd de claim van de verdediging van het joods-christelijke erfgoed terug te veroveren op Wilders en diens kompanen. De rechtmatigheid van de joods-christelijke erfenis behoort Wilders namelijk niet toe.

Bert Brouwer is christenconservatief publicist.

De leugen regeert... ook in de Volkskrant

Bron: Katholiek Nieuwsblad,

11-09-2009 - Harald Seidel

 
Een Amerikaans onderzoek zou afrekenen met de aanname dat het traditionele gezin beter is voor kinderen dan moderne gezinsvormen, stelt de Volkskrant. Maar wie het onderzoek goed leest, komt tot andere conclusies.

‘Stabiliteit belangrijker voor kind dan twee ouders’, kopte de Volkskrant naar aanleiding van een recent onderzoek van de Amerikaanse Universiteit van Ohio. Kinderen die door één ouder worden opgevoed, zijn niet bij voorbaat slechter af dan kinderen die door twee ouders worden grootgebracht. Als het gezin stabiel is, ontwikkelen kinderen zich in beide situaties hetzelfde. "De resultaten van het onderzoek gaan in tegen de aanname dat het traditionele gezin een betere plek is voor kinderen dan de moderne vormen", aldus de Volkskrant.

We zijn nieuwsgierig geworden en gaan op zoek naar de onderzoeksgegevens. Wat is er precies onderzocht en wat kun je daaruit concluderen? Voor haar studie heeft onderzoekster Claire Kamp Dush gebruikgemaakt van data van het National Longitudinal Survey for Youth, waarin een representatieve steekproef van mannen en vrouwen vanaf 1979 gevolgd werd. Er is een vergelijking gemaakt tussen traditionele en eenoudergezinnen, en tussen stabiele en instabiele gezinssituaties. In instabiele gezinssituaties veranderde de samenstelling van de opvoeders, bijvoorbeeld door scheiding of een nieuwe levenspartner. In de studie zijn de kinderen onderzocht op vier variabelen: lees- en rekenvaardigheid, gedragsproblemen en de emotionele en cognitieve stimulans van de thuisomgeving.

Voor blanke en hispanic (Spaanstalige) kinderen was er geen verschil in lees- en rekenvaardigheid of in gedragsproblemen tussen kinderen uit traditionele of eenoudergezinnen, zolang de gezinssamenstelling maar stabiel was. Zwarte kinderen deden het slechter op deze variabelen wanneer zij uit een eenoudergezin afkomstig waren, dan wanneer zij uit een traditioneel gezin kwamen. Op basis hiervan concludeert de onderzoekster Kamp Dush: "Ik denk niet dat we kunnen zeggen dat opgroeien in een stabiel eenoudergezin noodzakelijkerwijs slechter is dan opgroeien met twee getrouwde ouders." Maar kun je op basis hiervan concluderen dat "het traditionele gezin geen betere plek is voor kinderen dan moderne vormen"? Of dat "stabiliteit belangrijker is dan twee ouders"? Dat zegt het onderzoek helemaal niet.

Een belangrijke conclusie uit het onderzoek van Kamp Dush wordt niet vermeld in de persberichten. Het traditionele gezin blijkt namelijk op één belangrijke onderzoeksvariabele in alle gevallen het beste te scoren. Deze gaat over de thuisomgeving. Het onderzoek concludeert dat voor zowel de emotionele als de cognitieve stimulans van de thuisomgeving het traditionele twee-oudergezin beter is voor de kinderen dan andere, moderne gezinssamenstellingen.

Dit is wat het onderzoek werkelijk zegt: kinderen uit instabiele gezinnen hebben vaker leer- en gedragsproblemen, of het nu een eenoudergezin is of een traditioneel twee-oudergezin. "Tenzij je zeker weet dat jij en je partner het op de lange termijn gaan redden, denk ik dat het beter is dat alleenstaande ouders niet gaan samenwonen met hun partner. Veranderingen in de familie vallen de kinderen zwaar", aldus Claire Kamp Dush. Stabiliteit in eenoudergezinnen is dus net zo belangrijk als in twee-oudergezinnen. Maar is daarmee ook aangetoond dat stabiliteit belangrijker is dan twee ouders? Dat is veel te kort door de bocht.

Eigenlijk is het onderzoek goed nieuws voor vele alleenstaande ouders. Door trouw aan hun eerste partner of doordat de opvoeding al hun energie opslokt, is er vaak geen plaats in hun leven voor een nieuwe relatie. Met dit onderzoek in de hand kunnen zij met rechte rug zeggen dat hun kinderen daar niet slechter van zullen worden. Wanneer zij een nieuwe levenspartner vinden, zal dat voor de kinderen eerst wel even wennen zijn, maar als dit voor de lange termijn een stabiele thuisomgeving biedt, dan varen zij er wel bij. Want stabiele relaties zijn beter dan instabiele. Als dat niet tegen de moderne gezinsvormen ingaat, dan weet ik het niet meer.

Harald Seidel is voorzitter van het Insituut voor Huwelijk, Gezin en Opvoeding (IHGO) 

www.ihgo.nl. IGHO participeert in de website www.katholiekgezin.nl.

Is het niet geweldig wat Obama doet?

C'axent, 10 september 2009 - Kris Vleugels

Obama haalt nog maar eens het wereldnieuws, en hoe! Grensverleggend. Bewonderenswaardig. Eindelijk een president die het onrechtvaardige sociale zekerheidsstelsel in de VS wil hervormen en er werkelijk voor gaat! Eindelijk een president die de armsten datgene wat hen al die tijd misgund werd, namelijk een ziekteverzekering, gaat bezorgen. Wordt Amerika eindelijk een SOLIDAIRE democratie, zoals alle andere?

Wij zijn benieuwd.

Er is echter een schaduwzijde. De president wil in stilte, uit de schijnwerpers, weg van de drukte, ook abortus in die ziekteverzekering smokkelen. Voorstanders van een solidair sociaal systeem (zoals C'axent) zijn daarom nog niet gewonnen voor de wat geheimere agenda van deze president. Ook de Amerikaanse bisschoppen zijn bezorgd en klaar voor actie. Gaan zij door de liberale media nu afgeschilderd worden als tegenstanders van een rechtvaardigere sociale zekerheid? Meestal trapt de massa daarin...

Wij zijn benieuwd.

KV

Fanatieke ouders maken blessures van jeugdvoetballers erger

Reactie van Jos Masson

 

Het artikel, in de krant van gisteren (Het Nieuwsblad, 06.08.09, nvdr), van sportarts Luc Vanden Bossche over " Fanatieke ouders maken blessures van jeugdvoetballers erger " is een zoveelste in de rij.

Helaas.

 

Dit probleem is al zo oud als mijn kinderen, die nu 26 en 24 jaar worden, ja zelfs ouder.

 

In '88 ( zie uw krant voorjaar '88 ) trok ik openlijk aan de alarmbel en liep bij wijze van spreken de deuren van de politici plat, had contacten met sportfederaties en het BOIC. Er was een lichtpunt toen in de jaren '90 onder Minister Luc Martens ' Het strategisch plan Sportend Vlaanderen ' tot stand kwam. Toen trokken alle politieke partijen aan hetzelfde zeel. Maar wat is er ondertussen van terecht gekomen. Het resultaat ziet u op het terrein. Bitter weinig.

 

Wat kan de reden zijn waarom dit nu al meer dan 30 jaar mank loopt met de jeugdbegeleiding in ons sportwereldje?

Wat zijn mijn ervaringen op dat vlak?

 

1. Het sportgebeuren kent zoveel invalshoeken waardoor het in de huidige politieke context voor één Minister onmogelijk is een degelijk sportbeleid uit te bouwen. Tenzij ..., en dat heb ik al meer dan eens voorgesteld, er een volwaardige Minister voor sport wordt aangesteld die bevoegd is voor alle facetten die met sport te maken hebben. Opvoeding, gezondheid, tewerkstelling, doping, .... Nu wordt de sportportefeuille gegeven als een extraatje aan een of andere minister. Op die manier kan er nooit een degelijk beleid op punt gezet worden.

Bovendien citeer ik hier een uitspraak van een toppoliticus: ' Een ministerpost voor Sport alleen, ook al is die bevoegd voor alle deelfacetten, is niet interessant. '

Indien men mij zoiets zou aanbieden..., ik zou het met beide handen aannemen.

2. Geregeld kwam ik politici tegen die zelf (ere-) bestuurslid waren in een of andere club. Omdat een ver doorgedreven opleidings- en begeleidingskader een ernstige bedreiging zou kunnen betekenen voor hun prestige houden ze elke evolutie die professionele begeleiding van jongeren door sportpedagogisch geschoolden garandeert tegen.

3. De Sportbonden en -federaties  weren zo veel mogelijk externe opleidingskrachten omdat ze in de eerste plaats aan inteelt doen om zo de touwtjes stevig in handen te houden. De inhoud van hun opleidingen laat soms te wensen over. Zo weten bepaalde gekweekte trainers niet eens wat het verschil is tussen uithouding en weerstand en hoe ze die specifieke training moeten geven.

4. Fitnesscentra blijven als paddenstoelen uit de grond schieten maar de begeleiding is met moeite geregeld of wordt met moeite opgevolgd. Hier lanceerde ik de idee van het invoeren van een kwaliteitslabel dat elk jaar opnieuw geëvalueerd wordt. De ervaring leert dat de meeste centra hun mooiste kleedje aantrekken als ze opstarten maar eens de buit ( leden ) binnen verzwakt de aandacht voor de sporter. Fitness is big business geworden. Men speelt in op de rage van het moment maar er lopen nog veel kwakzalvers rond in dit milieu.

5. De vedettecultus zetten ouders ertoe aan het maximum uit hun kinderen te halen. Sjacheren met kinderen is daar niet vreemd aan. Ten tijde van het Bosmanarrest hielp ik ouders om hun kinderen vrij te krijgen van sportclubs maar groot was mijn verontwaardiging toen diezelfde ouders bij mij kwamen om te vragen hoe ze nu munt konden slaan uit hun kind, nu hun kind vrij was.

6. En zo kan ik nog uren doorgaan ...  maar mijn vraag wordt stilaan .... Heeft het nog zin?

 

(Jos Masson is algemeen bestuurslid van C'axent)

Benedictus XVI: “Liefde in Waarheid”

Italiaanse bankier:

’Paus verdient Nobelprijs economie’

Bron: RKnieuws.net, 10 juli 2009

ROME (RKnieuws.net) - Paus Benedictus verdient met zijn pas verschenen encycliek Caritas in Veritate de Nobelprijs voor economie. Dat zegt de Italiaanse bankier Ettore Gotti Tedeschi, professor economie aan de katholieke universiteit van Milaan, in een interview met de Corrierre della Sera.

"Niemand heeft ooit zo duidelijk als de paus gesteld wat de homo economicus moet doen voor de economie: de wetten van de economie toepassen en ze niet ombuigen", aldus de bankier.

"Het is de grote verdienste van paus Benedictus zeer duidelijk te zijn geweest over de diepe oorzaken van de huidige economische crisis", stelt de economist, die heil ziet in de oplossingen die de paus aandraagt om uit de economische- en financiële wereldcrisis te geraken. Tedeschi stelt ook dat de paus de enige is die een verband ziet tussen de huidige economische crisis en de daling van het geboortecijfer. (tb)

 

Audiëntie 8 juli 2009 (ZENIT.org)

De paus spreekt zich uit over de economische crisis

 

Geliefde broeders en zusters,

 

Mijn nieuwe encycliek “Caritas in veritate”, die gisteren officieel werd voorgesteld, inspireert zich in haar fundamentele visie, op een passage uit de brief van de heilige Paulus aan de Efeziërs, waar de apostel spreekt over het handelen volgens waarheid in liefde: “Neen, - zo hoorden wij pas - laten wij de waarheid spreken in liefde en zo geheel naar Christus toegroeien. Hij is het hoofd” (4,15). Liefde in waarheid is dus de belangrijkste dynamische kracht voor de ware ontwikkeling van elke mens en van de hele mensheid. Daarom draait heel de sociale leer van de Kerk rond het principe “caritas in veritate”. Alleen met liefde, verlicht door de rede en het geloof, is het mogelijk ontwikkelingsdoeleinden te bereiken die een humane en humaniserende waarde hebben. Liefde in waarheid “is een principe waarop de sociale leer van de Kerk gebaseerd is, een principe dat werkzaam wordt door de oriënterende criteria van het morele handelen” (nr. 6). De encycliek herinnert van bij de inleiding aan twee fundamentele criteria: rechtvaardigheid en algemeen welzijn. De rechtvaardigheid maakt integraal deel uit van deze liefde “door daden en in waarheid” (1 Joh. 3,18), waartoe de apostel Johannes oproept (cfr. nr. 6). “Iemand liefhebben is zijn welzijn willen en daarvoor alles in het werk stellen. Naast het individueel welzijn, is er een welzijn dat verbonden is met het leven in de samenleving ... Men bemint de naaste doeltreffender naarmate men meer werkt aan de bevordering van het algemeen welzijn.” Er zijn dus twee criteria voor het handelen: de rechtvaardigheid en het algemeen welzijn; door dit laatste krijgt de liefde een sociale dimensie. Elke christen – zegt de encycliek – is geroepen om naar deze waarheid te leven; “dat is de institutionele weg ... van de liefde” (cfr. nr. 7).

 

Zoals andere documenten van het Leergezag, vervolgt en verdiept ook deze encycliek de analyse en reflectie van de Kerk over sociale thema’s die van levensbelang zijn voor de mensheid van onze tijd. De encycliek sluit vooral aan bij wat Paulus VI meer dan veertig jaar geleden schreef in “Populorum progressio”, een mijlpaal in de sociale leer van de Kerk, waarin deze grote paus enkele doorslaggevende lijnen trekt die nog steeds actueel zijn voor de integrale ontwikkeling van de mens en de moderne wereld. Zoals de actualiteit van de laatste maanden breedvoerig aantoont, blijft de situatie in de wereld grote problemen vertonen samen met de “ergernis” van in het oog springende ongelijkheden, ondanks de engagementen die in het verleden genomen werden. Enerzijds ziet men tekens van een ernstig sociaal en economisch gebrek aan evenwicht; anderzijds vraagt men van meerdere kanten om hervormingen die niet meer kunnen uitgesteld worden om de kloof te overbruggen in de ontwikkeling van de volken. Het fenomeen van de mondialisering kan daartoe werkelijk gelegenheid bieden; het is daarom belangrijk de hand te slaan aan een diepe morele en culturele vernieuwing en een verantwoorde onderscheiding met betrekking tot de keuzes die moeten gemaakt worden voor het algemeen welzijn. Een betere toekomst voor iedereen is mogelijk indien ze gebaseerd is op de herontdekking van fundamentele ethische waarden. Er is dus een nieuw economisch programma nodig dat de ontwikkeling nieuw tekent op wereldvlak en zich baseert op het ethisch fundament van verantwoordelijkheid tegenover God en de mens als schepsel van God.

 

De encycliek probeert zeker geen technische oplossingen te bieden voor de grote sociale problemen van de huidige wereld – dat behoort niet tot de bevoegdheid van het Kerkelijk Leergezag (cfr. nr. 9). Ze herinnert echter aan de grote principes die onmisbaar lijken voor de menselijke ontwikkeling in de volgende jaren. Daaronder bevindt zich in de eerste plaats aandacht voor het leven van de mens, dat gezien wordt als de kern van iedere waarachtige vooruitgang; eerbied voor het recht op godsdienstvrijheid, dat altijd nauw verbonden is met de ontwikkeling van de mens; het verwerpen van een prometheïsche kijk op de mens die zichzelf beschouwt als autoritair bewerker van zijn eigen bestemming. Een onbeperkt vertrouwen in de mogelijkheden van de technologie zou uiteindelijk een illusie blijken. Wij hebben rechtschapen mensen nodig, oprecht bezorgd voor het algemeen welzijn, zowel in de politiek als in de economie. Vooral als men de dringende noden in de wereld bekijkt, is het noodzakelijk de aandacht van de publieke opinie te vestigen op het drama van honger en voedselzekerheid, dat een aanzienlijk deel van de mensheid treft. Een drama van dergelijke omvang interpelleert ons geweten: het moet vastberaden aangepakt worden door de structurele oorzaken ervan uit de weg te ruimen en door de ontwikkeling te bevorderen van de landbouw in de armste landen. Ik ben zeker dat deze solidaire weg van ontwikkeling van de armste landen zal bijdragen om een plan uit te werken om de huidige wereldcrisis op te lossen. De rol en politieke macht van de Staten moeten ongetwijfeld zorgvuldig en opnieuw geëvalueerd worden in een tijd waarin inderdaad beperkingen opgelegd worden aan hun soevereiniteit omwille van de nieuwe internationale economische, commerciële en financiële context. Anderzijds mag de verantwoordelijke deelname van burgers aan de nationale en internationale politiek niet ontbreken, ook dank zij een nieuwe inzet van de arbeidersorganisaties die geroepen zijn om nieuwe synergieën in zwang te brengen op locaal en internationaal vlak. Op dat vlak wordt eveneens een eersterangs rol gespeeld door de sociale communicatiemiddelen om de dialoog tussen culturen en tradities te versterken.

 

Indien men dus een ontwikkeling wil programmeren die ontdaan is van functiestoornissen en afwijkingen die vandaag veel voorkomen, dringt zich bij iedereen een ernstige reflectie op over de zin van de economie en de doeleinden ervan. De gezondheidstoestand van de ecologie van de planeet vereist het; de culturele en morele crisis van de mens die overal duidelijk blijkt op de planeet, vraagt het. De economie heeft de ethiek nodig om correct te functioneren; zij moet opnieuw de belangrijke bijdrage vinden van het gelijkheidsprincipe en de “logica van het geven” in de markteconomie waar winstbejag niet de enige regel kan zijn. Doch dit is maar mogelijk dank zij de inzet van iedereen, economisten en politieke verantwoordelijken, producenten en consumenten, en veronderstelt een gewetensvorming die de morele criteria kracht bijzet bij de uitwerking van politieke en economische projecten. Men herinnert van meerdere kanten terecht aan het feit dat rechten overeenkomstige plichten veronderstellen, zonder dewelke rechten willekeurig dreigen te worden. Men herhaalt meer en meer dat heel de mensheid een andere levenswijze moet aannemen, waarin ieders plichten tegenover het milieu verbonden zijn aan de plichten tegenover de mens op zich en in relatie met de anderen.

 

De mensheid is één enkele familie en de vruchtbare dialoog tussen geloof en rede kan ze slechts verrijken door het werk van de naastenliefde op sociaal vlak efficiënter te maken en het gepaste kader te bieden om de samenwerking tussen gelovigen en niet-gelovigen aan te moedigen, in het gemeenschappelijk perspectief van rechtvaardigheid en vrede in de wereld. Als oriënteringscriterium met het oog op deze broederlijke interactie, noem ik in de encycliek de principes van subsidiariteit en solidariteit, die onderling nauw verbonden zijn. Tenslotte heb ik ten overstaan van de uitgebreide en diepgaande problemen in de wereld van vandaag, gewezen op de noodzaak van een mondiale politieke autoriteit die beheerst wordt door het recht, die de genoemde principes van subsidiariteit en solidariteit respecteert en sterk gericht is op de verwezenlijking van het algemeen welzijn, met respect voor de grote morele en religieuze tradities van de mensheid.

 

Het Evangelie herinnert ons eraan dat de mens niet van brood alleen leeft: materiële goederen alleen volstaan niet om de diepe dorst van zijn hart te voldoen. De horizon van de mens is ongetwijfeld hoger en ruimer; daarom moet ieder ontwikkelingsprogramma naast de materiële groei ook de spirituele groei voor ogen hebben van de mens, die juist begiftigd is met een ziel en een lichaam. Dat is de integrale ontwikkeling waarnaar de sociale leer van de Kerk voortdurend verwijst, een ontwikkeling die haar oriënteringscriterium vindt in de drijvende kracht van “liefde in waarheid”. Geliefde broeders en zusters, laat ons bidden opdat de gelovigen die werkzaam zijn op het vlak van economie en politiek, begrijpen hoe belangrijk hun coherent evangelisch getuigenis is voor de dienst die zij de samenleving bieden. In het bijzonder nodig ik u uit te bidden voor de staatshoofden en de G8 die deze dagen in L’Aquila samenkomt. Mogen uit deze belangrijke wereldtop besluiten en oriënteringen voortkomen die nuttig zijn voor de ware vooruitgang van alle volken, in het bijzonder voor de armsten. Wij vertrouwen deze intentie toe aan de moederlijke voorspraak van Maria, Moeder van de Kerk en van de mensheid.

 

vert. Sorores Christi

EU EQUAL TREATMENT DIRECTIVE

Press release of EEA (representing 15 million evangelicals in Europe):

 

Could displaying a poster of “The Life of Brian” or the “Da Vinci Code” criticising religion in any way become much harder? Could a Jewish or Muslim cleaner be forced to sanitise a pig farm?

Could an atheist printer be compelled to print evangelistic material he/she felt was offensive?

 

The Equal Treatment Directive could be an important step in making the EU a fairer society.

However, it is under the fire of criticism by several Human Rights, business and faith

organisations. With no limits to the definition of harassment, and no provision for respecting

organisations’ or individuals’ philosophical or religious ethos, an otherwise good directive could

lead to:

 

 

divisive and unnecessary court cases,

a chilling effect on artistic, press and religious freedoms,

growing resentment between different groups in society. 

These problems could be avoided with some small amendments to the Directive.

The attached Press File serves as a briefing on the Directive. It explains concerns about freedom of expression and conscience raised by several stakeholders and reflects on the successful achievements of previous EU anti-discrimination legislation.

 

 

 

 

 

BOONTJE KOMT OM ZIJN LOONTJE?

 

 

HET ONGEZONDE TOPSPORTDILEMMA AANPAKKEN

 

Brussel/Bilzen, 19 mei 2009 - C'axent - lb,kv.

 

Tom Boonen is weer eens betrapt op het gebruik van cocaïne. Moet de man daar nu wel of niet voor boeten? De samenleving is hierover verdeeld. Was het gewoon ‘Tom met de pet’, dan wel natuurlijk. Maar Tom is een idool. De grote politiek durft er ook geen uitspraken over te doen. Stel je voor: potentiële kiezers - die tevens wakker liggen van Boonens wielerprestaties - tegen de haren instrijken? Het was toch geen doping, immers.

Toch vraagt C’axent, de politieke beweging voor meer (christelijke) waarden in de politiek, zich af of het niet dringend tijd wordt eens wat dieper te graven?

 

Sport beoefenen is belangrijk in iedere samenleving. Een gezonde levensstijl is meer dan noodzakelijk vandaag de dag. Steeds meer zittende mensen “roesten vast”. Beweging en degelijke opleiding voor (top)sport moeten worden gestimuleerd. Maar niet ten koste van alles. ‘Tom met de pet’ zal misschien nooit een topsporter worden, evenmin als Jan modaal. Wie ligt daar wakker van in deze idoolbevorderende samenleving? Wellicht ouders die bezorgd zijn voor het welzijn van hun kinderen en de sportrekening niet kunnen betalen.

 

De commerciële belangen verzieken volgens C’axent de topsport. Wie kan wel omgaan met de buitenproportionele beloningen en dito media-aandacht? Als de binnenlandse media moeten kiezen tussen een aanslag op het Nederlandse Koningshuis of de Tom Boonen escapades, dan wordt er bijna consequent eerst aandacht besteed aan het ‘idolen’ item. ’t Is toch Belgisch nieuws nietwaar? Bijzaken (hoe aangenaam om te beoefenen en naar te kijken ook) verheft men tot hoofdpaginanieuws. Met ‘brood en spelen’ werden burgers van het Romeinse rijk ook koest gehouden.

De wielersport zelf drijft de topsporters in het nauw, vanuit een altijd beter, sneller, sterker ‘survival of the fittest’- idee. Wie kan het nog aan om langer dan acht jaar topsport te bedrijven onder zulke druk en afmatting, zelfs indien gesteund door de nieuwste technische snufjes,? Lichamen gaan eraan kapot. De samenleving moet terug naar gezondheid in de sport. Vlaanderen mag voor C’axent in de allereerste plaats (internationale) ‘medailles’ verdienen voor een maximale participatie van alle lagen van de bevolking aan de gewone sport…

 

Is Tom Boonen wel of geen slachtoffer van de topsportmentaliteit? Is het geoorloofd dat de man, in tegenstelling tot vele andere druggebruikers zo verdedigd wordt? C’axent wil daarover geen finaal oordeel geven, maar wel wijzen op diepere oorzaken die dreigen te blijven liggen. In de eerste plaats is de voorbeeldfunctie van publieke figuren van onschatbare waarde. Niet enkel diepere oorzaken in het leven van sporter Tom Boonen, maar vooral ook diepere oorzaken in de samenleving als geheel moeten worden aangeroerd voor C’axent.

 

Dus moeten we durven nadenken over de vedettecultuur, de positieve waarde van pedagogisch geschoolde trainers, leeftijdsgebonden trainingen, sportpsychologische begeleiding, het voorkomen van het opbranden van jong talent, het misbruik van topsporters door politici, sponsors, clubbestuursleden e.a., 

 

De oplossingen die C’axent voorstelt:

  • Een maatschappelijk debat (niet met enkele ‘wijzen’!) over de verhouding top- en volkssport. De vedettecultuur kritisch bevragen. Aandacht besteden aan de basis van de sportpiramide.

  • Een opwaardering van de inzet van pedagogisch geschoolde trainers (licentiaten en regenten), die daarom niet beroemd hoeven zijn! Samenwerking van hen met gewezen topsporters. Vrijwilligerswerk wat dat betreft bevorderen. Ouders ervan overtuigen dat pedagogisch geschoolde trainers hun waarde hebben.

  • Sportpsychologische begeleiding bevorderen.
  • De ‘schoonheid’ van de sport voor de hele mens (lichamelijk en psychisch) moet opnieuw positieve aandacht krijgen.
  • Een overheid die gericht investeert in het lichamelijk welzijn van zo veel mogelijk (jonge) mensen. Gemeentebesturen vervullen daarbij een voorbeeldrol.
  • Een volwaardige minister van sport (naar Frans model) - met een volwaardige portefeuille - die bevoegd is voor ALLE facetten van de Sport.
  • Zelfgestuurde ethiek voor topsporters wat betreft beloning, voorbeeldfunctie en media-aandacht: het zoeken naar nieuwe duurzame evenwichten.
  • Een gedragscode voor sponsors en begeleiders; aansprakelijkheid bij doping, enz. van sponsors en begeleiders niet uit de weg gaan. Een rigoureuze aanpak bij dopinggebruik blijven bevorderen.
  • Een bovennorm wat betreft beloningen / vergoedingen.
  • Extra sport in het Secundair onderwijs i.s.m. plaatselijke amateur- (en eventueel topsport) verenigingen.

Partijen in overheidsdienst

Bron: 12-05-2009 - Bart Maddens - de standaard

Voor wie door de zaak-Vijnck zijn geloof in de politiek nog niet was kwijtgeraakt, heeft BART MADDENS schokkend nieuws: de gevestigde partijen maken misbruik van de partijfinanciering om het politieke landschap naar hun hand te zetten. En de overheid financiert stiekem Belgavox, een manifestatie die de separatistische partijen kiezers moet kosten.

Het zijn heus niet enkel separatisten en extremisten die problemen hebben met de financiële drooglegging van Vlaams Belang

De Vijnck-soap heeft tijdens de voorbije week een storm van verontwaardiging door de Wetstraat gejaagd. Parlementsleden die zich, als politieke huurlingen, verkopen aan de meestbiedende, partijen die hun centen gebruiken om parlementsleden weg te kopen bij de concurrentie: je zou voor minder verontwaardigd zijn. En toch is de zaak-Vijnck maar klein bier in vergelijking met een aantal andere gevallen van financiële manipulatie.

De politieke partijen hebben tijdens de voorbije decennia ongegeneerd in de staatskas gegraaid, met als gevolg dat hun inkomsten vandaag voor 83procent afkomstig zijn van de overheid. Elk jaar vloeit 53 miljoen euro van de belastingbetaler naar de partijen. Politieke partijen zijn daardoor parastatale organisaties geworden, die uit de hand eten van de overheid. Helemaal problematisch wordt het wanneer de gevestigde partijen die overheidsfinanciering ook gaan misbruiken als een politiek wapen om hun concurrenten onderuit te halen.

In 2003 verloren zowel Agalev als de N-VA hun dotatie. Dit betekende voor beide partijen een enorme financiële aderlating en bracht hen op de rand van de afgrond. Maar goed, dat was nu eenmaal de wet: dura lex, sed lex. Alleen hadden de gevestigde partijen het zo niet begrepen. Open VLD wilde vermijden dat de N-VA om financiële redenen een kartel zou sluiten met de CD&V. De N-VA kreeg van Open VLD de belofte dat de criteria om een dotatie te krijgen zouden worden versoepeld, op voorwaarde dat de partij geen kartel zou sluiten met de CD&V. Uiteindelijk is die deal niet doorgegaan en werd er pas bij de Vlaamse regeringsvorming een akkoord bereikt over de wijziging van de wet in het voordeel van de N-VA. Agalev daarentegen bleef financieel in de kou staan. Dat paste het best in het kraam van de SP.A, die op dat moment aanstuurde op een rood-groen kartel. De wetgeving werd dus gewijzigd à la tête du client. Anders gezegd: de gevestigde partijen maken mi! sbruik van de partijfinanciering om het politieke landschap naar hun hand te zetten.

Nog een straffer voorbeeld daarvan is de manier waarop een aantal gevestigde partijen nu proberen om Vlaams Belang financieel droog te leggen. Politici hebben de geldkraan van de bedrijfsgiften helemaal dichtgedraaid en ook de privégiften sterk aan banden gelegd. Het gevolg is dat men door de overheidsfinanciering stop te zetten meteen ook de financiële levenslijn van een partij doorknipt. Wanneer men dit systematisch zou doen, dan komt dit in de praktijk op hetzelfde neer als een partijverbod. Op die manier krijgt de politieke elite een machtig wapen in handen om ongewenste partijen hetzij van de kaart te vegen, hetzij in de pas te doen lopen. Vandaag wordt dit wapen gebruikt tegen een uiterst-rechtse partij, maar morgen kunnen ook andere (communistische, islamitische, Eurosceptische) (en christelijke! nvdr) partijen worden geviseerd die door de elite als bedreigend worden ervaren.

Het zijn heus niet enkel separatisten en extremisten die problemen hebben met de financiële drooglegging van Vlaams Belang. De Raad van State heeft zelf twijfels bij de grondwettelijkheid daarvan en vraagt zich af of die drooglegging wel te rijmen valt met de vrijheid van vereniging. In januari heeft de Raad deze kwestie dan ook voorgelegd aan het Grondwettelijk Hof. Benieuwd wat het Hof zal doen met deze wel zeer hete aardappel.

Maar de kiesstrijd wordt ook nog op een andere manier financieel gemanipuleerd door de overheid. Op 17 mei organiseert de vzw Belgavox een gratis concert aan het Atomium. Het concert heeft een uitgesproken politiek oogmerk, namelijk 'het versterken van de solidariteit, het respect, het samenhorigheidsgevoel en de multiculturele diversiteit in België, en het versterken van de Belgische identiteit.' (aldus de Belgavox-website). Ook al omdat dit concert plaatsvindt in de directe aanloop naar de verkiezingen gaat het hier overduidelijk om een politieke manifestatie. Er kan moeilijk worden ontkend dat het initiatief is gericht tegen de separatistische partijen in Vlaanderen: Vlaams Belang en de N-VA, die samen ruwweg 20procent tot 30procent van de Vlaamse kiezers vertegenwoordigen. Tot hier is er evenwel geen vuiltje aan de lucht. Verkiezingen of niet, het staat de betrokken artiesten en intellectuelen volledig vrij om zich te outen als goede Belgische patriotte! n en om een antiseparatistische manifestatie te organiseren.

Maar wat te denken van het feit dat deze electorale manifestatie mee wordt gefinancierd door de overheid? Hoofdsponsors van het concert zijn immers de Nationale Loterij en Belgacom (voor 54procent in handen van de Belgische staat). Het initiatief wordt ook gesteund door de Vlaamse en Franstalige openbare omroep en door de Stad Brussel. En bovendien voorziet de NMBS in een voordelig tarief voor wie met de trein naar deze politieke meeting komt.

Met de ene hand probeert de overheid de grootste separatistische partij financieel te nekken. Met de andere hand financiert diezelfde overheid een antiseparatistische politieke manifestatie vlak voor de verkiezingen. Partijen en kandidaten worden tijdens de campagne stevig gekortwiekt door de overheid. Ze moeten zich houden aan draconische uitgavenbeperkingen. Dat gaat zelfs zo ver dat gewone kandidaten nauwelijks nog een campagne kunnen voeren die naam waardig. Maar diezelfde overheid mag zelf blijkbaar onbeperkt electorale manifestaties financieren. Dit is toch echt wel de wereld op zijn kop.

Een land waar zulke dubieuze praktijken mogelijk zijn en worden geduld kan men bezwaarlijk een normale democratie noemen. Maar wie maakt zich daar nu nog illusies over?

Bart Maddens is politicoloog aan de K.U. Leuven.

Het fatsoen voorbij

Generale overste Broeders van Liefde reageert op tijdschrift Goedele

Bron: RKnieuws.net/Kerknet , donderdag 7 mei 2009 Goedele-hostie

GENT (RKnieuws.net) - "Het recht op de vrijheid van meningsuiting is één van de moderne verworvenheden waaraan niemand wil raken. Gelukkig maar. Het werd reeds ingeschreven in onze eerste grondwet in 1830, en daarmee waren we ver vooruit op vele andere landen. We kennen regimes waar juist dit aan banden wordt gelegd, soms heel uitdrukkelijk, soms zeer subtiel. Bij het verdwijnen van de democratie zal de inperking van de meningsuiting één van de eerste maatregelen zijn die van bovenaf genomen worden". Dat stelt broeder René Stockmans, de generale overste van de Broeders van Liefde in een reactie op een artikel in het tijdschrift Goedele.

"Maar vrijheid van meningsuiting wil nu ook niet zeggen dat alles kan en mag gezegd en getoond worden. Er is nog steeds de waarde van het wederzijds respect, die de vrijheid van meningsuiting voorafgaat en vooronderstelt. En dat geldt ook voor alle andere vrijheden: ze blijven ten dienste van de promotie van een grotere humaniteit, de menswaardigheid moet erdoor verhogen. Wanneer een vrijheid dat doel niet dient, dient ze tot niets".

Cultuurpausen

"In sommige kringen denkt men daar blijkbaar anders over. Een aantal cultuurpausen en in hun zog zij die de titel van kunstenaar of schrijver opeisen, vinden het bon ton om vooral op bepaalde terreinen alle taboes te doorbreken. Het gaat dan van een meewarig neerkijken op hen die, bij gebrek aan beter weten, de godsdienst bijvoorbeeld nog als een waarde in hun leven beschouwen, tot een ironisch belachelijk maken van alles wat met deze waarde te maken heeft. Het vraagt geen groot talent om karikaturen van priesters en zusters ten tonele te voeren: het volstaat om de soutane en het kloosterkleed weer boven te halen en het op een hedonistische smulpaap of een erotisch lonkende non te plaatsen. Dat zijn de dingen die men met carnaval ook deed en nog steeds doet. Meestal kan de goegemeente daar nog mee lachen, en sommige cartoons in de huidige tentoonstelling “Humor in de kerk” zijn van dit allooi".

"Soms wordt het echter heel persoonlijk, en gaat men personen aanvallen, hun uitspraken uit de context halen en er een loopje mee nemen. Zij delen het lot van alle gezagsfiguren die in Vlaanderen blijkbaar een dankbare schietschijf zijn van ironie en verdachtmaking. Het respect is hier soms heel ver te zoeken, en meestal is niet reageren hier de beste remedie, naar een aloud gezegde: “de dwaze schatert het uit, de wijze glimlacht nauwelijks”.

"Maar wat nu gepresenteerd wordt door Goedele Liekens, die blijkbaar op haar cv wil zetten dat ze echt alle taboes in Vlaanderen heeft kunnen doorbreken, is echt gortig en heel ver onder de gordel. Dat ze op de cover verschijnt met een nonnenkap is slechts in de lijn van wat al zo velen voor haar hebben gedaan en dat kunnen we derhalve met een “ocharme” afdoen. Natuurlijk toont het weinig respect voor die echte zusters die in vrijheid en edelmoedigheid armen hebben geholpen, zieken hebben verzorgd, kinderen hebben onderwezen en voor het heil van de wereld hebben gebeden, en dat nog steeds doen. Het is spijtig dat Goedele Liekens deze dimensie van het leven blijkbaar niet begrijpt. Men kan natuurlijk niet alles begrijpen, ze is te veel met andere dingen bezig en dus is het nog te verschonen dat ze zich hult in wat voor haar slechts een zotskap is".

Hosties

Maar het meezenden van hosties met daarop de woorden gegrift waarmee de priester reeds 2.000 jaar de woorden herhaalt van Christus zelf, en die op zichzelf toepassen, kan gewoonweg niet. Hiermee raakt ze, bewust en gewild, de kern, het wezen van het katholieke geloof, en ook al kunnen we in onze tolerantie heel ver gaan, dat kunnen we niet aanvaarden. Hier wordt het heilige onteerd, hier drijft men de spot met wat miljoenen mensen, mag ik zeggen een miljard mensen, als de veruitwendiging zien van het goddelijke zelf. En daar moet men afblijven, uit respect, diep respect voor die velen.

"Goedele Liekens heeft het recht daar niet in te geloven, en zo zijn er velen met haar, maar zij heeft niet het recht om het meest sacrale te grabbel te gooien en het aan de grootste spot bloot te stellen".

Grenzeloze pretentie

"Wat een grenzeloze pretentie van Goedele Liekens om de woorden van Christus op zichzelf toe te passen! Wat een grofheid van deze mediageile figuur om daarmee zo velen, ook nog in Vlaanderen, op hun ziel te trappen. Neen, hiermee wordt de humaniteit niet gediend, maar komt de menswaardigheid in de sloot. Het is pijnlijk dat ook dit cultuur heet in Vlaanderen. Ik kan alleen maar zeggen: arm Vlaanderen".

"Neen, we kunnen ons niet in stilzwijgen hullen, iets wat we wellicht te veel doen, want een andere vrijheid is hier geraakt, is hier geschonden, nl. de vrijheid van godsdienst. Deze vrijheid betekent dat we het recht hebben om onze godsdienst te belijden en dat we ook het recht hebben daarin gerespecteerd te worden. Met de daad van Goedele Liekens is dit grondwettelijk recht geschonden en we eisen dan ook een rechtzetting", aldus broeder Stockman. (tb)

EU parlement veroordeelt pauselijke uitspraken niet

Met 253 stemmen tegen 199 en 61 onthoudingen hebben de europarlementairen beslist in hun jaarlijks rapport over de Mensenrechten geen paragraaf op te nemen waarin de paus veroordeeld wordt voor zijn uitspraken over condooms in Afrika.

Blijkbaar denken de politici in het Europees parlement beter na over wat ze stemmen dan hun Belgische collegae, die heel gehaast waren een relotutie aan te nemen, die gebaseerd was op nooit gedane uitspraken en verkeerde wetenschappelijke informatie... Dat er toch nog 199 EP leden toch zo'n paragraaf wilden, heeft ongetwijfeld te maken met het slechte voorbeeld van het Belgische parlement en de nooit aflatende gretigheid van zogenaamde vrijdenkers om de paus, de kerk en al wat christelijk heet te treffen. (kv)

10 aandachtspunten voor de Europese en Regionale Verkiezingen

TEST UZELF (naar aanleiding van de verkiezingen op 7 juni)

 

Denkt u zoals C'axent over politieke en maatschappelijke vragen, uitdagingen en problemen?

U kunt de proef op de som nemen. U kunt ook het document overnemen en versturen naar een kandidaat om te vragen of hij/zij de stellingen van C'axent wil onderschrijven. Zo weet u voor wie u stemt...

 

VLAANDEREN en BRUSSEL

 

EUROPA

Nieuwe Vlaamse mythe: Boze Joden!

('De Morgen' weigert Recht van Antwoord)

REACTIE VAN JOODS ACTUEEL, 17 april 2009

 
We lezen het elke dag opnieuw, “Joden boos over dit“,“Joden boos over dat“. Maar klopt dat beeld wel? En waarom is dit een exclusief Vlaamse zaak? Joden in andere landen staan niet bekend om hun constante boosheid. Of misschien heeft dit te maken met Joods Actueel, een nieuw maandblad dat twee jaar geleden het licht zag. Tot dan hoorde je de Vlaamse Joden nauwelijks, nu is dat duidelijk anders. Maar is het wel juist om Joods Actueel te vereenzelvigen met de 'algehele' Joodse Gemeenschap en is dat blad dan fout bezig? Is het niet net de taak van een persmedium om kritische vragen te stellen en opiniestukken te schrijven?
   
 
Wij van Joods Actueel laten geen kans onbenut om te stellen dat we geen vertegenwoordiger zijn van de Joodse gemeenschap. Het is niet omdat wij berichten over Joodse aangelegenheden dat wij de Joodse gemeenschap zijn. Het is toch de evidentie zelve dat de Gazet van Antwerpen niet de vertegenwoordiger is van alle Antwerpenaren, evenmin als je kunt stellen dat Le ParisienThe Washington Post en de Frankfurter Algemeiner de spreekbuizen zijn van de respectievelijke gemeenschappen vermeld in hun titel. Waarom zou dat dan anders zijn voor Joods Actueel?
 

En toch, onlangs gebeurde het voor de zoveelste keer, op donderdag 9 april pakte De Morgen uit met voorpaginanieuws 'Joden boos op Vlaamse Opera'. In de inleiding kon je lezen: 'De Joodse gemeenschap in België is wederom in zijn wiek geschoten'. Maar wie het artikel in zijn geheel leest ziet dat het helemaal niet gaat om een reactie van de Joodse gemeenschap maar om een opiniestuk uit… Joods Actueel. De Morgen trok daarbij zelf de conclusie dat Joods Actueel, een onafhankelijk maandblad, de hele Joodse gemeenschap van ons land vertegenwoordigt! Een verdraaiing van de feiten om een mooie krantenkop te creëren, zo lijkt het. Want zeg nu zelf, een voorpaginatitel 'Opiniestuk in Joods Actueel kritisch over Vlaamse Opera' komt nogal absurd over.

 
Het is overigens niet alleen Joods Actueel dat met dit fenomeen geconfronteerd wordt, ook als het Simon Wiesenthal Centrum in de VS, de CCOJB in Brussel of een prominent lid van de Joodse gemeenschap een communiqué of lezersbrief versturen wordt steevast gewag gemaakt van 'de Joden' of 'de gemeenschap'. Maar wie Joodse mensen ook maar een klein beetje kent, weet dat er voor elke twee Joden wel drie meningen bestaan. Heus waar, het staat bij ons iedereen vrij een eigen mening te hebben/ verkondigen. Maar wat thans gebeurt is dat iedereen van de Joodse gemeenschap een mening wordt aangewreven ook al hebben ze daar nooit om gevraagd

Een kop 'boze Joden' verkoopt nu eenmaal beter. Dat heeft een journalist van Het Nieuwsblad onlangs nog schoorvoetend toegegeven aan ons na de hetze rond de misvieringen op de VRT. Want ook daar had Joods Actueel (wederom niet de Joodse gemeenschap) niet anders gedaan dan een kritische vraagstelling gepropageerd. 

Dat dit geen exclusief probleem is van de geschreven pers blijkt uit volgende anekdote. Toen enkele maanden geleden de rel rond 'Plat Préfére' uitbrak, werd hoofdredacteur Michael Freilich opgebeld door de eindredacteur van Terzake. 'Of hij niet naar de studio wou komen voor een reactie'? 'Dat ging niet', zei Freilich, 'ik zit in het buitenland'. Maar hij kon wel François De Coster vragen, de man was zelf gedeporteerd naar Buchenwald (zijn vader en broer lieten er het leven) en was voorzitter van de vereniging van Belgische politieke gevangenen. Hij legde uit aan de journalist van Terzake dat het protest over de 'Plat Préfére' van Hitler aanvankelijk van die vereniging kwam. 'Of de man een Jood is', was de volgende vraag. 'Neen dat is hij niet', luidde de repliek. 'Dan zoeken we wel iemand anders want we willen focussen op de lichtgeraaktheid van de Joden', luidde het aan de andere kant van de lijn.

 
Een tweede bedenking die je kunt maken is waarom de pers het steevast heeft over 'boze Joden'? Ter vergelijking, als we de krantenkoppen van de voorbije weken over Bert Anciaux nalezen leren we dat hij 'niet mals is voor…, kritiek uit op…, misnoegd is over…, uithaalt naar…, betreurt dat…, ongelukkig is met…', enz. Stel je eens voor dat telkens het woordje 'boos' werd gebruikt? Dan zou hij zich al snel belachelijk maken. Je kunt in een open democratie toch perfect je mening geven zonder daar boos voor te moeten zijn? Geldt dat niet nog meer voor een persmedium wiens taak het net is om beargumenteerde kritische vraagstellingen en opinies te poneren? 

Schrijver Tom Naegels trok in De Standaard wel de juiste conclusies uit dit operaverhaal: “Lees dat stuk van Guido Joris (de man die het kritisch operastuk schreef in Joods Actueel, nvdr.): die man is helemaal niet boos, laat staan beledigd. Hij heeft enkel gedaan wat ik nu al zeven jaar elke week voor deze krant doe: een mening opschrijven. Van mij heeft nog nooit iemand gezegd dat ik lichtgeraakt ben, of dat 'de Vlamingen' boos zijn. Ik vind ook dat Joods Actueel zich soms belachelijk maakt. Maar het gaat om één blad, niet om 'joden', en dat blad is niet 'boos' maar doet aan kritiek, zoals volwassen mensen in alle bladen dat doen.” 
 
Het effect van de huidige berichtgeving resulteert in het stigmatiseren en ridiculiseren van een hele bevolkingsgroep. Je moet er de resem anti-Joodse en vaak zelfs racistische lezersreacties maar eens op nalezen op het Internet bij het verschijnen van de zoveelste misleidende kop. Want ja, dat wekt zeer zeker wrevel op, “daar zijn ze weer die boze Joden”. En waar leidt dit allemaal toe? Tot het beknotten van de vrije meningsuiting. Joods Actueel zal zich enkel nog 'mogen' beperken tot het brengen van droge nieuwsfeiten: opiniepagina's, kritische vragen en de traditionele Joodse debatcultuur moeten allemaal wijken. 
 
 
Om Naegels nogmaals te citeren: “Beargumenteerde kritiek wordt voorgesteld als een emotionele reactie. 'U bent boos, beledigd, kortom op uw teen getrapt', schrijft Het Laatste Nieuws-columniste Hilde Sabbe… Je kunt de kritiek van Joods Actueel geslaagd of dom vinden, maar het is goed dat ze er is. Joods Actueel vervult een rol die niemand anders op zich neemt. Er zouden nog meer van die bladen mogen zijn. Misschien dat onze kunstenaars en mediamensen, er zo van overtuigd dat wat zij doen zelfs niet in vraag mag worden gesteld, eens leren wat dat is, vrijheid van meningsuiting.”
 
 
Ter afsluiting nog dit. Joods Actueel bereikt ook een heleboel niet-Joodse lezers. Mensen die meer willen afweten van het Jodendom, een ander geluid willen horen over het Midden-Oostenconflict of gewoon omdat de Joodse gemeenschap hen nauw aan het hart ligt. Ook onze redactie telt heel wat niet-Joodse medewerkers. En ja hoor, Guido Joris, de man die het kritisch artikel neerpende over de Vlaamse Opera is zelf… niet-Joods! Hopelijk is hiermee de, trouwens exclusief Vlaamse, mythe van 'boze Joden' voor eens en altijd doorprikt. 

Het lijkt ons hoogtijd dat hoofd- en eindredacteurs hun maatschappelijke verantwoordelijkheid inzien en aan meer denken dan een krantenkop die verkoopt ongeacht of die kop wel juist is. 

Thérèse Davids, Algemeen Directeur 
Michael Freilich, Hoofdredacteur

Joods Actueel

Ons parlement wil champetteren

Belgische politici vonden het nodig om een resolutie te laten stemmen in het parlement.

Kop van jut: de paus, omwille van zijn uitspraak over AIDS in Afrika, die trouwens door vele mensen met kennis van zaken bevestigd wordt. De Belgische politieke condoomlobby moet weer gedacht hebben: "eerst BLA BLA BLA ... in de Kamer".

Wilt u reageren? Dat kan! Klik hier

Abortuscijfers

Kris Vleugels, 26 maart 2009

 

Nog maar eens blijkt dat wat men beweert in de media en in de politiek, vaak het tegegestelde van de waarheid is. Destijds werd gezegd dat er een abortuswet moest komen om  het aantal abortussen in te dijken. Immers, zo stelde men, het aantal illegale abortussen is niet te controleren. Zodra abortus wordt gereglementeerd en in sommige gevallen toegestaan, ga je de abortuscijfers spectaculair zien dalen, tenminste na een inlooptijd...

Wel, ik kan stellen dat die inlooptijd ruim verstreken is en vandaag stijgt het aantal legale abortussen nog sterker dan tien jaar geleden. 2 abortussen per uur. 51 per dag, 18.705 per jaar! Legale, want ook de illegale abortussen hielden niet op te bestaan...

Een tweede argument dat men toen aanhaalde was de uitzondering: "Wat zou je zeggen als jouw dochter verkracht was en een gehandicapt kindje verwachtte?" De "noodsituaties" die vandaag worden aangebracht om een abortus te verantwoorden hebben in bijna 100% van de gevallen niets te maken met een handicap of een verkrachting.

Is het niet stilaan tijd voor bezinning (en belijdenis)?

Waanzinnig geweld

Kris Vleugels, 14 maart 2009

 

Nadat de eerste ontzetting over de verschrikkelijke gebeurtenissen in de buurt van Stuttgard is gaan liggen, blijft de vraag hoe we zulke drama's kunnen vermijden. Gisteren hoorde ik op de radio, vlak na het nieuwsbericht over de dader, die zich bezighield met gewelddadige games, een reclamespot voor een gewelddadig programma op TV. Slecht getimed? Natuurlijk, maar de kans is niet klein dat dit soort ongewilde combinaties zich voordoen. De media spelen immers een belangrijke rol in het propageren en het aanklagen van onrecht en waanzin. We moeten ons met z'n allen bezinnen hoe lang we de propaganda van geweld en de toelaatbaarheid van de verschrikkelijkste moordgames voor onze jeugd nog aankunnen. De kleinste kinderen groeien op voor de PC, waar ze wordt geleerd dat het een spelletje is om mensen 'uit te schakelen'. Moeten we er dan van opkijken dat iemand, bij wie de stoppen doorslaan, zich al lange tijd heeft 'voorbereid' om een slachting aan te richten?

Een tweede fenomeen is de groeiende vereenzaming bij de jeugd. Eenzaten kunnen gevaarlijk worden, al is het in uitzonderlijke gevallen, zo blijkt maar weer. We hebben het familieleven ondermijnd en alles opgeofferd aan de groeiende economie, we hebben de huwelijken gedevalueerd en de gezinnen verwaarloosd. We oogsten wat we hebben gezaaid...

 

Faith in Europe - Sidelined or Simmering?

 

John Baker  

March 13, 2009

 

In commenting on the current financial crisis, Nicolas Sarkozy, President of France, said: "I believe in the creative force of capitalism, but I am convinced that capitalism cannot survive without an ethic, without respect for a number of spiritual values ..." (Time, 2nd February 2009)
Ursula von der Leyen
This remark is one of many made by a man whose sometimes colourful public profile, does not obviously hint at such deeper thoughts and who runs a state which is one of the few which constitutionally declares that it is Secular.

He commented on the changes wrought by the upheavals of 1968, saying that "intellectual and moral relativism" had been imposed on France. It had spawned "those who had said that anything goes; that authority, good manners and respect were out of fashion; that nothing was sacred, nothing admirable; that there were no rules and no standards; and that nothing was forbidden".

This type of comment is being heard more frequently from European leaders and suggests a growing realisation that society without any reference to faith, may not be able to function effectively.

Paradoxically, whilst the advances of secularism, under the guise of political correctness, get prominent headlines (a UK community nurse being suspended after offering to pray for a patient's recovery before being reinstated; a primary school receptionist facing disciplinary action as a result of sending out an e-mail asking friends to pray for her daughter), there are prominent examples of European leaders who are guided by their Christian faith, as recent press comment from a variety of sources highlights:

Angela Merkel, German Chancellor: "is a professing 'Christian' who explicitly supports Europe's Christian roots, a thing that no other German top-politician has publicly done before". "She believes that Europe's 'Christian values' should be enshrined in a new version of the EU constitution."

The German family affairs minister
, made no secret of her faith when she announced a "covenant for the upbringing of children" based on traditional Christian values, an event unimaginable in the United States even under the presidency of George W. Bush.

Gordon Brown, British Prime Minister: "Even more so than with Blair, Christianity is at the centre of the incoming PM's world-view" (The Independent Newspaper)

Tony Blair, Envoy to the Middle East, addressing the Washington Prayer Breakfast: "From without, religious faith is assailed by an increasingly aggressive secularism, which derides faith as contrary to reason and defines faith by conflict.....I believe restoring religious faith to its rightful place, as the guide to our world and its future, is itself of the essence. The 21st Century will be poorer in spirit, meaner in ambition, less disciplined in conscience, if it is not under the guardianship of faith in God... I only say that there are limits to humanism and beyond those limits God and only God can work. We can perform acts of mercy, but only God can lend them dignity. We can forgive, but only God forgives completely in the full knowledge of our sin. And only through God comes grace; and it is God's grace that is unique".

These are small but nevertheless, significant straws of evidence that the Christian Renaissance project, aimed as it is at re-establishing the credibility of the Christian voice in the public square and the marketplace, is right for the times and seeks to answer the questions now being raised.

Obama en stamcelonderzoek

Hoop voor zieken.

Jos Duchâtelet

10 maart 2008

 

De tijd dat ideologie de wetenschap dicteert, beloofde Obama gisteren, is voorbij, dit in verband met het meer openstellen van stamcelonderzoek gebaseerd op embryonaal gewonnen stamcellen.

Het is maar hoe je het bekijkt: Meer behoudende strekkingen die het vernietigen van embryo's zien als een aantasting van het recht op leven worden in het artikel volledig in de hoek geduwd, door een ideologisch eenzijdig artikel.  Is het de bedoeling van Evita Neefs dat haar artikel geen enkele invloed zou hebben op het wetenschappelijk onderzoek dat wel, en op het wetenschappelijk onderzoek dat niet gesubsidieerd wordt?

 

Want daar gaat het in wezen om: Onderzoek op stamcellen die niet gewonnen worden uit embryo's bestaat ook, er zijn nergens morele bezwaren tegen, net zo min als er bezwaren zijn tegen onderzoek waar geen dierenleed aan te pas komt.

 

En er is in feite wel veel meer aan de hand: de tijd dat het voeren van wetenschappelijk onderzoek, en vooral gesubsidieerd wetenschappelijk onderzoek geen enkele morele justificatie a priori nodig had en verantwoording a posteriori diende af te leggen, die is wel degelijk voorbij, alle Obama-hype ten spijt.

 

In tijden van economische crisis en klimaatontsporing is er zoiets als een morele 'kosten/baten' analyse nodig.

De kosten zijn dan de teloorgang van duidelijkheid inzake morele inzichten op het persoonlijke vlak zoals 'de verdediging van de zwaksten eerst' de 'onschendbaarheid van het leven'.

Als overheid, wetenschappers, geneesheren (we spreken hierbij dan ook van abortus, waarvan embryonaal onderzoek een uitloper van is)  daar geen problemen mee hebben is dat voor velen het teken dat ook voor hen de grenzen mogen verlegd worden.

Om die kosten te meten zou wetenschappelijk onderzoek moeten bekostigd worden.

Bij onmogelijkheid zou men best het morele voorzorgsprincipe in acht nemen.

Het artikel beperkt zich tot het citeren van meningen, voorgesteld als wetenschappelijk gezaghebbend, terwijl ze  voornamelijk  de publieke en privé financiering van het eigen onderzoek voor ogen hebben.

Laat ons duidelijk zijn: De kans is buitengewoon groot in de context van een duurzaam eerlijk economisch stelsel dat het resultaat een bijkomende dure tak van de geneeskunde wordt, die onbeschikbaar zal zijn voor het grootste deel van de wereldbevolking.

 

Als de wetenschappers en de politiek niet gaan vertrekken van het idee dat zij prioritair moeten bijdragen aan de meest dringende onrechtvaardigheden,  de bescherming van de meest kwetsbaren, en de minst aaibaren horen daarbij, dan dreigt de algehele chaos, opgezweept door nationalistisch en corporatistisch eigenbelang.

 

De tijdsgeest is nog steeds deze van het puberale postmoderne 'het is verboden te verbieden' dat nergens nog financiêle noch morele beperkingen zag. Meer en meer mensen zijn het echter beu  dat het enige opgeheven vingertje, dat nog toegang krijgt tot de media, dit is van mensen die menen dat morele bezwaren hebben gelijk staat met dwangneurotisch denken.

Geschiedvervalsing

C'axent conservatief?

8 oktober 2009 - Kris Vleugels

 

Is C'axent conservatief, zoals de beweging vaak in de media wordt afgeschilderd?

 

Als het conservatief is om op te komen voor onze leefomgeving, om ons milieu zuiver te houden en de schepping te bewaren (conserveren), dan zijn wij conservatief. Maar dan is Groen! dat ook.

 

Als het conservatief is om niet te dulden dat er aan onze sociale zekerheid gemorreld wordt, ten koste van de zwakste in de samenleving, dan zijn wij conservatief. Het is tenslotte het behoud van verworven rechten, nietwaar? Maar dan zijn we dat samen met de socialisten.

 

Is het conservatief om vast te houden aan de solidariteit met die delen van de wereld, waar het moeilijker is om te (over)leven? Als het conservatief is om te hameren op het bereiken van de millenniumdoelen tegen armoede en het besteden van minimum 0,7% van ons BBP aan ontwikkelingssamenwerking, dan is C'axent conservatief, samen met een heleboel organisaties die al decennia ijveren voor een betere verdeling van de rijkdom.

 

Als wij echter staan voor waarden zoals liefde en trouw, als wij het belang van het huwelijk als de meest stabile relatie willen benadrukken en dat huwelijk willen promoten en ondersteunen, als wij onze jeugd waarden willen meegeven die leiden tot een harmonieus leven en een vredevolle samenleving, als wij het menselijk leven verdedigen van conceptie tot natuurlijke dood, dan is dat met het oog op de komende generaties.

Wij willen niet dat onze kinderen en kleinkinderen moeten leven in een wereld waar mensen niet liefdevol voor elkaar zorgen en de problemen oplossen door ze 'weg te doen'. De toekomst is aan de relaties. Ik zou dat eerder progressief noemen, want we hebben nog een hele weg te gaan....

 

Solidair met Gaza

C'axent, 7 januari 2009 - Kris Vleugels

Ik wil mijn solidariteit uitdrukken met de Palestijnse bevolking van Gaza.
Met name met al de onschuldige burgers die al jaren te lijden hebben onder de niets ontziende onderdrukking door Hamas.
Met die mensen, die – wanneer ze door Westerse camera’s gefilmd en door Westerse journalisten ondervraagd worden – in doodsangst niet anders durven dan Israël de schuld te geven van alles wat er misloopt, om te vermijden dat ze even later in een steegje van Gaza stad worden gevonden, zoals de honderden anderen, die omwille van collaboratie met Israël zijn uitgeschakeld.
Ik ben solidair met de vele Palestijnse christenen, die al veel te vaak zijn geïntimideerd en mishandeld door extremisten van hun eigen volk: hun huizen of zaken werden verwoest en zijzelf vernederd en ontheemd, of erger…
Ik ben solidair met al de onschuldige Palestijnen - volwassenen, maar vooral kinderen - in Gaza stad, die als levend schild worden gebruikt om ongestraft Israël te kunnen bestoken met kogels en bommen, zodat er niet gereageerd kan worden zonder de burgerbevolking te treffen, waarna Hamas klaarstaat met camera’s om te tonen hoe Israëlische soldaten op de burgerbevolking schieten.
Ik ben solidair met de vele Palestijnen wiens familiaal leven wordt verwoest door het opeisen van hun woning om als bunker dienst te doen voor Hamas om dezelfde reden als hierboven beschreven.
Ik heb te doen met de moeders en vaders wiens zonen door extremisten zijn geïndoctrineerd in hun opleidingskampen, zodat ze als kamikazes een zekere dood tegemoet gaan.
Ik heb te doen met de 70% van de bevolking van Gaza, die liefst Hamas zou ruilen voor Israël, maar daarover niet durft te spreken in het openbaar.
Wanneer zal dit onrecht stoppen?

Kris Vleugels


 

Citaat: Antoine de Saint-Exupéry

"Als de mensen goddeloos worden, dan zijn

 - de regeringen radeloos;

- de leugens grenzeloos;

- de schulden talloos;

- de besprekingen uitzichtloos;

- de politiekers karakterloos;

- de christenen gebedsloos;

- de kerken krachteloos;

- de volkeren vredeloos;

- de zeden teugelloos;

- de mode schaamteloos;

- de conferenties eindeloos;

- de vooruitzichten troosteloos."

                                   

Torfs' biechtstoel is ook niet alles. Pleidooi voor de vranke ontmoeting als preventie tegen geestelijke on-gezondheid

Op 10 februari heb ik met de gewone grote belangstelling de column van Rik Torfs gelezen, deze keer getiteld “Beroepsgeheim”. Naar gewoonte maakt hij zijn punt bijzonder goed. Hij zal ongetwijfeld vele mensen verrassen met zijn inkijkje op het belang van geheime kamers, bij dokters of priesters, misschien zal zelfs Renaat Landuyt even opkijken. (zie bijlage).

 

En toch geloof ik Rik niet.

 

Hij is namelijk zelf het grote tegenvoorbeeld van wat hij schrijft: hij doet elke donderdag een nieuwe, publieke biecht. Het is ongelofelijk hoeveel wij van het persoonlijke leven, van oude misstapjes en diepe gevoelens vernemen in columns, romans, interviews in kranten en tijdschriften en in tv-interviews. Want laten wij wel wezen, Torfs is niet de enige die heeft weten te overleven zonder ooit de biechtstoel binnen te gaan; het bulkt, gelukkig, van de openhartige, moedige, transparante schrijvers, toneelmakers, journalisten, politici. En trouwens… huismoeders, imkers, boeren, koks, cafégangers en noem maar op, het volstaat Man bijt Hond te bekijken. Een sterk voorbeeld is de ongelofelijk openhartige ontmoeting met Oscar van den Boogaard in de krant van twee weken geleden (22 januari), getiteld “Eeerlijkheid is het gemakkelijkste dat er is” waarin die schrijver zelfs durft vertellen dat zijn “moeder haar seksuele gevoelens projecteerde op haar kinderen”. Lees: dat zij hen misbruikte. Het contrast met de complete volksstammen die stom en doof bij de halte staan of bij (?) elkaar zitten op trein, tram en bus kon niet groter zijn. In bussen in exotische continenten, van de bergen van Peru tot de woestijnen van Nigeria, gaat het er heel wat vrolijker aan toe. Gewoon menselijker dus.

 

Als wij onze blik richten op andere samenlevingen dan de onze, wellicht nog minder decadente culturen volgens de definitie van de heer Torfs: samenlevingen die er nog minder voor kiezen zichzelf te bedriegen, zien wij inderdaad een heel ander beeld dan wat Torfs voorstaat. Tijdens een televisie-interview op het einde van vorig jaar merkte de voormalige Vlaamse politicus Johan Van Hecke die nu een hotel uitbaat in Kampala, Uganda, het op: “Ik ben hier graag omwille van de ontmoetingen: de mensen zijn hier spontaan, de gesprekken intens”. In de gesprekken met mijn vrienden en vriendinnen uit Kameroen, Congo, Uganda, Nigeria en Zuid-Afrika, gaat her er nooit saai aan toe. Linda, een jonge moeder uit Kameroen stelde het onlangs zo: “Door uit te drukken wat er werkelijk in je hart en geest leeft, “you stay the boss of your life””. Of dat nu gaat over je huwelijksplannen, je armoede, of de nakende dood van je oom. “De gesprekken met etnische blanke Belgen zijn vaak zo saai”.

 

Nog een derde perspectief wijst in dezelfde richting: dat wij veel dapperder moeten worden in het spreken, in het ontmoeten, wij de Belgen. De menswetenschappen, de humanistische psychologie, heeft voor haar therapeutische methodiek één grote kerngedachte die wij lapidair zouden kunnen samenvatten als: “Expressie is het beste middel tegen depressie”. De kern van alle therapie, of het nu gesprekstherapie betreft, of knutselen, of sporten, of dansen: het gaat er steeds om dat je iets van wat in je leeft of gewrongen zit in je binnenste, naar buiten brengt. De grote psycholoog, seksuoloog en filosoof Piet Nijs benadrukt al dertig jaar dat daarom “de ont  -moeting” zo wezenlijk is in het leven van een mens: daar vind op dagdagelijks, basaal niveau “therapie” plaats. Tijdens de ont-moeting moet er niets, er wordt dan ook geen economische meerwaarde geschapen, maar de mensen geven in het aanwezig zijn en het spreken en luisteren, elkaar koninklijke kansen om meer mens te worden. Om als persoon te groeien, rijper te worden. Om gezond te blijven. Om geen “hettefretter” te worden, om “zijn kas niet op te vreten”.

 

Wij hebben niet zozeer biechtstoelen met gordijntjes in een donkere hoek van een kille kerk nodig, maar de herontdekking van de moed om te spreken tegen elkaar. Gedaan met al dat infotainment, laten wij het gewone kletsmajoorsniveau wat vaker overstijgen. Laten wij terug goede gesprekken leren voeren over wat er echt leeft, ook over de vragen die er in ons binnenste knagen. Het grootste geschenk van God is niet de biechtvader, de advocaat of de geneesheer, maar de medemens. En de tong, de stem, de ogen, die spiegels van de ziel. En het recht op vrije meningsuiting, net wat u zegt. De grootste vijanden zijn niet zij die transparantie eisen over seksuele misdaden, zoals Renaat Landuyt in de betreffende commissie, maar onze eigen verslaving aan televisie en aan de auto.  Dat zijn op de historische schaal van de menswording nieuwerwetse tuigen die ons op sluipende wijze onze ontmoetings-bekwaamheid aan het ontstelen zijn, nu al een halve eeuw lang. Of is het gewoon de volksaard, timide en gesloten na eeuwenlang de ene golf overheersers na de andere over ons heen te krijgen?

 

Stefaan Hublou Solfrian, historicus, gewezen Tele-Onthaal-hulpverlener, Leuven

 

Ingezonden aan De Standaard op 10 februari ’11

 

--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Bovenkant formulier

Error! Filename not specified.

Beroepsgeheim

  • donderdag 10 februari 2011, 05u00

Error! Filename not specified.

Moet binnenkort iedereen die van seksueel misbruik op de hoogte is daar aangifte van doen? Ja, als het van de nieuwe moraalridders afhangt. De hogepriesters van het heidendom die zich als kerkvorsten gedragen. Beleven we het einde van het biecht- en het beroepsgeheim? Zou kunnen. Leiden meer aangiftes tot minder tuig op straat, tot een veiliger samenleving? Daar geloof ik niets van.

Laten we beginnen met het biechtgeheim, met canon 983 §1 van het kerkelijk wetboek: 'Het biechtgeheim is onschendbaar, daarom is het de biechtvader ten strengste verboden met woorden of op welke andere wijze en om welke reden ook over de boeteling ook maar iets bekend te maken.' De straf voor de overtreder is niet mals: excommunicatie van rechtswege (canon 1388 §1). Binnenkort moet de priester misschien kiezen tussen een burgerlijke straf als hij zwijgt en een kerkelijke als hij spreekt.

Het biechtgeheim hangt samen met de sacramentele biecht. Gewoon een praatje met een priester, op café of in de pastorie, volstaat dus niet. Vandaag wordt er erg weinig gebiecht, en dan nog vooral door oudere dames van wie de zondigheid niet meteen afspat. Al weet je maar nooit. Moordenaressen vermommen zich subtieler dan moordenaars.

Zelf ben ik niet zo'n fan van de biecht. Ik herinner mij een pijnlijk moment in 1971, toen wij in de klas werden uitgenodigd om individueel onze zonden te belijden. Er stonden vier biechtstoelen. We konden kiezen tussen de prefect, de directeur, onze klasleraar en de zogenaamde vreemde biechtvader. Die moesten we hebben. Hij liep godzijdank niet dagelijks op de speelplaats rond. Helaas, hij daagde niet op. De andere drie waren er wel. Toch sloeg ik de biecht over, wat ik ben blijven doen. In plaats van veel te biechten kan ik proberen om weinig te zondigen, dacht ik toen. Ook dat mislukte.

Biechten is zelden het favoriete tijdverdrijf van de grootste criminelen. In Vlaanderen toch. Want over de Siciliaanse maffia spreek ik mij niet uit. En Silvio Berlusconi zie ik ook wel in een biechtstoel verdwijnen, al was het maar om zijn macht te vergroten. Boetvaardigheid kan een uitgekiende strategie zijn. Waarom zouden politieke leiders zich anders uitsloven om voor allerlei fouten uit een ver verleden hun excuses aan te bieden?

En toch. Al komt de biecht in de praktijk weinig voor, ze blijft een fantastische uitvinding. Wie biecht, heeft recht op mentaal asiel. Hoe groot de geleden pijn ook was, hoe goor het verleden, wat iemand biecht gaat nooit naar buiten. Niet soms. Nooit. Tegenover het grote zwijgen staat de opluchting van de bekentenis. En ja, misschien is de biechteling wel een moordenaar. Dan is het aan de priester om hem ervan te overtuigen zichzelf aan te geven. Een kans die niemand krijgt wanneer de biecht niet plaatsvindt. Want laten we niet onnozel doen. Wie zou er in de biechtstoel een misdrijf bekennen als hij niet heel zeker was van geheimhouding? Zonder biechtgeheim geen biecht.

Het beroepsgeheim van artsen, advocaten, therapeuten, priesters of kerkjuristen is minder absoluut dan het biechtgeheim. Maar het is ook ongelooflijk waardevol. Het verdient eerder meer bescherming dan minder. Een slachtoffer kan een vertrouwensarts uitdrukkelijk vragen om met de feiten niet naar de politie te stappen. Een dader probeert vaak om zichzelf via een therapeutische relatie weer op het juiste spoor te krijgen. Zouden al die mensen artsen of psychiaters opzoeken zonder de bescherming van het beroepsgeheim? Welnee. Dan kunnen ze beter meteen oom agent onder de arm nemen. Of naar het parket gaan. Wat ze niet willen.

Wie vandaag pleit voor een ruime aangifteplicht, doet dat onder het mom van bestrijding van seksueel misbruik. Soms met goede bedoelingen. Maar tegelijk maakt hij een keuze voor een maatschappij waarin bestraffing van het misdrijf primeert op de gevoelens van het slachtoffer en de bescherming van de samenleving. Als er geen plaatsen meer zijn waar mentaal asiel wordt verleend, in de biechtstoel of in de consultatiekamer, rest ons slechts de cultuur van het grote zwijgen. Waarin daders in stilte broeden op nieuwe misdrijven. Waarin slachtoffers met niemand kunnen delen wat hun leven heeft getekend. Waarin de oorverdovende stilte niet op rust wijst, maar op verborgen spanningen die plotseling kunnen en zullen ontploffen.

Kiezen wij voor een samenleving die zichzelf bedriegt, het kenmerk bij uitstek van decadentie?

Rik Torfs is professor kerkelijk recht en CD&V'er. Zijn column verschijnt elke donderdag.

Joodse gemeenschap razend op De Wever

Bron: DM, 30/10/07

 

De Joodse gemeenschap is razend op N-VA-voorzitter Bart De Wever, die de excuses van burgemeester Patrick Janssens voor de betrokkenheid van de Antwerpse stadsdiensten bij de Holocaust maar niets vindt. "De Wever spuwt ons in het gezicht", zegt Michael Freilich, hoofdredacteur van Joods Actueel. Vooral het feit dat De Wever liet verstaan dat de excuses niet nodig waren, stuit de Joodse gemeenschap tegen de borst.

"In Brussel en Gent weigerden de burgemeesters hulp aan de nazi's", zegt Freilich. "In Antwerpen is het duidelijk anders gelopen, zo blijkt uit het Soma-rapport (de aanleiding voor de excuses, GoV). De excuses zijn meer dan terecht."

De Wever vindt dat Janssens de Holocaust misbruikt in zijn strijd tegen het Vlaams Belang, terwijl Israël in Palestina "technieken gebruikt die me aan dat duistere verleden doen terugdenken".
"Hoe kan een toppoliticus zoiets zeggen?", vraagt Freilich zich af. "Ik wil wel eens weten wat Yves Leterme hiervan denkt."

Ook MR-Kamerlid Denis Ducarme heeft vragen bij de tussenkomst van De Wever: "Alle democraten moeten zich ernstig zorgen beginnen te maken over deze vorm van nationalisme bij N-VA." (dm)

www.caxent.be
Christelijke Politieke Beweging